Wat je zegt ben je zelf – Maarten Keulemans bekritiseert de schrijver, niet het boek

Het net verschenen boek “De Twijfelbrigade” van Jan Paul van Soest, was voor Maarten Keulemans aanleiding voor een blogstukje. Een schrijfsel met een hoog wat-je-zegt-ben-je-zelf-gehalte. Waar de meeste mensen aan het begin van hun tienerjaren tot het inzicht komen dat er veel betere argumenten zijn dan een “tu quoque”, lijkt de chef wetenschap van De Volkskrant best trots te zijn op zijn gebruik van de meest kinderachtige der drogredenen. Nu zou dat nog een beetje te begrijpen zijn, als hij er in geslaagd was een uitzonderlijk staaltje hypocrisie bloot te leggen. Dat is niet zo. Hij heeft slechts stropoppen.

Keulemans constateert dat Jan Paul van Soest, evenals verschillende betrokkenen bij zijn boek en de presentatie daarvan, ondernemers zijn die verdienen aan duurzaamheid. Veel journalistiek onderzoekswerk heeft hij niet hoeven doen voor die constatering: deze mensen komen daar namelijk altijd rond voor uit bij hun publieke publicaties of presentaties. Dat ze hun geld verdienen met een onderwerp waar ze mee begaan zijn kan ook geen probleem zijn: wie van schrijven houdt wordt journalist, wie het onbegrijpelijke wil begrijpen wordt kwantumfysicus, wie in geld geïnteresseerd is wordt bankier of accountant en wie duurzaamheid belangrijk vindt wordt duurzaam ondernemer. En zoals de journalist verstand heeft van journalistiek, de kwantumfysicus van kwantumfysica en de bankier en de accountant van geld, weet de duurzaam ondernemer het een en ander van duurzaamheid. Zijn inzichten en meningen hierover wil hij uitdragen; zijn keuze om de kost te verdienen met duurzaamheid vloeit immers voort uit zijn betrokkenheid. Daar kun je moeilijk iets tegen hebben, toch?

Misschien denkt Maarten Keulemans dat Jan Paul van Soest bedrijven of personen die belang hebben bij fossiele brandstoffen het recht wil ontzeggen om voor zichzelf op te komen. Dat heeft hij dan verkeerd begrepen. Het gaat er helemaal niet om dat belanghebbenden voor zichzelf opkomen, het punt is dat ze niet met open vizier strijden: ze verbergen zich achter allerlei “denktanks” en “instituten”, ze verdraaien de wetenschap en brengen zelf pseudowetenschappelijke artikelen en rapporten uit, ze besmeuren en belasteren wetenschappers die alleen maar hun werk doen, enzovoort. Vindt Maarten Keulemans dat zulke praktijken niet blootgelegd mogen worden? Of, nog erger, insinueert hij nu dat de duurzaam ondernemers die hij met naam en toenaam noemt het ook niet zo nauw nemen met de wetenschappelijke feiten en moraal?

Dan volgt de overbekende stropop over onheilsprofeten – dit keer duurzaam ondernemers – die hel, verdoemenis en het einde der tijden zouden verkondigen, vergezeld door de even bekende valse tegenstelling: zolang we niet “niet in rap en voorspelbaar tempo opmarcheren naar de afgrond”, valt het allemaal reuze mee. Het is Keulemans al eerder uitgelegd dat degenen die voor duurzaamheid pleiten meestal juist optimisten zijn: ze zijn er van overtuigd dat we iets aan het probleem van de klimaatverandering kunnen doen zonder onverantwoord grote offers te brengen, als we tenminste bereid zijn de risico’s onder ogen te zien. Duurzaam ondernemers geloven daar zo in, dat ze er hun leven van hebben gemaakt. Lees verder

De Twijfelbrigade

Jan Paul van Soest is bij de regelmatige bezoeker van Klimaatverandering waarschijnlijk bekend (zie bijvoorbeeld dit gastblog). Jan Paul heeft een interessant nieuw boek geschreven over de achtergronden van de klimaatscepsis met als titel: De Twijfelbrigade. Het boek is vandaag gepresenteerd in De Balie in Amsterdam met aansluitend een debat onder leiding van Professor Pier Vellinga.


Lees verder

Klimaatsceptici krijgen geen poot aan de grond bij de opperrechters van Virginia

De tekening bij dit stuk is van Marije Mooren

Wie het een beetje volgt, weet dat de strijd tussen de klimaatwetenschap en de anti-klimaatwetenschap in de VS al een tijd niet alleen meer op internet en andere media wordt gevoerd, maar ook in de rechtszaal. In nogal wat rechtszaken is Michael Mann op één of andere manier betrokken. Dat heeft niet zo veel met zijn persoon of de kwaliteit van zijn werk te maken; het is een gevolg van wat Mann zelf de Serengeti strategie noemt. In plaats van de aanvallen op de volledige groep van klimaatwetenschappers – dat zijn er vele duizenden – te richten probeert men, zeker als het om laster of verdachtmakingen gaat, een of enkele individuen uit de groep te isoleren. Zoals leeuwen op de savanne niet een hele kudde proberen te vangen, maar één dier dat ze uit de kudde isoleren.

Mann is ooit als slachtoffer van deze strategie uitgekozen omdat hij hoofdauteur was van het artikel waarin de welbekende hockeystick werd gepubliceerd, en die hockeystick was in 2001 zeer prominent aanwezig in de berichtgeving van tal van media over het derde “assessment report” van het IPCC. De hockeystick werd een symbool voor het opwarmende klimaat, en daarmee werd Mann voor degenen die de (menselijke invloed op de) opwarming bagatelliseren het symbool van de wetenschap die zij met alle mogelijke middelen proberen te bestrijden. Dat Mann er niet het karakter naar heeft om zomaar over zich heen te laten lopen, heeft het vuurtje waarschijnlijk nog wat opgestookt.

atiattack

Lees verder

Toekomstige CO2-concentraties

Gastblog van Guido van der Werf

.Met simpel doortrekken van de ontwikkelingen van de laatste 15 jaar komen we dicht in de buurt van het hoogste IPCC scenario wat CO2 uitstoot betreft, het zogenaamde RCP8.5 scenario.
.Onzekerheden in hoeverre het land en oceanen CO2 blijven opnemen zijn belangrijk en vormen een van de grote onzekerheden wat toekomstige klimaatverandering betreft.
.­­•Ongeveer een kwart van de forcering van het RCP8.5 scenario zit in niet-CO2 factoren waarin met name methaan een belangrijke rol speelt.
.­­•Zelfs als je deze niet-CO2 factoren buiten beschouwing laat kom je met lage waardes van klimaatgevoeligheid rond of boven de 2 graden opwarming in 2100 uit. Het meenemen van deze factoren of hogere klimaatgevoeligheden leveren uiteraard meer opwarming op, en vice versa.

Om toekomstige klimaatverandering te berekenen zijn grofweg 4 factoren van belang: klimaatgevoeligheid, de netto klimaatforcering, de benodigde tijd om een nieuw evenwicht te bereiken, en natuurlijke factoren. De klimaatgevoeligheid heeft de laatste weken veel aandacht gekregen, met name vanwege een rapport van Nic Lewis en Marcel Crok waar een lagere klimaatgevoeligheid uit kwam dan de 1.5-4.5 graden opwarming per CO2 verdubbeling van het laatste IPCC rapport.

Dit blogbericht gaat over de klimaatforcering en dan met name over de toekomstige uitstoot en atmosferische concentratie van CO2. Met behulp van 8 grafieken laat ik zien wat voor factoren belangrijk zijn en wat de toekomstige CO2 concentratie zou kunnen zijn bij ‘business as usual’, oftewel bij geen mitigatie. Naast CO2 zijn er uiteraard ook andere factoren van belang inclusief emissies van methaan (CH4) en lachgas (N2O) maar die laat ik hier grotendeels buiten beschouwing.
Lees verder

No Climategate but Mitigate

Hier en daar kan je beluisteren dat het laatste IPCC rapport toch wel heel veel de nadruk legt op adaptatie in plaats van op mitigatie (het reduceren van emissies). Zoals Broer Konijn al enigszins ironisch opmerkt is dat wellicht niet zó merkwaardig, want wat staat er ook weer boven de WG II website:

WGII_topbanner

‘Adaptation’, o ja. En waar gaat het volgende rapport, WG III, dan over?

WGIII_topbanner

‘Mitigation’, heel juist. De rapporten van het IPCC buitelen inmiddels ook als konijnen over elkaar heen, zo snel gaat het. Zondag 13 April is om 11:00u de persconferentie ‘live’ in Berlijn te bekijken waar het WG III rapport over mitigatie openbaar gemaakt gaat worden:

http://melivemedia.s3.amazonaws.com/init20140413/player.html

Daar zijn wel een aantal stappen aan vooraf gegaan, zoals:

AR5 WG III Timeline

Van 7 t/m 12 april is er vergaderd over de Final Draft van de Summary for Policymakers die in februari verspreid is naar de Expert Reviewers en Government Reviewers. De auteurs van de verschillende hoofdstukken stellen de SPM samen en de Government Reviewers kijken of het begrijpelijk, helder en consistent verwoord is, en… “policy relevant but not policy prescriptive”. Vanmiddag om 13:00 uur is de SPM goedgekeurd door de Plenaire vergadering van alle IPCC landen:

Lees verder

Kerry Emanuel over “staartrisico” en “alarmisme”

In een vorige blogpost maakten we hier al melding van “What We Know”, een rapport plus website van de American Association for the Advancement of Science (AAAS) met een glasheldere stellingname over klimaatverandering als gevolg van menselijke activiteiten. Natuurlijk brandde de kritiek uit welbekende hoek al snel los. Kerry Emanuel, een van de auteurs, reageerde op Climate Change National Forum op de voorspelbare kritiek van onder meer Judith Curry en Roger Pielke sr.

Emanuel licht toe waarom de AAAS het van belang vindt aandacht te besteden aan het “staartrisico”: het ene uiterste in de kansverdeling met een (relatief) kleine kans, maar grote gevolgen.

Om dit begrip, waar we allemaal regelmatig mee te maken hebben, te illustreren haalt hij het voorbeeld aan van een achtjarig kind dat een straat over wil steken en een volwassen omstander om hulp vraagt. Zou die omstander het kind moeten adviseren om maar gewoon naar de andere kant te lopen, als de kans op een aanrijding 1% is? De kans dat het kind ongeschonden de overkant haalt is dan immers 99%. Toch is het evident dat het een slecht advies zou zijn. De gevolgen van een aanrijding zijn immers zo groot dat we dat risico niet willen nemen, al is de kans maar 1%.

Een ander voorbeeld, dat veel Nederlanders aan zal spreken, is dat van de kustverdediging. Het zou zinloos zijn geweest de deltawerken aan te leggen, als ze ontworpen waren op een gemiddelde stormvloed. De bedoeling is nu juist dat ze ook onder extreme omstandigheden bescherming bieden. Maar omdat absolute veiligheid nooit te garanderen is, worden de ontwerpcriteria vastgesteld via een afweging die zich in het risicostaartje afspeelt. De uitkomst is dat we, even voorbijgaand aan de nodige details en mitsen en maren, in Nederland accepteren dat er een staartrisico overblijft dat varieert van eens per 2000 tot eens per 10.000 jaar.

Het is duidelijk dat de staartrisico’s een cruciale rol kunnen spelen in risicomanagement en risicobeleid. Om een goede afweging te kunnen maken moet daarom het volledige spectrum van risico’s (voor zover bekend) meegenomen worden. En dus moeten wetenschappers dat volledige beeld presenteren. Ook klimaatwetenschappers, zoals Richard Alley ruim een jaar geleden in een presentatie op Stanford University betoogde, aan de hand van een ander voorbeeld uit het verkeer. Lees verder

Is de academische wereld het zat?

Er waren de afgelopen weken opvallend veel gevallen waarin vanuit de wetenschappelijke wereld onvoorwaardelijk stelling werd genomen voor de klimaatwetenschap, of voor wetenschappers die het mikpunt waren van de anti-campagne.

De Amerikaanse en Britse Academies van Wetenschappen gaven samen een publicatie uit waarin ze, zoals ze in hun nieuwsbericht zeggen, uitleg geven over het heldere bewijs dat mensen verantwoordelijk zijn voor verandering van het klimaat. De opzet van de uitgave, 20 vragen met antwoorden aangevuld met een beschrijving van de wetenschappelijke basis, maakt volstrekt duidelijk dat de bekende, steeds weer terugkerende argumenten van zelfverklaarde sceptici allang achterhaald zijn door de inzichten van de serieuze wetenschap, voor zover ze al ooit iets met serieuze wetenschap te maken hebben gehad. De twee vooraanstaande academies geven hiermee een duidelijk signaal af, zeker in de Angelsaksische wereld, waar de anti-klimaatwetenschap meer voet aan de grond heeft dan hier, bijvoorbeeld door de steun die men krijgt van de invloedrijke Murdoch-media.

Niet lang daarna kwam de American Association for the Advancement of Science – ze noemen zichzelf ietwat pompeus “the world’s largest non-government general science membership organization” en zijn uitgever van Science – met “What We Know: een rapport dat wordt vergezeld door een uitgebreide website. De AAAS benoemt het grote verschil dat er is tussen de wetenschappelijke kennis en de publieke perceptie, en spreekt in het nieuwsbericht over dit initiatief over uitzonderlijk sterk bewijs dat het klimaat verandert. Men maakt geen geheim van de boodschap die men uit wil dragen. Die bestaat uit drie punten:

  • De klimaatwetenschap is het er over eens: het klimaat verandert hier en nu.
  • We nemen het risico het klimaat in de richting te sturen van plotselinge, onvoorspelbare en mogelijk onomkeerbare veranderingen, met mogelijk zeer schadelijke gevolgen.
  • Hoe eerder we ingrijpen, hoe lager het risico en de kosten. En we kunnen veel doen.

Lees verder