De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (5)

Gastblogger Hans Custers behandelt “De 10 redenen waarom er geen klimaatcatastrofe komt” van Climategate.nl

5. 3x meer CO2 in de lucht is optimaal voor vergroening en meer landbouwopbrengst en biodiversiteit

devil and angel

Geen van beide plaatjes is de structuurformule van CO2

Planten hebben water nodig, Maar wie, zoals ik, niet zulke groene vingers heeft, weet dat veel planten eerder doodgaan van teveel water dan van te weinig. In de natuur bestaan er geen stoffen die alleen maar goed zijn; alles draait er altijd weer om evenwicht. Als we iets weten over het milieu, dan is het wel dat grote veranderingen in onze leefomgeving altijd onverwachte gevolgen hebben, en dat die gevolgen zelden alleen maar gunstig zijn. Heel logisch ook: in millennia van evolutie hebben zich ecosystemen ontwikkeld die optimaal functioneren in de situatie zoals die nu is, en niet in een situatie met drie keer zo veel CO2.

Eigenlijk geef ik dit punt nog te veel eer door er serieus op in te gaan. We hadden het toch over het klimaat? Al zou meer CO2 op zich goed zijn voor landbouw en biodiversiteit, dan zegt dat nog helemaal niets over de invloed op het klimaat. Laten we het er maar op houden dat dit punt afkomstig is uit Amerikaanse conservatieve kringen, waar de klimaatscepsis welig tiert. Daar deelt men de wereld graag volgens eenvoudige scheidslijnen in in good guys en bad guys. Sommigen gaan blijkbaar nog wat verder; die menen dat je ook heel simpel van good gases en bad gases kunt spreken.  Alsof alle chemische verbindingen ooit een keuze hebben moeten maken op deze T-splitsing.

good-bad-street-sign

Daar hebben we dit punt wel mee gehad. Het mag ook wel eens een kort stukje zijn…

Toch nog maar wat links met wat meer informatie

  1. The “CO2 is Plant Food” Crock van Peter Sinclair
  2. Skeptical Science

Eerdere delen van deze serie:

About these ads

32 Reacties op “De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (5)

  1. Elke keer als ik m’n kamerplanten bijna om zeep heb geholpen door ze niet voldoende (of juist teveel) water te geven, of als ik de grond weer eens niet ververst heb organiseer ik een feestje. De gasten pompen dan even flink wat extra CO2 m’n huis in en ik hoop de volgende ochtend wakker te worden in een ongekende plantenweelde.

    Ik vraag me af of ik de CO2 = plantenvoedsel-meme verspreiders kan aanklagen voor de geleden schade. Ik beloof er geen nieuwe planten voor te kopen. De feestjes blijven. ;)

  2. Lieven Bervoets

    Mooie weerlegging van de ‘ongeloofwaardige nr 5′. Al een hele tijd erger ik me aan de uitspraak dat meer CO2 goed zou zijn voor meer biodiversiteit en meer plantengroei. Het heeft inderdaad niets met klimaatverandering te maken en het doet me denken aan de uitspraak van sommige landbowuingenieurs in de jaren ’80 van vorige eeuw die zonder blozen beweerden dat hoe meer meststoffen er terecht komen in natuurreservaten hoe beter want: meer plantengroei, dus meer natuur..

  3. Hoe heet dat ook weer dat het altijd gaat om de hoeveelheid van alle componenten die planten nodig hebben voor goede groei, en dat als er van één component te weinig is, dan kan er nog zoveel van de andere componenten zijn, met de plant gaat het desondanks slecht.

    Ah, ik weet het weer: Liebig’s Law of the Minimum

    growth is controlled not by the total amount of resources available, but by the scarcest resource (limiting factor)

    Dus al die CO2 is helemaal fantastisch voor de plantjes, behalve als er een hittegolf of overstroming is. Stabiel weer lijkt me een belangrijke resource. Om over fosfor en dergelijke maar te zwijgen.

  4. Goed zo Hans. Maak de weerleggingen steeds korter en stop er meer en meer humor in!
    We moeten eindigen met een bulderende lach!

  5. Neven,

    Yep, de ‘limiting factor‘.

    Dat verschijnsel zie je trouwens heel vaak in allerlei chemische en fysische processen, bijvoorbeeld de condensatiekernen voor wolkenvorming: als er al zo ontzettend veel (deels organische) condensatiekernen aanwezig zijn maken een beetje meer of een minder protonen door Galactic Cosmic Rays niets meer uit. Het aantal condensatiekernen is dan immers niet de ‘limiting factor’ – ook al werken GCR’s op zich wel als condensatiekern.

    Mooi blog hierboven – die T-splitsing is helemaal geweldig. :)

  6. Rinus van Wallenburg

    Indien men zich als leek oriënteert over het broeikaseffect valt meteen op, dat de uitwisseling van land en zee naar atmosfeer een veelvoud is van de fossiele uitstoot, iets in de orde van meer dan 20 keer zoveel. En dan rijst meteen het vermoeden, dat temperatuurverandering een duidelijke invloed kan hebben op die uitwisseling.
    In dat kader is tabel 7.1 van AR4 belangwekkend. Getallen in GtC. Ik laat de onzekerheidsmarges weg, kom daarop terug.
    jaren 80 jaren 90
    emissies 5,4 6,4
    toename atmosfeer 3,3 3,2
    saldo 2,1 3,2

    specificatie saldo
    opname oceanen 1,8 2,2
    saldo opname land 0,3 1,0

    specificatie opname land
    ontbossing etc -1,4 -1,6
    residu opname land 1,7 2,6
    De sterke toename van het residu opname land is opvallend. Het zou inhouden, dat in de jaren 80 ruim 30% van de emissies op het land is geabsorbeerd en ruim 40% in de jaren 90. Dat lijkt een mooi perspectief, de uitstoot wordt weggewerkt. Stellig kunnen we daarover niet zijn, het gaat over de verandering in slechts tien jaar. Bovendien: de “residual terrestrial sink” is de sluitpost in de opstelling en niet het resultaat van een berekening van de post zelf. Het “carbon budget” wordt met deze post sluitend gemaakt wegens ontbrekende kennis. Vandaar de opmerking in de toelichting, dat de opname land verandert, wanneer de opname oceanen anders wordt ingeschat. Hetzelfde geldt voor de ontbossing. Indien die lager wordt ingeschat, wordt ook de opname land lager. De post ontbossing zelf is ook niet het resultaat van meting maar van schattingen, zie daarvoor in 7.3.2 met name tabel 7.2. Er is geen waarnemingsapparaat voor de landabsorptie. Landopname is de sluitpost met daardoor grote uitkomstspreiding (negentiger jaren 2,6 maar tussen 4,3 en 0,9).
    Niettemin, het is zeer wel mogelijk, dat als gevolg van temperatuurstijging de vegetatie en daarmee de absorptie toeneemt met tegenkoppeling als gevolg. De redenering is, dat de temperatuurstijging van de jaren 80 en 90 eerst langzaam leidt tot meer vegetatie en dat dit proces zich daarna nog decennia versterkt voortzet. De temperatuurstijging is de drijvende kracht maar het effect is sterk afhankelijk van andere factoren zoals regenval en bodemsamenstelling. Sterke tegenkoppeling wordt verdedigd door te wijzen op de geweldige aanpassingscapaciteit van de flora en wegens de enorme omvang van de gebieden op het noordelijk halfrond met de sterkste temperatuurstijging. Ook wordt gesteld, dat meer CO2 in de lucht plantengroei bevordert maar dat effect is onzeker. Tegengeluiden zijn er ook, met name het risico van afgifte van CH4 en CO2 bij ontdooiing van permafrost. Er is geen ontwikkeld waarnemingsapparaat. Berichten in Canadese kranten melden vergroening van taiga en toendra maar dat zijn incidentele observaties.

    Wat zegt IPCC er over? In AR4 (3.3.1) wordt de opmerking gemaakt, dat de opname zal pieken voor de helft van de 21e eeuw en daarna zal omslaan en dalen. Dit impliceert, dat tot ca 2050 een negatieve vegetatiefeedback wordt verwacht. In de AOGCM-modellen waarop de prognoses zijn gebaseerd wordt daarmee geen rekening gehouden, omdat de vegetatiefeedback daarin niet is meegenomen.
    In aardesysteem-modellen (EMICs) tracht men wel rekening te houden met veranderingen in de biosfeer en de oceanosfeer. AR4 vermeldt, dat volgens de modellen aan het einde van de 21e eeuw er een meekoppeling is van 20 tot 220 pm, leidend tot een temperatuurstijging van 0,1 C tot 0,5 C. Veel onzekerheid en grote verschillen in modeluitkomsten. De positieve feedback in de biosfeer is een gevolg van afnemende plantengroei bij hoge temperaturen en afgifte van broeikasgassen door de bodem (soil respiration). Voorlopig hebben we met veel lagere temperaturen te maken met waarschijnlijk een negatieve vegetatiefeedback. Vermoedelijk, ook dat staat niet vast. We maken prognoses over de gevolgen van een zo sterke temperatuurstijging als sinds de Middeleeuwen niet is voorgekomen. De middeleeuwers moesten afwachten wat God besliste. Afwachten moeten we nog steeds, onze kennis is ontoereikend.
    Eerder heb ik gesteld, dat het IPCC geen prognoses zou moeten publiceren, omdat we daarvoor onvoldoende kennis hebben. Ik stel dat nu concreter. We hebben onvoldoende kennis over de relatie tussen temperatuurstijging en landabsorptie van CO2 en dat is gezien de omvang van de uitwisseling tussen land en atmosfeer een kernrelatie.

    De versterkende koppeling in de aardesysteem-modellen wordt ook veroorzaakt door een verminderde opname van CO2 bij een warmere oceaan. Over de uitwisseling van plankton en andere elementen van de oceanische biosfeer wordt in AR4 gesteld, dat het zeer onduidelijk is, of die zal veranderen. Anderen wijzen op onzekerheid over de doorspoeling van oceanen. De bovenste laag van de termocline is opgewarmd. De kans is aanwezig, dat daardoor ook een diepere laag wordt opgewarmd, vermoedelijk in een traag tempo maar ook dat is voorwerp van veronderstellingen. Dat kan grote gevolgen hebben zowel voor de temperatuurstijging (vertraagd) als voor de opslag van CO2. In de website Skeptical Science van onder meer 17-2-2012 en 25-5-2012 worden daarover opmerkingen gemaakt. Vellinga in zijn zeer leesbare boek “Klimaatverandering” noemt de doorspoeling van de oceanen de grootste onzekerheid.

  7. Rinus van Wallenburg

    Bij de opstelling van de vorige opmerking had ik de getallen van tabel 7.1 netjes onder elkaar gezet. Helaas, bij het plaatsen van de reactie is dat overzicht verdwenen.

  8. Jos Hagelaars

    @Rinus

    Je geeft aan dat de IPCC prognoses zeer onzeker zijn in jouw ogen omdat de carbon cycle terugkoppeling een grote onzekerheid kent voor de langere termijn (na 2050).
    Die onzekerheid is inderdaad nog fors, ik lees in hoofdstuk 10 dat dit voor het A2 emissie scenario uitkomt op 730-1020 ppm voor 2100, terwijl het scenario waar men mee gerekend heeft op 836 ppm uitkwam (blz 749).

    Dat de prognoses onzeker zijn is duidelijk als je zo’n scenario van de emissie kant bekijkt. Je kunt zo’n scenario ook als een atmosfeerconcentratie scenario voor de toekomst nemen en dan heb je een goed idee wat er gaat gebeuren als de CO2 concentratie in 2100 op die 836 ppm gaat uitkomen.

    Ik wil derhalve wel die prognoses zien, het geeft ongeveer aan wat het betekent als de mensheid een bepaald CO2 gehalte zal realiseren. Als de carbon cycle feedback groter is dan gedacht, betekent dit de we nog minder mogen emitteren om in 2100 onder een bepaalde CO2 concentratie te blijven. Zie de tekst in AR4:
    “In the context of atmospheric CO2 concentration stabilisation scenarios, the positive climate-carbon cycle feedback reduces the land and ocean uptake of CO2, implying that it leads to a reduction of the compatible emissions required to achieve a given atmospheric CO2 stabilisation.”

    In AR5 werkt men trouwens met RCP’s: representative concentration pathways.

    PS, over de opname van CO2 door land en oceanen kun je wat referenties/links vinden in mijn beschrijving van dat Humlum artikel.

  9. Eerder heb ik gesteld, dat het IPCC geen prognoses zou moeten publiceren, omdat we daarvoor onvoldoende kennis hebben.

    Holy fuck, hebben we hier onvoldoende kennis over? Dat is niet best. We weten immers wat broeikasgassen zo ongeveer doen in de atmosfeer en we weten dat we broeikasgassen die tijdens miljoenen jaren lange processen in de bodem zijn afgezet, in een paar honderd jaar in de atmosfeer pompen.

    Misschien kan het meevallen, maar het kan ook ontzettend tegenvallen, we weten het niet. Volgens de wetten van risico management kunnen we dus beter iets ondernemen.

    Het is alsof je in een auto zit, op een onbekende weg, met overal dikke mist om je heen. Je weet niet wat er kan gebeuren, je weet alleen dat er een gerede kans op gevaar is. Dan is het verstandig om in ieder geval een stuk langzamer te gaan rijden. Moet je je voorstellen dat er iemand in de auto zit die zegt: “Joh, als je het niet weet, moet je gewoon met dezelfde snelheid doorrijden.”

    En trouwens, wat zegt AR5 eigenlijk over deze zaken? AR4 is namelijk alweer van 2006, en in 6 jaar tijd zijn we misschien iets beter gaan weten wat we niet weten. Voor wie het niet weet: de fakeskeptIPCC heeft alles al om aandacht schreeuwend gepubliceerd. Zo zag ik bijvoorbeeld dat AR5 weer slappe thee serveert aangaande Arctisch zee-ijs.

  10. Rinus van Wallenburg

    @ jos
    Bedankt voor je reactie en ook nog voor de literatuurverstrekking bij het vorige discussiepunt.
    Ik ben niet zo erg geïnteresseerd in de situatie in 2050 of 2100 maar meer in de ontwikkeling in de komende 20 jaar. De hoge ppm-getallen die je voor de verdere toekomst noem, t komen uit PPCC-prognoses. De ontwikkeling in de jaren daarvoor bepalen of we werkelijk zo hoog uit zullen komen. Ik begin steeds meer te vermoeden, dat de IPCC-prognoses fundamenteel onjuist zijn en hoop daar morgen of overmorgen op terug te komen,

  11. Rinus van Wallenburg

    @ NevenA
    Ik ben het helemaal met je eens dat we risico’s moeten vermijden en – om in je beeldspraak te blijven – langzamer moeten gaan rijden. Beperking van de fossiele uitstoot bepleit ik sinds geruime tijd. Kritisch nadenken over IPCC-publicaties kan daar zeer wel mee samen gaan.
    Ik houd me niet bezig met AR5. Dat verkeert nog in een concept-stadium.

  12. Rinus,

    De CO2-concentraties zijn niet zo vreselijk moeilijk te schatten – als je over de afgelopen decennia kijkt zie je dat de concentratie elk jaar met zo’n 1.1, 1.5 en nu vaak al meer dan 2 ppm per jaar toeneemt.

    De rest van de kooldioxide (iets meer dan 50%) is dan al opgenomen in de oceaan (waar het oplost en de pH verlaagt – dus de zuurgraad verhoogt) of op land. De rate of increase is nu ca. 2.3 ppm per jaar.

    Zou je die 2.3 ppm/jaar botweg lineair doortrekken dan is dat 230 ppm erbij in 2112 en dus 627 ppm CO2 in 2112.

    Echter, het is tot dusver geen lineaire toename maar eerder een exponentiële toename – extrapoleer je dat, zit je al gauw rond de 800 á 900 ppm in 2100.

    Deze toename is geen natuurverschijnsel (de natuur neemt juist ruim 50% op), maar ca. de helft van de Gtonnen C die wij elk jaar verbranden. En dus is de uiteindelijke toename iets dat we zelf onder controle hebben door meer of minder fossiel koolstof te verbranden. De ‘onzekerheid’ in de CO2-concentratie in 2100 is dus opgebouwd uit twee factoren:

    1. hoeveel gaan wij daadwerkelijk opstoken? Een menselijke factor die onze eigen keuze is, en die dus niet voorspeld kan worden zonder bepaalde scenario’s te kiezen.

    2. hoe gaat het verder met die ruim 50% opname van het extra koolstof op land en in de oceaan? Blijft die verhouding zo, of gaat dat afvlakken?

    Men vreest (naast de exponentiële toename van de uitstoot die wij zelf veroorzaken) ook voor een afvlakking van die opname of zelfs een situatie waar permafrost en ‘clathrates’ in zee op den duur de uitstoot juist gaan verhogen. Daarom het belang van nader onderzoek naar de koolstofcyclus. Heel simpel gezegd houdt het op land wel een keertje op: als alles volstaat met gewassen en bos, is het vol. En: naarmate de oceaan opwarmt, kan er minder CO2 in oplossen – op een bepaald moment gaat dit effect de toegenomen fotosynthese inhalen.

    Even terug naar de onzekerheid: het IPCC geeft per SRES scenario (de economische scenario’s) een bandbreedte voor [CO2] en géén vaste waarde: die bandbreedtes zijn vrij groot en omvatten al de onzekerheid!

    Die bandbreedtes per (economisch) scenario werken vervolgens weer door in de fysische klimaatsimulaties (de GCM’s) waarzowel de lage als de hoge [CO2] waarden gebruikt worden om opwarmingen door te rekenen – en ook daar komt dus weer een bredere bandbreedte uit: de optelsom van de onzekerheid in broeikasgas-concentraties én de ensembles (speeiding) die de GCM produceren.

    Uiteindelijk dienen we dus naar die bandbreedte en de waarschijnlijkheidsverdeling per alternatieve toekomst te kijken.

    Even over de manchet gerekend hoort bij max +2 °C mondiaal, boven pre-industrieel, ongeveer 480 á 500 ppm aan CO2. Komen we daarboven, dan halen we de Kopenhagen doelstelling niet – en ja, die twee graden lijkt wel een grens waarboven de risico’s steeds groter worden. Bij het huidige tempo en groeivoet(!) gaan we ca. in 2050 over de 500 ppm.

    Onzekerheid is er altijd – daarom kijkt men naar de probability distribution function, de grijze bandbreedte die je in elke IPCC uitkomst ziet staan, óók in de SPM.

  13. Rinus van Wallenburg

    @ Jos

    Je verwijzing naar je gastblog over het Humlum artikel is interessant. Humlum betoogt, dat de toename van CO2 in de atmosfeer veroorzaakt wordt door afgifte vanuit de oceanen. Ik vermeld o.a het tegenovergestelde, de mogelijkheid van extra opname in de oceanen van door fossiele uitstoot toegenomen CO2 in de atmosfeer. In het artikel gaat het verder over de korte termijn fluctuaties in het CO2-gehalte door diverse oorzaken, onder meer ENSO. Mijn onderwerp is: welke gevolgen heeft een trendmatige temperatuurstijging voor de opname of uitstoot door land en oceanen op langere termijn.

    Toen ik in de kleine lettertjes van de toelichting op tabel 7.1 van AR4 de vreemde opmerking las, dat bij een hogere oceaanopname van CO2 de landopname lager is, ging bij mij een rood lampje branden. De landopname wordt niet via modellen berekend. En de onvermijdelijke vervolgvraag is dan: Hoe wordt de vegetatiefeedback in de door IPCC gebruikte modellen berekend? Ik begon te vermoeden, dat in de modellen een mogelijke stijging (of daling) van de opname door land (en oceanen) niet is verwerkt. In eerste instantie kon ik me dat niet voorstellen. Maar het feit, dat aardesysteem-modellen eerst later zijn ontwikkeld en nog in een min of meer experimenteel stadium verkeren en in AR4 slechts summier worden behandeld, versterkt mijn vermoeden. Ik ga er nu vanuit, dat de reactie van biosfeer en oceanosfeer niet in de modellen is verwerkt, waarop de IPCC-scenario’s zijn gebaseerd. Wanneer dat niet juist is, zal ik het graag vernemen.

    Wat zijn de gevolgen? Bij een prognose op korte termijn geen, de invloeden werken langzaam. Bij een lange termijn prognose, bijv. voor 20 of 30 jaar is dat anders. Dan kunnen we de reactie van de beide sferen niet negeren. Ik heb het verder niet over de oceanen. Doorspoeling is voor zover ik het weet weinig onderzocht, misschien kan Bert Amesz daar meer over vertellen. Voor de vegetatiefeedback is dat anders. We kunnen met zekerheid stellen, dat in de komende decennia in de enorme landoppervlakte op hogere breedte een zeer grote CO2-opname zal optreden na de sterke temperatuurstijging in de jaren 80 en 90 en de daarop gevolgde matige stijging in de nuljaren. Volgens velen in de nuljaren stabilisatie, daar blijf ik buiten. Ik stel: zeer groot maar kan het niet kwantificeren. Waarschijnlijk wordt naar mijn mening een toenemend deel van de fossiele uitstoot opgevangen. Ik stel daarmee ook, dat IPCC-modellen, die deze negatieve feedback negeren, onjuiste prognoses geven en de toekomstige temperatuurstijging overschatten.
    Een belangrijk nevenaspect is, dat het gaat om gebieden, die schaars bewoond zijn. De kans, dat op grote schaal tot landbouwontginning wordt overgegaan, is daardoor klein. Het zou funest zijn, wanneer dat wel zou gebeuren. Niet alleen zou de natuurlijke aangroei daardoor worden stopgezet, er zou ook veel CO2 etc. omhoog geploegd worden.

    Verder nog: ik ben het helemaal met je eens, dat bij iedere prognose, hoe dan ook gemaakt, onzekerheidsgrenzen bestaan. Het gaat er mij om, of voor het doel geschikte prognosemodellen worden gebruikt.
    Tenslotte; je haalt een tekst uit AR4 aan. Ik kan er niet aan zien uit welke paragraaf. Het is met IPCC-teksten als met bijbelteksten, ze kunnen alleen in hun context worden begrepen.

    @ Bob

    Je vermeldt, dat 50% van de uitstoot op land en zee wordt opgenomen. Is dat een natuurwet? Ik stel, dat door de op gang gekomen vegetatiegroei wegens temperatuurstijging het percentage zal groeien.
    je stelt ook, dat de vegetatiegroei een keer moet ophouden omdat op de duur het land volstaat met bomen. Ik heb die opmerking al eens eerder gehoord. Zo ver zal het nimmer komen, omdat de opnamecapaciteit van onze planeet zo gigantisch is, dat voordien alle CO2 uit de lucht zou zijn gehaald. Een virtuele wereld.

  14. Hallo Rinus,

    Hoe wordt de vegetatiefeedback in de door IPCC gebruikte modellen berekend?

    De modellen (de GCM’s) bevatten doorgaans niet de koolstofcyclus. Zij krijgen de forcering door de veranderende broeikasgasconcentratie als ‘input’ voorgeschreven en simuleren vervolgens wat er met de atmosfeer en de oceaan gebeurt – bijvoorbeeld na een stapsgewijze (Equilibrium Climate Sensitivity) verdubbeling van CO2, dus een forcering van +3.7 W/m^2 zonder de feedbacks (die door het GCM berekend worden).

    Je kan dat o.a. zien aan de GISS of CMIP3/CMIP5 inputbestanden, die bevatten niet de CO2-concentraties maar de forceringen door CO2, CH4, andere broeikasgassen, zon, aerosolen etc. allemaal in Watt/m^2.

    Bij de AR4 experimenten waarbij de projecties voor bijv. 2100 gemaakt werden, wordt de forcering als gevolg van o.a. de CO2-concentraties als ‘input’ aangegeven vanuit de SRES emissiescenario’s A1B, A2, A1FI et cetera.

    Wél bevatten sommige GCM’s o.a. de vegetatiefeedback: welk effect hebben stijgende temperaturen + toename CO2 en natuurlijk de neerslag ter plaatse op de vegetatie – en hoe werkt dat uit op de albedo en de verdamping ter plaatse.

    Ik ga er nu vanuit, dat de reactie van biosfeer en oceanosfeer niet in de modellen is verwerkt ..

    Als je bedoelt het effect op CO2-gehalte: nee, dat is niet in de GCM’s verwerkt. Die concentraties (of beter: de forceringen) komt uit een invoer-bestand. Bij deze concentraties *is* al rekening gehouden met de ruim 50% opname door land en oceaan van het uitgestoten CO2 (men is niet achterlijk).

    De reactie van biosfeer en oceanosfeer is WEL in de GCM’s verwerkt als het gaat om: albedo-feedback, evapo-transpiratie (extra verdamping) door vegetatie en het effect van temperatuur en neerslag op de vegetatie.

    Voor de vegetatiefeedback is dat anders. We kunnen met zekerheid stellen, dat in de komende decennia in de enorme landoppervlakte op hogere breedte een zeer grote CO2-opname zal optreden na de sterke temperatuurstijging in de jaren 80 en 90 en de daarop gevolgde matige stijging in de nuljaren. Volgens velen in de nuljaren stabilisatie, daar blijf ik buiten. Ik stel: zeer groot maar kan het niet kwantificeren.

    Met een ‘vegetatiefeedback’ wordt doorgaans bedoeld: het effect op de forcering, op de energiebalans in W/m^2. Jij bedoelt het als een terugkoppeling op de CO2-concentraties, dat is geen ‘feedback’ in de zin waarin dat door GCM’s gebruikt wordt. Overigens wél in de Earth System Simulators waar men o.a. het effect op de koolstofcyclus en de geochermie onderzoekt.

    Ik stel: zeer groot maar kan het niet kwantificeren.

    Onderbouwing? Referenties naar onderzoek? Zonder het te kwantificeren of te onderbouwen is dit zinloos.

    Als je naar de toename van de CO2 concentratie, kijkt in vergelijking met de SRES emissiescenario’s uit 2000, valt op dat deze concentratie (wat er dus effectief overblijft in de atmosfeer) juist sneller gestegen is dan verwacht – we zitten op/boven de concentraties in het A1FI scenario, het hoogste scenario, ondanks de economische crises van de afgelopen jaren:

    http://www.knmi.nl/research/CKO/Challenge/scenario.html
    http://www.knmi.nl/research/CKO/Challenge/tgm.html

    http://www.ipcc.ch/ipccreports/sres/emission/index.php?idp=16
    http://www.ipcc-data.org/ddc_co2.html (figuur 2)

    Sorry Rinus, dat jij ‘gokt’ dat plotseling (ook als daar de afgelopen 3 decennia niets van te zien is) de koolstofopname enorm toe zal gaan nemen… moet jij weten. Maar zonder onderbouwing is het een zinloze, uit de lucht gegrepen bewering.

  15. Jos Hagelaars

    @Rinus

    Het citaat uit het IPCC stukje stond een bladzijde verder dan ik aangaf, in hoofdstuk 10 op blz. 750 onder Carbon Cycle. Sorry voor deze omissie.
    Daar kun je tevens lezen dat, uitgaande van het emissie scenario, de CO2 concentratie in de atmosfeer berekend is met het Bern koolstofcyclus model. Er is dus met die omrekening van emissies naar CO2 concentraties wel degelijk rekening gehouden met de CO2 feedbacks.
    In hoofdstuk 10.4.1 kun je meer vinden over de Carbon Cycle/Vegetation feedbacks. Daar staat:
    “There is unanimous agreement among the models that future climate change will reduce the efficiency of the land and ocean carbon cycle to absorb anthropogenic CO2, essentially owing to a reduction in land carbon uptake.”
    Dit mede omdat, als het warmer wordt, de afbraak van dood organisch materiaal sneller verloopt. Voor een artikel over die gekoppelde klimaat-koolstofcyclusmodellen zie:
    http://journals.ametsoc.org/doi/pdf/10.1175/JCLI3800.1

    Dat de opname door het land begrensd is en niet zo gigantisch is, is eigenlijk simpel te begrijpen. De volledige landbiomassa is ca. 2300 Gigaton koolstof. Stel dat de mensheid nog zo’n 2000 ppm CO2 emitteert binnen nu en 200 jaar en dat de opname ratio door land en de oceanen blijft zoals die nu is. In dat geval moet het land circa 500 ppm CO2 opnemen, wat overeenkomt met 1150 Gigaton koolstof. Dat zou betekenen dat de totale hoeveelheid biomassa met 50% moet toenemen, erg onwaarschijnlijk: de helft meer planten en bomen etc. dan er nu is.

    Over de ‘doorspoeling’ naar de oceanen. Het CO2 in de atmosfeer zal eerst via absorptieprocessen binnen een paar eeuwen voor circa 80% opgenomen worden door de oceanen. Dezelfde absorptieprocessen veroorzaken de verzuring van de oceanen. Op de langere termijn spelen andere chemische processen een rol die uiteindelijk het evenwicht tussen de natuurlijke CO2 uitstoot (vulkanen) en atmosferische CO2 concentratie weer zullen herstellen, we spreken dan over termijnen van honderdduizenden jaren. Mocht je in deze materie geïnteresseerd zijn, kan ik het boek “The Global Carbon Cycle” van David Archer aanraden.

    Er zit dus inderdaad een onzekerheid in de emissiescenario’s, maar je kunt ze beter als concentratiescenario’s bekijken. Zie verder de reactie van Bob hierboven.
    Als in 2100 de CO2 concentratie 830 ppm bereikt, weten we ongeveer uit modellering van het A2 wat dat in zal houden voor de T op aarde.

  16. Rinus van Wallenburg

    @ Bob en Jos

    Bedankt voor jullie reacties, waarin mijn vermoeden bevestigd wordt, dat in de prognoses (of hoe men het noemen wil) in de IPCC-publicaties geen rekening wordt gehouden met verandering in de opname van CO2 door land en oceanen als gevolg van temperatuurstijging, in het vakjargon aangeduid als de carboncyclus. Men doet dus bij de prognoses alsof die verandering niet zal optreden hoewel dat in feite wel zal gebeuren. De AOGCM-modellen zijn daarom slechts beperkt geschikt voor prognoses, ze zijn daar niet voor ontworpen en worden gebruikt bij gebrek aan beter. We hebben aardesysteem-modellen nodig, waarin de interactie tussen klimaatverandering en de aarde/ocanen wel is meegenomen. Voorlopig zijn die modellen experimenteel en zijn de uitkomsten daarom niet goed bruikbaar.Onze kennis van de reactie van ecosystemen en van de doorspoeling van de oceanen is gebrekkig. Hetgeen impliceert, dat de kans aanzienlijk is, dat de werkelijkheid niet verloopt volgens de prognoses.

    Ik vind het onverstandig, dat in de IPCC-publicaties prognoses zijn opgenomen, die gebaseerd zijn op modellen, die voor prognoses niet echt geschikt zijn. Ik heb eerder gesteld, dat het IPCC de wind tegen zal krijgen, wanneer de prognoses niet uitkomen. Bepaald kwalijk is dat in de summary for policymakers geen mededeling wordt gedaan over deze beperking.

    Het is wel een merkwaardige toestand. In AR4 wordt vermeld, dat tot ca 2050 CO2 opname op land zal optreden. Een negatieve feedback dus. Maar in de prognoses wordt die feedback niet meegenomen.

    Het artikel van Friedlingstein et.al. waar Jos naar verwijst (bedankt) en dat ook uitvoerig in AR4 wordt weergegeven, vermeldt een positieve feedback zowel voor land als oceanen.Het gaat dan in de sterk uiteenlopende benaderingen merendeels om wat er zou gebeuren bij een veel hogere ppm dan waar we nu mee te maken hebben. Belangrijker is hoe de feedback nu is. Ik heb het vermoeden geuit, dat door vergroening op de hogere breedten van het NH een aanzienlijke negatieve feedback zal optreden maar ik kan het niet kwantificeren. Dat houdt in: niet bruikbaar voor modellenbouw. Bob noemt dat een gok. Zo mag hij het van mij best noemen. Maar wel een beredeneerde gok. Bob stelt ook: wat zijn de referenties? Gewoon een kwestie van nadenken. Ik heb soms de indruk, dat men zo druk bezig is met modellen, dat men aan nadenken niet meer toekomt en het zicht op de werkelijkheid kwijt is.

  17. Hallo Rinus,

    Ik denk dat je het niet zo best begrepen hebt:

    Het is wel een merkwaardige toestand. In AR4 wordt vermeld, dat tot ca 2050 CO2 opname op land zal optreden. Een negatieve feedback dus. Maar in de prognoses wordt die feedback niet meegenomen.

    Die opname (de ruim 50% van de koolstofemissies) IS al meegenomen in de diverse scenario’s – in de CO2 concentraties (en dus in de forceringen) die als input voor de AO-GCM’s gebruikt worden.

    Nogmaals: de “tot ca 2050 CO2 opname op land ..“, en in de oceaan IS al meegenomen in de projecties die door de modellen geproduceerd worden – je zegt dus ten onrechte dat ‘die feedback’ niet wordt meegenomen.

    De onzekerheden zoals beschreven in Friedlingstein et. al. betreffen eerder de vraag of de CO2-opname ook ná 2050 nog zo groot zal blijven (ruim 50% van de emissies) of dat de opname zal gaan dalen. De koolstofcyclus-modellen wijzen nadrukkelijk op het laatste, waarbij ook koolstof uit de ontdooiende permafrost een rol gaat spelen. Zoals Jos al beschrijft gaat het hier over gekoppelde klimaat-koolstofcyclusmodellen, dus wordt de temperatuur en neerslag zoals geprojecteerd door GCM’s weer gebruikt om de koolstofcyclus-modellen te voeden (bijv. meer bos op hogere breedtegraden door hogere temperaturen).

    Aangezien je dit niet begrepen hebt, berusten je verdere gevolgtrekkingen ook op drijfzand. Wees ervan verzekerd dat bijv. de auteurs van Friedlingstein et. al. dergelijke voor de hand liggende vergissingen niet begaan.

  18. Rinus van Wallenburg

    @ Bob
    In de IPCC-prognoses wordt verondersteld, dat 50% van de uitstoot wordt opgenomen. Die 50 % is niet meer dan een veronderstelling, die het mogelijk maakt prognoses te maken ondanks de situatie, dat er geen bruikbare aardesysteem-modellen beschikbaar zijn. De uitkomst kan van de prognose afwijken, de opname kan meer of minder zijn dan 50%, de onzekerheid is groot. In een eerdere reactie heb ik dan ook opgemerkt, dat die 50% geen natuurwet is. Ik vermoed, dat in de komende decennia het meer kan zijn dan 50%, de in het artikel van Friedlingstein et. al vermelde artikelen verwachten een afname bij sterk gestegen temperaturen. Van mijn kant is het niet meer dan een vermoeden. Wat in het artikel van die persoon met die lastige naam staat, berust wel op iets meer maar is geen zekerheid. De tijd zal het leren,

    Je hebt volkomen gelijk bij je kritiek op mijn passage, die begint met : “Het is een merkwaardige toestand” Ik dacht toen even niet aan die 50%. Bedankt voor je correctie.

  19. Jos Hagelaars

    @Rinus

    “In de IPCC-prognoses wordt verondersteld, dat 50% van de uitstoot wordt opgenomen.”

    Volgens mij klopt dat niet, waarop baseer je dat?

    Hieronder wat links over de IPCC SRES scenario’s. Wat ik daaruit concludeer en wat hier al eerder gezegd is, is dat die emissie scenario’s doorgerekend zijn naar CO2 concentraties met koolstofcyclusmodellen.
    Ik heb even wat gerekend aan de SRES data en daaruit volgt dat naarmate de jaarlijkse CO2 emissies toe blijven nemen, het gehalte dat opgenomen wordt door het land+oceanen daalt. Hierin zit uiteraard tevens die relatie tussen CO2 opname en de temperatuur.
    Als voorbeeld:
    In zowel het A1FI als het A2 scenario is die CO2 opname in 2010 nog iets meer dan 50% en in 2100 is dat gedaald naar zo’n 35%. In het A1B scenario gaat men er van uit dat de CO2 emissies na 2050 weer dalen en daar zie je dat de opname door land+oceanen in eerste instantie daalt naar ca 46-47% (afh. van het model) in 2060 om daarna weer toe te nemen tot 50-55% in 2100.

    Nogmaals, je kunt die scenario’s beter van de CO2 concentratie zijde bekijken. Die CO2 concentraties (en andere broeikasgassen) zijn als input gebruikt voor de klimaatmodellen waarmee de temperatuurprognoses bepaald zijn en niet de emissies. Zoals gezegd: het IPCC bekijkt het in AR5 vanuit forceringen, zie de Representative Concentration Pathways, wat enigszins vergelijkbaar is.

    Gegevens over de sociaal economische scenarios:
    http://sres.ciesin.org/final_data.html
    Gegevens over de resulterende CO2 concentraties:
    http://www.ipcc-data.org/ddc_co2.html
    De totale menselijke CO2 uitstoot is doorgerekend met twee koolstofcyclus modellen: ISAM en BERN. Voor de resulterende CO2 data zie de links onder hun naam.
    Gegevens over die modellen staan in IPCC TAR:
    http://www.ipcc.ch/ipccreports/tar/wg1/122.htm

  20. Hallo Rinus,

    Je zegt:

    Die 50 % is niet meer dan een veronderstelling, die het mogelijk maakt prognoses te maken ondanks de situatie, dat er geen bruikbare aardesysteem-modellen beschikbaar zijn. De uitkomst kan van de prognose afwijken, de opname kan meer of minder zijn ..

    De ruim 50% van de CO2 emissies die opgenomen worden door oceaan + land geldt al sinds 1958 toen de precisiemetingen van Keeling op Mauna Loa begonnen:

    http://www.esrl.noaa.gov/gmd/ccgg/trends/
    http://www.esrl.noaa.gov/gmd/ccgg/carbontracker/goals.html

    Die ruim 50% is het gemiddelde, sommige jaren is het meer en andere jaren (vooral de El Nino jaren) is het juist minder. Dat laatste zou je een hint moeten geven:

    * tijdens warme El Nino jaren wordt er telkens aanzienlijk minder dan 50% van de CO2 emissies vastgelegd.

    Wat Jos zegt klopt helemaal: ik vereenvoudigde e.e.a. door te stellen dat óók tot 2100 die ruim 50% opgenomen zal blijven worden. Wel is het zo dat *uiteraard* rekening gehouden is met deze opname – hoeveel die exact gaat worden hangt af van emissiescenario, zoals Jos al aangeeft.

    De koolstofcyclus-modellen (waar de resterende CO2-concentraties uit komen) houden rekening met het effect van toenemende temperaturen. Even uit de losse pols: bij toenemende temperaturen neemt het oceaanwater minder CO2 op (warm maar eens een glaasje rode spa op), en vooral droogte betekent extra bosbranden en minder groei van vegetatie – daardoor weer minder CO2 opname.

    Jij zegt dat er onzekerheden zijn. Dat klopt (hoewel de koolstofcyclus-modellen voortdurend bijgewerkt worden), maar dat betekent:

    * de modellen houden dus al volop rekening met heropname CO2;
    * er is een kans dat het meevalt, en dat er (iets) meer van het CO2 opgenomen wordt;
    * er is een EVEN GROTE kans dat het tegenvalt, en er minder CO2 opgenomen wordt!

    Lees s.v.p. Jos’ commentaar hierboven zorgvuldig.

  21. Rinus,

    Op de Mauna Loa site zie je de netto toename per jaar, dus de overgebleven concentratie, hier:

    http://www.esrl.noaa.gov/gmd/webdata/ccgg/trends/co2_data_mlo_anngr.pdf

    Het valt meteen op dat de warme El Nino jaren (bijv. de extreme El Nino van 1998) een aanzienlijk grotere toename van de netto concentratie kennen dan gemiddeld.

  22. Rinus van Wallenburg

    @ Jos en Bob

    Even recapituleren. Mij fascineert de vraag, hoe de uitstoot of opname van aarde en oceanen op de langere termijn (perioden van meer dan 20 jaar) reageren op temperatuurstijging. Mij fascineert dat, omdat de huidige uitwisseling met de atmosfeer een veelvoud is van de antropogene uitstoot.
    Voor het verleden beschikken we over meetgegevens. De vergelijking is:
    uitstoot minus toename concentratie atmosfeer = opname aarde/oceanen.
    De ervaringsgegevens geven aan, dat een nogal fluctuerende 50% van de uitstoot wordt opgenomen. Die opname berust niet op modelberekeningen maar is het saldo (de sluitpost) van de vergelijking.
    Naar de prognose. De vergelijking is: prognose uitstoot minus prognose opname door aarde en oceanen = toename concentratie. De uitstoot wordt geprognotiseerd met de SRES-scenario’s. De uitkomst van de vergelijking, dat is de toename van de concentratie, wordt ingevoerd in de GCM-modellen. Op basis van die modellen kan dan de temperatuurstijging worden berekend.
    Maar hoe wordt de opname door aarde en oceanen geprognotiseerd? Ik heb eerder het vermoeden geuit, dat uitgegaan wordt van een beginwaarde.
    Ik heb door jullie vermelde IPCC-gegevens doorgenomen en ook nog eens het complete IPCC verhaal over de scenario’s. Het kan aan mij liggen maar ik kan er niets over vinden.
    Ik ga nu even uit van een vaste beginwaarde per berekening. Ik kom daar later op terug.
    Jos berekent, dat bij een scenario met hoge uitstoot de opname een laag percentage is van de uitstoot en bij een scenario met een lage uitstoot het opnamepercentage hoog is. Dat volgt zonder meer uit de vergelijking met een vaste beginwaarde en zegt niets over de vraag, of bij een hoge uitstoot de opnamecapaciteit zakt en omgekeerd. Het is een vast getal.
    Andere mogelijkheid: Er wordt bij de prognose wel uitgegaan van een beginwaarde voor de opname maar in de GCM-modellen wordt met de reactie van aarde en oceanen wel rekening gehouden. De opname heeft wel een beginwaarde maar wordt modelmatig berekend. Ik vermoed, dat deze echte aardesysteem-modellen nog experimenteel zijn en niet voor prognoses zijn gebruikt.
    Kortom: de opname door oceanen en aarde is het zwarte gat, eerst de sluitpost in het carbonbudget van het verleden, daarna het uitermate dubieuze uitgangspunt (blijft gelijk) voor de prognose.
    Ik hoor van jullie nog wel of het anders is dan ik denk. Zelf heb ik een groot wantrouwen in de IPCC-prognoses. omdat naar mijn mening de lange termijnreactie van aarde en oceanen zeer onzeker is. Ik heb wel de indruk, dat in deel 2 van de IPCC-publicaties een zwaar accent ligt op afname van de uitstoot, vooral bij sterk gestegen ppm – en zover zijn we nog niet – en weinig op de mogelijkheden van extra opname nu de ppm en daarmee de temperatuur nog niet zo hoog is.
    Ik ben misschien een beetje een zeur. Ik geloof niet in de mogelijkheden van ook maar enigszins betrouwbare lange termijnprognoses maar wil wel weten, hoe de IPCC-prognoses tot stand komen.
    En even relativeren. We zijn het wel eens over het temperatuurverhogend effect van fossiele uitstoot en dat we daar dringend maatregelen tegen moeten nemen.

  23. Rinus van Wallenburg

    @ outspan.
    1. In IPCC Ar4 wordt vermeld, dat met langdurige golfbewegingen geen rekening wordt gehouden.
    2. Voor de reden, waarom ik uitga van een vast getal in de prognoses van de opname door aarde en oceanen verwijs ik naar bovenstaande opmerking gericht aan Bob en Jos. Het gaat er om, wat in de prognoses wordt meegenomen en niet over wat in deel 2 over de gevolgen wordt vermeld.

  24. Hans Custers

    Rinus,

    Je blijft maar hameren op de onzekerheden die er zijn. Natuurlijk weten we niet hoe de wereld er over twintig jaar uit zal zien, maar dat is een argument dat je in alle eeuwigheid vol kunt houden. Hoeveel kennis er ook is, er blijven altijd onzekerheden. We moeten beslissingen nemen op basis van wat we wel weten; zo is het altijd geweest en zo zal het blijven.

    Verder speculeer je wel heel erg op meevallers op de punten waar jij nog onzekerheden ziet. Moeten we er ook geen rekening mee houden dat het juist tegenvalt?

  25. Hallo Rinus,

    Maar hoe wordt de opname door aarde en oceanen geprognotiseerd? Ik heb eerder het vermoeden geuit, dat uitgegaan wordt van een beginwaarde. Ik heb door jullie vermelde IPCC-gegevens doorgenomen en ook nog eens het complete IPCC verhaal over de scenario’s. Het kan aan mij liggen maar ik kan er niets over vinden.
    Ik ga nu even uit van een vaste beginwaarde per berekening. Ik kom daar later op terug.

    Sorry, ik begrijp niet wat je bedoelt. Iets exacter graag.

    Wat bedoel je precies met een “beginwaarde”? Welke en waarvan dan?

    Het is een vast getal.

    Nee, dat is niet het geval. Bij een hogere CO2-concentratie zijn (a) opname/afgifte massabalansen, de ‘flux’, anders als gevolg van de verschillen in concentratie, en (b) door gewijzigde temperaturen en neerslag wordt de koolstofopname beïnvloedt. Dat laatste wordt door ‘coupled’ koolstofcyclus-klimaatmodellen meegenomen.

    Voor alle duidelijkheid: de koolstofcyclus-modellen trekken géén vaste waarde (voor de opname van koolstof) af van de emissies. Dat zou ook wel héél erg simplistisch zijn en de naam ‘model’ niet eens verdienen.

    Wat deze modellen doen is SIMULEREN. Ze bevatten modellen van de verschillende ‘sources’ en ‘sinks’ van koolstof, en de toe/afname daarvan wordt per tijdstap berekend – meestal per seizoen dus 4 tijdstappen per jaar, als ik het goed heb. Deze modellen berekenen de opname/afgifte van koolstof op basis van:

    - concentratie CO2 in de lucht;
    - andere gassen zoals o.a. ozon (heeft veel effect op plantengroei);
    - effect van toegenomen temperatuur per gebied (bij ‘coupled’ koolstofcyclus-modellen);
    - effect van veranderde neerslag per gebied (‘coupled’);
    - bodemverandering (smelt, ontgassing van permafrost);
    - nog veel meer.

    Hiervoor zijn niet persé ‘Earth System Models’ nodig, hoewel die er ook zijn en wel degelijk gebruikt worden om naar de effecten op de koolstofcyclus te kijken. Het is voldoende om ‘coupled’ de effecten op het klimaat in te voeren in de koolstofcyclus-modellen, zoals al langer plaatsvindt.

    De Earth System Modellen hebben het voordeel dat de koppeling ‘closer’ is, en je kan vervolgens de resultaten vergelijken met de ‘coupled’ simulaties. En dat gebeurt dus ook.

    Teruglezend denk ik dat je de aard van een simulatie nog niet begrepen hebt. Deze bootsen de fysische, chemische en biologische processen na die invloed hebben op de opname/afgifte van koolstof. Dat gebeurt in deelsystemen die bijv. vegetatie en uitwisseling gassen in de bodem simuleren – telkens per tijdstap.

  26. Rinus,

    Even als aanvulling op Hans: je bent wel *erg* geneigd om, als er onzekerheden zijn, te veronderstellen dat die wel in de richting van ‘extra koolstofopname’ en ‘lagere CO2 concentraties’ uit zullen pakken.

    In je reacties staat werkelijk geen énkele reden vermeld waarom, en waardoor, de onzekerheden in die richting uit zouden pakken. Deze kunnen dus net zo goed in de richting van ‘minder koolstofopname’ en ‘hogere CO2 concentraties’ gaan.

    Kijk je naar de gemeten CO2-concentraties, dan zie je een gestage versnelling (de Keeling-curve van de concentratie) die aan de bovenkant van de scenario’s + koolstofcyclus-modellen ligt. Ook het IEA geeft aan dat het gebruik van fossiele brandstoffen (dus de emissies) eerder sneller groeit dan voorzien ondanks de ‘crisis’.

    Er zijn wat externe factoren die nog maar matig meegerekend zijn in de koolstofcyclus-berekeningen, o.a. omdat men bij volledig ontbreken van meetgegevens de betreffende factor voorlopig maar niet modelleert. Eén factor die pas vrij recent wordt meegenomen is ozon in de troposfeer.

    Er zijn steeds meer aanwijzingen dat de stijgende ozon-concentraties in de lage atmosfeer (en dat zie je vooral op hogere breedtegraden) een aanzienlijke rem zet op de groei van vegetatie. Het is waarschijnlijk één van de oorzaken van de ‘divergentie’ tussen boomring-proxies en temperatuur sinds ca. 1960/1980 (afhankelijk van het gebied). Ozon heeft een oxiderende werking op de moleculaire processen in de cel.

    We komen steeds meer in een situatie waar elk proces dat je bekijkt (ook plantengroei en koolstofvastlegging) sterk beïnvloedt wordt door meerdere aspecten van het menselijk handelen. We zullen moeten leren om daar heel bewust mee te werken – welkom in het Anthropocene! :)

  27. Jos Hagelaars

    @Rinus

    “De opname heeft wel een beginwaarde maar wordt modelmatig berekend.”

    Bedoel je met ‘beginwaarde’ het opnamepercentage van CO2 door land en oceanen?
    Zo ja, dan is volgens mij die ‘beginwaarde’ voor het jaar 2000 modelmatig berekend en voor de twee modellen verschillend. Er is niet uitgegaan van een vaste waarde als ‘start’. Het ISAM model geeft volgens mijn sommetje een opname van 55% voor het jaar 2000 en het BERN model 58%. Ik heb je eerder alle links gegeven naar de SRES data, zodat je het e.e.a. zelf kunt bekijken:
    http://klimaatverandering.wordpress.com/2013/01/09/de-sceptische-top-10-of-waarom-klimaatsceptici-ongeloofwaardig-zijn-5/#comment-2818

    Uit de data volgt verder dat bij scenario’s waarbij de temperatuur stijgt het opname percentage daalt en uit bv. Friedlingstein volgt dat dit voornamelijk veroorzaakt wordt door een daling van de opname door het land. De link zit derhalve in de stijging van de T en niet in de stijging van de emissies. De twee koolstofcyclus modellen zijn wel degelijk gebruikt voor de berekening van de CO2 concentraties. Nogmaals zie de links naar de IPCC site en de reacties van Bob, de modellen zijn veel en veel meer dan simpele optel/aftrek sommetjes.

    Ik krijg verder de indruk dat jij denkt dat het IPCC wat dit onderdeel betreft over een nacht ijs is gegaan. Volgens mij is dat absoluut niet het geval, men heeft zeker geput uit alle relevante kennis en kunde die er op dit terrein was bij het opstellen van het rapport.
    Daarbij geldt voor zowel de onder- als bovenkant van de koolstofcyclus-schattingen dat met de huidige emissies de CO2 concentratie in de atmosfeer meer dan het dubbele zal zijn dan voor de industriële revolutie. Reden genoeg om nu al iets aan dat ongebreidelde verbranden van koolstofverbindingen te gaan doen.

  28. Rinus,

    Nog even over dat effect van ozon in de lage troposfeer, op de planten- en bomengroei:

    http://www.sciencedaily.com/releases/2008/12/081209085628.htm
    http://www.sciencedaily.com/releases/2011/06/110630111528.htm
    http://web.mit.edu/globalchange/www/MITJPSPGC_Reprint07-21.pdf

    Bron van dat ozon zijn vooral de NOx emissies. Het ozongat boven de poolgebieden heeft er ook invloed op: als er minder UV-straling in de stratosfeer geabsorbeerd wordt door ozon, zal er meer NOx omgezet worden tot ozon lager in de atmosfeer.

  29. Rinus,

    De bovengenoemde MIT publicatie schrijft over de combinatie van toegenomen CO2 én ozon het volgende:

    Karnosky et al. [39] found that the elevated ozone levels completely offset the growth enhancements from the elevated CO2 concentrations. [..]

    Similarly, ozone exposure reduced maximum photosynthetic rates in aspen by 20% and 28%, and in birch by 0% and 17%, under ambient and elevated CO2, respectively. [..]

    These results do not support the hypothesis of reduction in ozone uptake due to stomatal closure at elevated CO2, and indicate a negative interactive effect between CO2 and ozone.

    Zomaar iets waar de bouwers van koolstofcyclus-modellen rekening mee dienen te houden. Van die Karnosky et al. word ik niet zo erg optimistisch.

  30. Rinus van Wallenburg

    @ Bob en Jos

    Bedankt voor de vele arbeid, die jullie verrichten om mij wijzer te maken. Ik had inderdaad de sterke indruk gekregen, dat in de IPCC-prognoses werd uitgegaan van een beginwaarde voor de opname door oceanen en land en dat een verandering in de opname niet in de modellen was begrepen. Ik ben blij van jullie te horen, dat die indruk niet juist is. Blij omdat de prognoses dan wel erg simplistisch zouden zijn zoals Bob ook opmerkt. Indien ze zo simplisch zouden zijn, zou dat genoeg reden zijn om het IPCC niet serieus te nemen.
    Het blijft overigens frustrerend, dat het zo moeilijk is om er achter te komen, hoe die modellen in hoofdlijnen zijn opgebouwd. Ik heb daar eerder een opmerking over gemaakt.

    @ Bob
    Interessante artikelen over de invloed van atmosferisch ozon. Ik heb er naar aanleiding van die artikelen een paar notities over opgenomen in mijn bescheiden dtabase.

  31. Rinus van Wallenburg

    @ Hans

    Volledig met je eens, dat we beslissingen moeten nemen ondanks onzekerheid en ik meen ook, dat we bij het beslissen er beter vanuit kunnen gaan, dat het tegenvalt.
    Over de reactie van oceanen en land op opwarming is naar mijn mening wetenschappelijk weinig bekend. Dat maakt prognotiseren hachelijk. Bij ieder onderwerp maar zeker bij het klimaatprobleem geldt het oude Arabische spreekwoord; “Degene die over de toekomst spreekt liegt,ook als hij de waarheid spreekt.”
    Mijn subjectieve vermoeden is, dat de opnamecapaciteit van oceanen en aarde bij opwarming aanzienlijk is. In AR4 staat ergens, dat tot ca 2050 de opname zal toenemen en daarna omslaan. Als zeer ongelovig mens vraag ik dan direct: Hoe weten ze dat? Hoewel het duidelijk aansluit bij mijn vermoeden.
    De huidige vertraging in de opwarming geeft ons enig respijt. Als mijn vermoeden van een negatieve feedback zou uitkomen – dat moeten we overigens maar afwachten – zou er meer respijt zijn.
    En dan is er reden voor een matig optimisme. Niet dat ik verwacht dat politici er veel meer aan zullen doen dan praten. Maar wel, dat de technologische ontwikkeling bij zonne-energie zodanig is, dat binnen een decennium het economisch wordt er op over te gaan, zowel grootschalig als kleinschalig.En voor economisch voordeel zijn mensen in het algemeen en dus ook politici zeer ontvankelijk.

  32. Jos Hagelaars

    Ter info, een nieuwe studie over het CO2 feedback mechanisme van het land als gevolg van het warmer worden:
    http://unh.edu/campusjournal/2013/01/warmer-soils-release-additional-co2-atmosphere-effect-stabilizes-over-longer-term

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s