Evenwicht in de wetenschapsjournalistiek; een open brief aan Maarten Keulemans

Gast-blog van Hans Custers

Beste Maarten Keulemans,

Ik ben zo iemand die klimaatverandering als een van de grote problemen van deze tijd beschouwt en die deze mening ook met enig fanatisme uitdraagt. Ik zal in uw ogen dus wel een klimaatalarmist zijn. Maar ik vertel nooit apocalyptische, zondvloedachtige verhalen, ik kom maar zelden medestanders tegen in het klimaatdebat die dat wel doen en ook van de media verwacht ik zeker geen nodeloze bangmakerij. Verhalen over het einde van de wereld of de mensheid moeten we maar gewoon aan Hollywood overlaten. Ik beschouw mezelf ook allerminst als een arme groene idealist die dapper strijdt tegen Big Oil. Het valt mij in het debat van alledag juist op dat zo veel zelfverklaarde sceptici zich wentelen in de rol van de underdog; dat zij zichzelf vaak zien als het kleine groepje dat dapper standhoudt in de strijd tegen een kongsi van internationale organen, overheden, wetenschappelijke bolwerken en natuurlijk de media.

Wat mij motiveert in deze discussie is dat er een campagne wordt gevoerd waarin de wetenschap in diskrediet wordt gebracht om allerlei redenen, die maar hoogst zelden iets met de wetenschap zelf te maken hebben. Die campagne verspreidt stelselmatig desinformatie, besmeurt en belastert wetenschappers en maakt ze verdacht, alleen maar omdat hun onderzoeksresultaten conflicteren met bepaalde ideologieën of belangen. En die campagne probeert mij, en iedereen die het opneemt voor de wetenschap, af te schilderen als onbespoten­geitenwollen­sokkendragende onheilsprofeten.

Als ik opkom voor de wetenschap, verwacht ik de Chef Wetenschap van een kwaliteitskrant aan te treffen aan mijn zijde. Die Chef Wetenschap zou, als de Ombudsvrouw vraagt wat hij vindt van het klimaatdebat, allereerst heel helder het onderscheid moeten schetsen tussen enerzijds de politieke en maatschappelijke discussie en anderzijds de wetenschap. En daarom ben ik zo teleurgesteld in wat ik lees in De Volkskrant van 12 januari. De wetenschap doet u af met enkele dooddoeners van het soort waar klimaatsceptici ook kwistig mee strooien: “Wetenschap is geen democratie” en “Als we allemaal hadden vastgehouden aan de consensus, hadden we nu nog gedacht dat de aarde plat is”. Vervolgens komen diverse factoren uit het maatschappelijke debat aan de orde die blijkbaar van invloed zijn op wat u over dit onderwerp schrijft.

Als wetenschapsjournalistiek waarheidsvinding is, dan is het de allereerste taak van de wetenschapsjournalist om het kaf van het koren te scheiden. Want wetenschap is inderdaad geen democratie; in de wetenschap winnen de sterkste argumenten en het beste bewijs. Wetenschappers – ook klimaatwetenschappers – zijn degenen die meer dan wie ook in staat zijn om binnen hun vakgebied de sterke argumenten te onderscheiden van de zwakke. Het is in de geschiedenis wel eens een enkele keer voorgekomen dat enkeling met een briljant nieuw inzicht de wetenschappelijke consensus onderuit haalde, maar ik kan, hoezeer ik ook mijn best doe, tussen de argumenten van  klimaatsceptici niets vinden dat ook maar op zo’n briljant nieuw inzicht lijkt. Mocht u het wel ontdekken, dan mag het van mij op de voorpagina, met een kop van Telegraafachtig formaat.

Ik begrijp dat de maatschappelijke context relevant kan zijn voor de berichtgeving over wetenschap. Maar juist in een discussie waarin belangen, opinies en wetenschap steeds weer door elkaar lopen, door sommigen zelfs doelbewust worden vermengd, is er behoefte aan glasheldere duiding van de wetenschappelijke realiteit. Is dat niet de primaire taak van de wetenschapsredactie?

21 Reacties op “Evenwicht in de wetenschapsjournalistiek; een open brief aan Maarten Keulemans

  1. Rinus van Wallenburg

    Bij zoeken op de website van de Volkskrant kan ik bij de zoekopdracht Keulemans een heleboel artikelen vinden maar niet een artikel van 12 januari. Het is daarom niet mogelijk re reageren.

  2. Het artikel is voor zover ik weet niet op de openbare site te zien, jammergenoeg.

  3. Ik lees het artikel blijkbaar anders. Ik zie de de zin : “Wetenschap is geen democratie” ook als iets positiefs.

    Het gaat vooral om “het debat”. Daarmee wordt eigenlijk alleen maar mee bedoelt de herrie die zich afspeelt in de media en op het internet. Pertinent niet het wetenschappelijk debat, want dat is *afwezig*. Wetenschap gaat gewoon z’n gang en als er een kromme publicatie verschijnt, wordt daar via dezelfde wetenschap mee afgerekend. Het quasi-wetenschappelijk debat dat we bijvoorbeeld hier voeren is waar Margreet Vermeulen het over heeft. Nu heeft het hier nog wel niveau, maar er zijn dus plekken (Bert linkte er al naar) waar het tenenkrommend lezen is. En ook al refereren we allemaal aan de literatuur, het is nog steeds geen wetenschap. Het is slechts debat.

    Bij een debat krijg je automatisch het gevoel dat het pas eerlijk is als de partijen gelijk gehoord worden. Dat is wat de Volkskrantlezer (die vaak geen verstand heeft van klimaatzaken) natuurlijk ook denkt. Nu zegt Margreet dat zoiets vooral door de sceptici benadrukt wordt om de reden dat ze vinden dat ze de underdog zijn. Alarmisten willen volgens haar juist dat de krant de weegschaal laat doorslaan naar de warme kant, omdat gevolgen van de opwarming een belangrijke reden is om regelmatig over te berichten.

    Margreet zegt dan vervolgens dat beide kanten pech hebben, want we schrijven alleen maar als er iets te melden valt op wetenschappelijk gebied. En zo zou het ook moeten zijn voor die afdeling. Ze maakt dus een onderscheid tussen wetenschap en partijen in het klimaatdebat. Ik vind dat goed. En wat betreft die democratie, dat zal dus zeer waarschijnlijk betekenen dat er bijna uitsluitend “warmista-nieuws” in de Volkskrant zal komen. Sceptische papers bestaan nauwelijks. En hoe hard die sceptici ook kunnen roepen, het is niet het klimaatdebat waar de Volkskrant over wil schrijven, het is klimaatwetenschap.

    Zo lees ik dat artikel…

  4. Hierbij de volledige tekst van het stuk van Ombudsvrouw Margreet Vermeulen, in ‘Opinie en Debat’ van de Volkskrant van 12/1/2013. De bovenstaande reactie van Hans Custers is overigens gericht aan Maarten Keulemans.

    ‘Klimaatdebat is niet democratisch’ – Ombudsvrouw Margreet Vermeulen

    Weet u zeker dat de aarde gevaarlijk opwarmt door toedoen van de mens? Of weet u zeker van niet? In beide gevallen is de kans groot dat u zich boos gaat maken over dit stukje.

    Het klimaatdebat is voor journalisten bijna net zo’n mijnenveld als het Israëlisch-Palestijnse conflict. Eén (vermeend) verkeerd woord en op internet wordt gehakt van je gemaakt. Klimaatbloggers, maar ook veel ‘gewone’ Volkskrantlezers, turven nauwgezet hoeveel zorgelijke stukken de krant over het klimaat publiceert en hoeveel artikelen waarin de opwarming juist wordt gerelativeerd. Toen de Volkskrant op een gure zomerdag een verhaal bracht met de kop: ‘Waar blijft dat warme klimaat?’, ging bij de klimaatsceptici van http://www.climate-gate.nl de vlag uit, en sprak men de hoop uit dat de Volkskrant aan het ‘ontdooien’ was. Dat wil zeggen: zich tot het kamp van de klimaatsceptici zou bekeren. Maar toen de site van de Volkskrant eind vorig jaar meldde dat het zee-ijs in de Noordelijke IJszee krimpt tot een laagterecord, werd de krant weer van ‘klimaatporno’ beticht.

    De richting van de krant wordt vaak afgeleid uit de teneur van het laatste klimaatstuk. Lezers die het klimaatdebat kritisch volgen, willen dat de krant er ‘eerlijk en evenwichtig’ verslag van doet. Maar wat is dat? De meeste lezers bedoelen ermee dat de krant net zoveel aandacht moet hebben voor nieuws uit de hoek van de opwarmers als uit het kamp van de sceptici. Er zijn ook lezers die de krant pas in evenwicht vinden als het overgrote deel van de kopij over de gevaren van de opwarming van de aarde gaat. Immers, het overgrote deel van de klimaatwetenschappers (97 procent) maakt zich daar zorgen over en een kleine minderheid niet (3 procent).

    De chef van de wetenschapsredactie heeft slecht nieuws voor beide groepen lezers. ‘Wetenschap is geen democratie. Wetenschapsjournalistiek evenmin. Waar het om gaat, is waarheidsvinding. En soms spreekt de eenling die de consensus doorbreekt de waarheid. Als we allemaal hadden vastgehouden aan de consensus, hadden we nu nog gedacht dat de aarde plat is.’

    De wetenschapsredactie probeert nieuws te selecteren op de vraag of het meer inzicht biedt in de klimatologische ontwikkelingen. Ongeacht uit welk kamp het afkomstig is.Dat is dus ook slecht nieuws voor klimaatalarmisten. Zij menen dat de krant niet onpartijdig kan/mag schrijven over iets dat de aarde bedreigt. Journalisten hebben de plicht om stelling te nemen om de aarde te redden. De chef wetenschap voelt eerder de plicht ‘het hoofd koel te houden in een wereld die opwarmt’ en de plicht om afstand te houden in plaats van onderdeel te worden van het klimaatdebat. Hij is ook nog eens ‘zeer terughoudend’ als het gaat om apocalyptische, zondvloedachtige verhalen. ‘Mensen hebben de sterke neiging te denken in termen van acute rampspoed. Maar in werkelijkheid is zelfs snelle klimaatverandering iets wat zich maar heel geleidelijk voltrekt.’Lezers denken soms dat het klimaatdebat zich afspeelt tussen twee ongelijkwaardige partijen. Aan de ene kant de gevestigde belangen van onder meer de olie-industrie en aan de andere kant de arme, goed bedoelende ‘groene’ idealisten. Die idealisten zouden bij een krant als de Volkskrant een streepje voor moeten hebben. Maar dat beeld klopt niet, vindt de chef wetenschap. ‘Welnee, ook het circuit van de duurzamen heeft inmiddels grote commerciële belangen in duurzaam bouwen, duurzame energieopwekking, de ontwikkeling van nieuwe technologie en ga zo maar door. En vergeet de overheid niet. Die is ook partij sinds het overheidsbeleid is gericht op het verminderen van de CO2-uitstoot.’

    Ten slotte heb ik ook nog slecht nieuws voor de groep klimaatsceptici. De vraag òf de aarde is opgewarmd, zal (ook) in 2013 geen prominente rol spelen in de Volkskrantberichtgeving. Dat de aarde opwarmt, onder meer door CO2 en dus door toedoen van de mensheid, staat voor de wetenschapsredactie wel vast. De vraag is vooral hoe snel de opwarming gaat, en hoe erg het allemaal is. Elk nieuwsfeit dat het antwoord op die vragen dichterbij brengt, verdient een plek in de krant. Ongeacht uit welk kamp de boodschapper komt of wie met dat nieuws zijn voordeel denkt te kunnen doen.’Ook duurzamen hebben commerciële belangen’

  5. Ik was na het lezen van de krant afgelopen zondag ook al aan het werken aan een reactie en ben blij dat anderen het artikel ook bij de kop genomen hebben. Mijn reactie tot zover:
    —-
    Misschien wel naar aanleiding van de ingezonden brief van Jos Hagelaars (waarvoor dank!) is er in de Volkskrant vandaag een stuk verschenen van de Ombudsvrouw Margreet Vermeulen. Het gaat over de beschuldigingen van ‘false balance’ in de Volkskrant door beide kampen in het debat. Met de titel ‘Klimaatdebat is niet democratisch’ ben ik het helemaal in iedergeval eens.

    Na een indruk te geven van de lezersreacties laat Margreet de column in feite over aan Maarten. Hij heeft een aantal goede punten maar schrijft ook een aantal tegenstrijdigheden:

    Hij vergelijkt de huidige consensus in de wetenschap over klimaatverandering met de middeleeuwse consensus over de platte aarde en vergoedelijkt daarmee dat de eenling die de consensus doorbreekt daardoor onevenredig veel aandacht krijgt. Ik vind deze vergelijking volkomen misplaatst, de Grieks-filosofische en middeleeuws-theologische consensus over de platte aarde was geen wetenschap in een tijd waarin helemaal geen wetenschap bestond! Het was juist de wetenschappelijke methode die het ongelijk van die mening aantoonde. De correcte analogie met de huidige tijd zou als volgt gaan: de wetenschap is overtuigd door vele onafhankelijke bewijslijnen dat de aarde rond is en een enkeling is van mening dat de aarde plat is. Zouden we volgens Keulemans die enkeling nou werkelijk onevenredig veel aandacht moeten geven? Ik vermoed van niet, maar bij klimaatverandering blijkbaar wel.

    Keulemans schrijft terecht dat wetenschap en wetenschapsjournalistiek geen democratie zijn. Het punt van de wetenschappelijke consensus is dat de meeste wetenschappers het met elkaar eens zijn dat de consensus theorie de waarnemingen het beste verklaard. Het is niet aan de wetenschapsjournalistiek om te bepalen welke concurrerende theorieën beter zijn, wetenschapsjournalistiek heeft als taak om de wetenschap zo goed mogelijk te vertalen zodat het door een leek te begrijpen is, niet om de mening van de journalist te vertolken. De wetenschapsjournalistiek is immers geen democratie. Als Keulemans er een eigen mening bij heeft dan schrijft hij maar een column zoals de -overigens uitstekende- columns van Hans van Maanen.

    Keulemans schrijft ook ‘geen onderdeel van het klimaatdebat’ te willen worden, maar juist door zijn eigen mening of die van anderen met een tegengeluid als saus over de artikelen te gooien i.p.v. simpelweg het artikel van onderwerp in begrijpelijke woorden te vertalen mengt hij zich juist nadrukkelijk in het debat.

    Dat Keulemans weinig heeft met de beide uitersten van het klimaatdebat is begrijpelijk en goed. De bekende klimaatwetenschapper en communicator Stephen Schneider zei hierover vaak: “There are people who understate and there are people who overstate. So you may get end of the world versus good for you boxed extremes. Well, let me tell you: both are equally unlikely.”. Maar dat betekend nog niet dat bij de vertaling van wetenschappelijke publicaties die binnen de consensus positie vallen telkens onevenredig veel aandacht aan tegengeluiden gegeven moet worden. Die kritiek op de verslaggeving bij de Volkskrant is wat mij betreft volkomen terecht.

    Tot slot wil ik eindigen met het vervolg van de quote van Schneider:
    “So if a scientist is speaking in a Bell curve and you allow some probability of a really nasty outcome and some probability of beneficial outcomes I have no control about the fact that because I have concern about the more serious scenarios, and I do, I don’t want us to fall into that trap, I don’t take 10% risks with planetary life support system. That’s my personal view.”

    Ik hoop simpelweg dat Maarten Keulemans daaraan denkt voordat hij zich laat verleiden tot ‘false balance’ in zijn volgende artikel.

  6. Majava, wij hebben het artikel kennelijk iets anders gelezen. In het kort lees ik het als een excuus voor Keulemans om bij een artikel over een wetenschappelijke klimaat publicatie meningen van anderen en hemzelf ruim baan te geven.

    Een voorbeeld hiervan zie je bij de bespreking van het climatedice artikel van James Hansen, waarbij aan de publicatie zelf nauwelijks twee regels besteed worden en Keulemans voor de rest vrij baan geeft aan bloggers en anderen die het er niet mee eens zijn maar nauwelijks relevant-inhoudelijk op het stuk van Hansen ingaan. Reageerder Cynicus heeft hier eerder over geschreven.

    Balans tussen zwart en wit, links en rechts is altijd al een groot goed voor journalisten geweest, maar wetenschap is geen politiek. Keulemans redeneert alsof het wel zo is maar heeft daarin ongelijk. Wanneer wetenschap een consensuspositie bereikt heeft veranderd de balans tussen voor een tegen in een false-balance. Wetenschap is geen democratie.

  7. Hans Custers: G*dnondeju nog aan toe zeg, da hedde gij macht mooi verwoord! Petje af voor je krachtige argument en hoe je het opgeschreven hebt. Ik hoop van harte dat de Volkskrant jouw brief plaatst.

  8. @ontspan: ik las en vatte het inderdaad anders op. Maar ik hou wel de slag om de arm dat het een verkeerde interpretatie was. Ik lees geen enkele krant behalve Helsingin Sanomat en nog wat lokale sufferdjes, dus Vermeulen en Keulemans zijn voor mij totaal onbekend. Ik ben het uiteraard eens met je opvattingen over hoe wetenschap eigenlijk in de media zou moeten worden weergegeven.

  9. Het grappige is dat iedereen het erover eens is dat wetenschap geen democratie is: Niet iedere mening is wetenschappelijk gezien evenveel waard. Daarmee is de hele “false balance” dus ook misplaatst bij berichtgeving over wetenschap, juist omdat wetenschap geen democratie is. (wat ook heel mooi door Ontspan (ook een Brabo?) wordt verwoord). Skeptici zijn het om een andere reden eens met het gegeven dat wetenschap geen democratie is: Ze willen dat de minderheid meer gehoord wordt.

    Bij het verhaal van de eenling die de consensus omver werpt hoort ool het citaat van Carl Sagan genoemd te worden: “They laughed at Galileo, but they also laughed at Bozo the clown”.

    En daarnaast is het ook nog eens zo dat de prille klimaatwetenschap (in de 19de en vroeg 20ste eeuw) juist inging tegen het gevestige idee dat de nietige mens toch niet zo iets groots als het aardse klimaat zou kunnen beinvloeden. Dat er we;l degelijk een forse mendelijk invloed op het klimaat mogelijk was ging in feite in tegen de heersende (zij het niet zo sterk gefundeerde) consensus. Hoe sterker gefundeerd en hoe stabieler een consensus onder experts, hoe waarschijnlijker het is dat ze er niet heel ver naast zitten. Dat gegeven gebruikt iedereen, bewust of onbewust, in de weging van informatie waarover men zelf niet het fijne weet.

  10. Bart, misschien zijn de sceptici simpelweg in de war omdat in de uitspraak ‘Klimaatwetenschap is geen democratie’ wellicht nog iets ontbreekt. Eigenlijk zou het moeten zijn:
    ‘Klimaatwetenschap is geen democratie, het is een merocratie’

    Oftewel, wetenschap is de dictatuur van het beste idee, waarbij de definitie van ‘het beste idee’ is: datgene waar de meeste vakgerelateerde academici het mee eens zijn. Misschien dat iemand die kortgeleden nog het vak wetenschapsfilosofie gevolgd heeft het beter kan verwoorden?

    In die merocratie is maar heel weinig ruimte voor een dissidente minderheid zolang de dissidenten geen serieus alternatief bieden en laat dat nou net het probleem van de sceptici zijn: ze hebben geen alternatief dat de sniff-test overleeft, ze zijn alleen maar ‘tegen’. Het probleem voor de sceptici is dat Galileo de lat heel hoog legde: niet alleen ging zijn theorie in tegen de gevestigde opvattingen en werd hij daardoor geminacht, zijn theorie was ook nog eens correct (nou ja, in ieder geval correcter dan de theorie die de zijne verving). Geen enkele scepticus is nog in de buurt gekomen van Gallileo, de meesten doen niet eens een serieuze poging, dus waarom zouden ze aandacht verdiend hebben?

  11. PS1: Het citaat van Sagan gaat overigens als volgt:
    “But the fact that some geniuses were laughed at does not imply that all who are laughed at are geniuses. They laughed at Columbus, they laughed at Fulton, they laughed at the Wright brothers. But they also laughed at Bozo the Clown.”

    PS2: Helaas Bart, geen Brabander, maar een Fries. Ik hoop dat je me het lenen van een Brabantse parafrase vergeeft😉

  12. Jos Hagelaars

    Hans, een geweldig stuk!

    Ik heb het woord alarm of catastrofe nooit gebruikt in deze klimaatcontext en schaar mezelf niet onder de ‘alarmisten’. Ik verwacht derhalve eveneens dat de chef wetenschap van de Volkskrant aan mijn zijde staat en als ik ’s morgens de krant lees, moet ik helaas constateren dat dat regelmatig niet het geval is. Erg jammer dat Keulemans er bij tijd en wijle voor kiest om sterk gekleurde stukken te schrijven i.p.v. dit wetenschappelijk complexe en boeiende onderwerp zo goed mogelijk proberen te duiden voor de lezer. Volgens mij is dat goed mogelijk zonder teksten als “Antarctica smelt, koop maar vast een roeiboot”.
    Het klimaatsceptische verhaal ontbeert elke degelijke onderbouwing (zelfs in stukken voor een presentatie aan Minister Kamp zit bijna niets) en je zou verwachten dat een goede wetenschapsjournalist dat tenminste in de gaten heeft.

    PS, wel een ‘Brabo’, maar schrijven in dialect is niet mijn sterkste kant. Volgens mij gaat het zo:
    Da hedde gij schon gezeed menneke!

  13. Urgh, dat met die platte aarde is wel zo’n foutieve analogie. Of eigenlijk misschien wel een goede:
    er is namelijk *geen enkel bewijs* dat de geleerden in de Middeleeuwen dachten dat de aarde plat was (behoudens in China, overigens). Het “volk” had misschien dat idee, en let hier op “misschien”, maar de geleerden niet. De mythe dat Columbus werd uitgelachen omdat men dacht dat de aarde plat was, is precies dat: een mythe. Men lachte hem uit omdat men dacht dat men niet zo lang kon varen om bij Japan te komen zonder een véél groter schip om genoeg eten mee te nemen.

    Ofwel, ook hier hebben we een gat tussen wat de experts vinden, en wat de gewone man meent dat de waarheid is.

    Blech, zo veel domheid in de Chef Wetenschap, geen wonder dat de gewone man het eigenlijk allemaal niet weet (want waar krijgt die zijn kennis vandaan?).

  14. Ontspan, ik zou jouw definitie iets aan willen passen:

    Wetenschap is de dictatuur van het beste idee, waarbij de definitie van ‘het beste idee’ is: datgene wat het sterkste door de beschikbare aanwijzingen wordt ondersteund en wat het beste de observaties verklaart.

    Het logische gevolg daarvan is dat de meeste vakgerelateerde academici het ermee eens zullen zijn of worden.

  15. Uitstekende aanpassing Bart!

    En om deze post iets nuttiger te maken nog een mooie relevante quote van Isaac Asimov:
    “Anti-intellectualism has been a constant thread winding its way through our political and cultural life, nurtured by the false notion that democracy means that ‘my ignorance is just as good as your knowledge.’”

    Hier moet ik vaak aan denken als er weer iemand langs komt die van toeten noch blazen weet maar zijn conclusies al getrokken heeft.

  16. Lennart van der Linde

    Ontspan citeert Stephen Schneider:
    “… if a scientist is speaking in a Bell curve and you allow some probability of a really nasty outcome and some probability of beneficial outcomes I have no control about the fact that because I have concern about the more serious scenarios, and I do, I don’t want us to fall into that trap, I don’t take 10% risks with planetary life support system. That’s my personal view.”

    In dat citaat kan ik me goed vinden. Ik denk dat de beste schattingen al behoorlijke schade zullen toebrengen aan onze samenleving. Het risico op nog schadelijker effecten lijkt echter aanzienlijk, dus de redelijke reactie daarop is met enige voorzorg te werk te gaan. Deze opvatting wordt vaak ten onrechte als ‘alarmistisch’ weggezet. Het risico op een alarmerend extreem scenario lijkt helaas aanwezig, dus daar niet gealarmeerd op reageren is extreem onverantwoordelijk. Dat is iets anders dan dat extreme scenario nog ‘ns extra te gaan overdrijven. Dat soort overdrijving komt voor, maar voorzover ik kan zien een stuk minder vaak dan het in meer of mindere mate bagatelliseren van de risico’s. Het aantal ‘struisvogels’ lijkt me vooralsnog een stuk groter dan het aantal alarmisten en ‘alarmisten’.

  17. Hans Custers

    @ Lennart,

    Het probleem is dat is dat wij, mensen – ik durf hier in eerste persoon meervoud te spreken omdat ik zeker weet dat ook professionele risico-analisten in hun dagelijks leven wel eens de fout in gaan – zo slecht zijn in het rationeel afwegen van risico’s. Dat geldt zeker voor risico’s van het type kleine kans, grote gevolgen. Veel mensen blijken moeite te hebben met het onderscheid tussen een worst case scenario en een voorspelling, of met het inzicht dat klimaatverandering geen kwestie is van ofwel het einde van de mensheid, ofwel niets aan de hand.

    Misschien komt het wel omdat we geneigd zijn instinctief te reageren op berichten over gevaar. Ons instinct kan niet zo veel met nuances. Dat wil gewoon weten of we door kunnen gaan met jagen en verzamelen alsof er niks aan de hand is (“kleine kans”) of juist in redeloze paniek moeten raken (“grote gevolgen”).

  18. Hans, heb je dit stuk nog ingestuurd? En heb je nog wat gehoord van de VK of Maarten Keulemans?

  19. Pingback: Hans, wat is nou eigenlijk het probleem? | Klimaatverandering

  20. Lennart van der Linde

    Hans,
    Vooruitdenken en rationeel afwegen van risico’s is inderdaad moeilijk, helemaal als het gaat om zaken waar we weinig of geen ervaring mee (kunnen) hebben. Tegelijkertijd dwingt ons overlevingsinstinct ons ertoe onze beperkte vermogens daartoe maximaal te benutten.

    Een kernoorlog hebben we tot dusver met meer gelukt dan wijsheid vermeden. Qua CO2-uitstoot lijken we al op een niveau waarbij we grote ongelukken mogelijk/waarschijnlijk niet meer kunnen voorkomen, maar nog grotere ongelukken misschien wel.

    Ook al is het moeilijk, laten we de risico’s zo goed mogelijk in beeld proberen te krijgen, om ze vervolgens zo goed mogelijk tegen elkaar af te kunnen wegen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s