De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (7 t/m 9)

Gastblogger Hans Custers behandelt “De 10 redenen waarom er geen klimaatcatastrofe komt” van Climategate.nl

7. De zon was in de tweede helft van de 20e eeuw actiever dan in duizenden jaren daarvoor en het is logisch dat de temperatuurstijging daarna nog een tijdje doorgaat
8. Sinds 2007 is de zon geleidelijk aan het inslapen en krijgen we vanaf 2013 volgens Prof. De Jager een Dalton minimum (koude fase uit kleine ijstijd) en volgens anderen zelfs een bitterkoude herhaling van het Maunder minimum
9. Onderzoek van Bas van Geel levert keihard bewijs voor de extreme gevoeligheid van het klimaat voor veranderingen van de zon

Daar hebben we de zon nog een keer. Die was in punt 5 al voorbij gekomen, maar blijkbaar was dat niet genoeg. Misschien is die extra aandacht wel terecht, want de zon is nu eenmaal de drijvende kracht van het klimaat. Zonder zon zouden we helemaal geen klimaat hebben, zou je zelfs kunnen zeggen.

Deze drie argumenten over de zon leggen meteen een probleem bloot. Er komen al jarenlang allerlei sceptische theorieën voorbij over de zon die elkaar deels overlappen, deels heel andere kanten opgaan en elkaar soms zelfs tegenspreken. Het lijkt wel of de meeste klimaatsceptici naar believen uit al deze theorieën de elementen plukken die ze op een bepaald moment van pas komen, waardoor het nogal onduidelijk wordt wie wanneer welke theorie wel of niet serieus neemt.

sunspotnumbers_strip

Activiteit van de zon sinds 1600

Het klopt wel dat de zon in de tweede helft van de vorige eeuw behoorlijk actief was. Zeker actiever dan in honderden jaren daarvoor en misschien waren het er zelfs wel duizenden. Hoe het precies zit ligt er aan hoe je zonne-activiteit definieert en welke reconstructie je bekijkt. Het vervelende nieuws voor de aanhangers van zonnetheorieën is wel dat de top van die activiteit rond het midden van de twintigste eeuw lag. En dat er vooralsnog geen zinnige verklaring is voor een invloed van de zon op de snelle opwarming die in de jaren zeventig begon. Een beperkte invloed van die actieve zon op de temperatuurstijging tot het midden van de 20e eeuw wordt trouwens algemeen geaccepteerd door de wetenschap. De invloed van variaties in zonneactiviteit op het klimaat is goed in te schatten, omdat er voldoende bekend is over de variaties in zonnestraling die daarmee samenhangen.

Activiteit van de zon versus temperatuur

Activiteit van de zon versus temperatuur

Volgens de hypothese van Svensmark, die tegenwoordig bijzonder populair is bij sceptici, moet je niet alleen de energie die rechtstreeks van de zon komt bekijken. Die hypothese is samen te vatten als:

  • het magneetveld van de zon varieert met de zonne-activiteit;
  • dit magneetveld beïnvloedt de hoeveelheid kosmische straling die de atmosfeer van de aarde bereikt;
  • kosmische straling speelt een rol bij het ontstaan van minuscule vaste deeltjes hoog in de atmosfeer;
  • die deeltjes helpen bij het ontstaan van bewolking;
  • bewolking heeft een afkoelend effect.

Deze punten zijn geen van allen onaannemelijk en dus is de hypothese niet zo vreemd. De vraag is vooral of het effect groot genoeg is om een merkbaar effect te hebben op het klimaat. Er zijn vooralsnog geen aanwijzingen dat dit het geval is. Onderzoek laat zien dat de zonne-activiteit, kosmische straling en temperatuur lang aardig in de pas liepen, maar dat de temperatuur ruim 30 jaar geleden besloot zijn eigen weg te gaan.

Kosmische straling versus temperatuur

Kosmische straling versus temperatuur

Sceptici willen nog wel eens beweren dat het CLOUD experiment van Cern het definitieve bewijs voor de Svensmark-hypothese heeft geleverd, maar niets is minder waar. CLOUD onderzoekt enkel en alleen de invloed van kosmische straling op het ontstaan van ultrakleine deeltjes in de atmosfeer en heeft tot op heden alleen gevonden dat dat niet zo makkelijk gaat als werd aangenomen. De hypothese wordt er alleen maar onwaarschijnlijker op.

Dan komen we bij twee Nederlandse klimaatsceptici die daadwerkelijk actief zijn als wetenschapper. Kees de Jager heeft een uitstekende reputatie als astrofysicus, met vooral veel kennis van de zon. Dat we zijn voorspelling serieus moeten nemen is inmiddels gebleken, want de huidige zonnecyclus laat bijzonder weinig activiteit zien. Zijn voorspelling van een Maunder minimum heeft hij vorig jaar volledig teruggenomen; de anderen die dat nog wel voorspellen hebben dat nieuws misschien niet meegekregen. De Jagers ideeën over het klimaat zijn minder overtuigend. In het verleden kende hij een grote rol toe aan de Coronal Mass Ejection, een fenomeen dat zich afspeelt op de zon. Van die theorie is zijn recentere publicaties weinig meer over; tegenwoordig lijkt zijn verhaal op dat van Svensmark. De zon staat nu al vijf jaar op het waakvlammetje en er is nog niets dat wijst op een naderende kleine ijstijd. Nu weet ik wel dat ik vorige week nog schreef dat een periode van vijf jaar te kort is voor conclusies, maar dan gaat het om het beetje bij beetje toenemende broeikaseffect. Als de CO2-concentratie in één klap terug zou vallen naar het niveau van voor de industriële revolutie, dan zou je wel degelijk verwachten daar heel snel een effect van te zien. De verandering in zonne-activiteit is van deze orde.

De huidige zonnecyclus

De huidige zonnecyclus

De huidige zonnecyclus is zwakker dan in eeuwen het geval is geweest. Dat biedt talloze mogelijkheden voor wetenschappelijk onderzoek, ook naar de invloed van zonne-activiteit op het klimaat. Dat onderzoek zal ongetwijfeld nieuwe inzichten opleveren. Even ongetwijfeld zullen de talloze klimaatsceptische blogs deze inzichten oppikken om ze op te blazen, te verdraaien en te vertekenen, uit hun context te halen en wat ze verder nog doen om hun “gelijk” aan te tonen. Vele korrels zout zijn hier geboden.

Bas van Geel is afgelopen jaar vooral opgevallen door in interviews in enkele kranten waarin hij enkele stellige beweringen deed die totaal niet ondersteund worden door zijn wetenschappelijk werk. Verschillende mensen hebben daar op gewezen, onder meer Jos Hagelaars op dit blog. Het antwoord van Van Geel is beperkt gebleven tot een scheldpartij aan het adres van Martijn van Calmthout, wetenschapsjournalist van De Volkskrant, toen die op zijn blog hetzelfde constateerde. De uitspraken van publiek persoon Bas van Geel zijn niet in overeenstemming met het werk van wetenschapper Bas van Geel, dat is het enige waarvoor inmiddels echt keihard bewijs bestaat.

Om alles nog eens samen te vatten: de zon heeft invloed op het klimaat, daar is iedereen het over eens. Maar dat betekent natuurlijk niet dat broeikasgassen geen invloed hebben. Er is niets dat er op wijst dat de zon bijgedragen zou hebben aan de opwarming van de afgelopen decennia, er zijn meerdere aanwijzingen voor het tegendeel. De zon is nu al vijf jaar nauwelijks actief en er is niets dat op een significante afkoeling wijst. De enige verklaring: het broeikaseffect.

Enkele aanvullende links:

  1. Realclimate over kosmische straling
  2. Laken et al.: A cosmic ray-climate link and cloud observations
  3. Peter Foukal: A New Look at Solar Irradiance Variation
  4. Feulner & Rahmstorf: On the effect of a new grand minimum of solar activity on the future climate on Earth

Eerdere delen van deze serie:

29 Reacties op “De sceptische top 10 of: waarom klimaatsceptici ongeloofwaardig zijn (7 t/m 9)

  1. @Boels: ja dat zat er in. Kom je er met Maunder niet, dan schakel je over op Dalton, redelijk logisch, had ik ook gedaan. Kom je alleen als IPCC zijnde niet mee weg, met zo’n bijstelling. Dan is de intertubes te klein… Als *scepticus* heb je toch wel een enorme vrijheid in je marges.

    Maar wat is nu eigenlijk de waarde van voorspellingen voor cyclus 25 en verder aan de hand van het (relatief lang durende) minimum tussen 23 en 24 en de zwakke cyclus 24?

  2. Beste Boels, Majava,

    Sorry, maar de zeer gewaardeerde prof. de Jager en dr. Duhau doen zélf niet anders dan hun voorspellingen overhoop gooien en telkens weer iets anders voorspellen!

    En ik ben niet zo onder de indruk van een ‘voorspelling voor de sterkte van het zonnemaximum in 2013’ die verschijnt in… januari 2013. Dat het maximum voor de huidige cyclus 24 in 2013/2014 zou gaan vallen, was al jaren bekend:

    NASA hield het op: “NASA predicts that solar cycle 24 will peak in early or mid 2013 with about 59 sunspots. This would make it the least active cycle in the past one hundred years. The International Space Environment Service predicts the cycle to peak at 90 sunspots in May 2013.

    In 2008 voorspelde prof. de Jager eerst een nieuw Maunder minimum.

    Maar in 2012 jaar kwam hij weer met: “Scientists Say A Grand Episode In Solar Activity Started in 2008 – But No Support For A Grand (Maunder-Type) Minimum“.

    In dat artikel in 2012 werd door de Jager gesteld:

    …we predict that this Grand Episode will be of the Regular Oscillations type, which is the kind of oscillations that also occurred between 1724 and 1924. Previous expectations of a Grand (Maunder-type) Minimum of solar activity cannot be supported. We stress the significance of the Hallstatt periodicity for determining the character of the forthcoming Grand Episodes. No Grand Minimum is expected to occur during the millennium that has just started.”

    de Jager voorspelde in 2012 dus een herhaling van de de cycli sinds 1724. In essentie een ‘normale’ zonnesterkte:

    En nu, in 2013, komt hij met een artikel waar het om een herhaling van het ‘Dalton minimum’ vanaf 1800 zou gaan.

    Feitelijk heeft prof. de Jager nu dus alle varianten van zonneactiviteit voorspeld. Op die manier zit er altijd wel één paper tussen dat uitkomt.🙂

  3. De Zon is de belangrijkste bron van warmte voor de oceanen en zeeën.
    In het voorjaar begint de Noordzee op te warmen doordat er steeds meer zonlicht op het zeewater valt.
    De afgelopen jaren (sinds 2007) is de temperatuur van de Noordzee geleidelijk gedaald.
    Natuurlijk is een periode van 5 jaar te kort om wetenschappelijke conclusies te trekken.
    Maar toch vind ik het intrigerend, dat een ondiepe zee als de Noordzee in de zomer niet meer zoveel opwarmt als 5 jaar geleden.
    Bereikt minder zonlicht het zeeoppervlak?
    Verdampt er meer water uit de Noordzee dan 5 jaar geleden?
    Stroomt er meer koud water uit de Atlantische Oceaan de ondiepe Noordzee binnen?

  4. Hans Custers

    Vijf jaar aan data van de Noordzee; hoeveel procent van het aardoppervlak is de Noordzee eigenlijk, Hans? Dan ben je geen kersen meer aan het plukken, dan pluk je hoogstens nog één minuscuul besje. Ik zie geen enkele reden waarom we hier aandacht aan zouden moeten besteden in een serieuze discussie over het klimaat.

  5. Heb je wel eens gekeken naar de rest van de wereldzeeën, Hans?
    Ook de Oostzee is sinds 2007 afgekoeld.
    En hier is het plaatje voor het zeegebied tussen China en Korea.

    Doe gerust zelf ook wat datamining. Op veel meer plaatsen is het zeeoppervlak aan het afkoelen sinds 2007.

  6. Global ocean heat content.

    Er is een reden dat men het over “global” (en niet local) warming heeft, Hans.

    Maar deze draad gaat over de zon.

  7. Beste Hans Verbeek,

    De Noordzee is een klein en relatief ondiep deel van de oceaan. Zo’n klein gebied is het absolute tegendeel van de wereldgemiddelde temperatuursanomalie en de mondiale klimaatverandering. Daar komt nog bij dat jij alleen over de periode 2007 – 2012 kijkt. Het is dus zowel qua ruimte als qua tijd: cherrypicking.

    De wereldwijde klimaatverandering wil NIET zeggen dat iedere plek op aarde opwarmt, en al helemaal niet dat iedere plek opwarmt op elke willekeurige tijdschaal.

    Met andere woorden: het aardoppervlak warmt niet egaal op.

    De klimaatsimulaties laten dat ook zien, die voorspelden al sinds ’68 de Arctic amplification die je nu heel evident waarneemt: het Noordpool-gebied warmt veel sneller op dan de equatoriale gebieden.

    Wel stijgen gemiddeld de temperaturen, en neemt de warmte-inhoud (in Joules) toe. Het tempo waarin de totale warmte-inhoud toeneemt is regelmatiger dan waarmee de oppervlaktetemperaturen stijgen. Dat komt doordat warmte zich kan verplaatsen tussen delen van het klimaatsysteem, zoals oceaan en vasteland, tropische gebieden en poolgebieden etc. De optelsom blijft in dat geval gelijk, maar je meet het wél of niet op je thermometers aan het oppervlak.

    De temperaturen in de Noordzee worden op korte tijdschalen sterk beïnvloedt door de variatie in lokale windrichtingen – de ligging van hoge- en lage-druk gebieden. Ook heeft variatie in de Golfstroom (althans de Noord-Atlantische Drift) enige invloed op de temperaturen in de Noordzee.

    Nota bene: op langere tijdschalen middelen deze variaties uit, en dan zie je de opwarming.

  8. Inderdaad, Bart.
    De Noordzee en de Oostzee worden elk jaar opgewarmd door de Zon, hoewel je niet kunt uitsluiten dat er ook warm oceaanwater de Noordzee instroomt.

    Als de opwarming van de Noordzee tussen 1980 en 2005 een gevolg is van global warming, hoe verklaar je dan de afkoeling van de ondiepe Noordzee na 2007?
    Als je daar niet over durft na te denken, dan zal ik erover ophouden.

  9. Hans,

    We hebben al ’s eerder uitgebreid gediscussieerd over de variabiliteit in Noordzee-temperaturen, hier:

    https://klimaatverandering.wordpress.com/2012/11/19/maarten-keulemans-over-climatedialogue/#comment-2283

    Verdere discussie die niet over de rol van de zon gaat, s.v.p. onder dat bestaande draadje. Daar is namelijk ook de nodige achtergrond te lezen…🙂

  10. Hans,

    Op langere tijdschalen middelen deze variaties uit, en dan zie je de opwarming.

    Net als bij de oppervlaktetemperaturen. Nogmaals:

    De wereldwijde klimaatverandering wil NIET zeggen dat iedere plek op aarde opwarmt, en al helemaal niet dat iedere plek opwarmt op elke willekeurige tijdschaal.

    Met andere woorden: het aardoppervlak warmt niet egaal op.

    Verder s.v.p. onder het al bestaande draadje.

  11. Bob, dit topic gaat bij uitstek over de zonne-activiteit en de invloed op de Aarde sinds 2007. We moeten ons dus beperken tot veranderingen, die de afgelopen 5 jaar zijn opgetreden.

  12. Hans Custers

    Hans,

    De suggestie dat ik een stuk zou schrijven dat uitsluitend zou gaan over de afgelopen 5 jaar is een belediging van mijn verstandelijke vermogens. Zou je het stuk alsjeblieft eerst in zijn geheel willen lezen voor je een volgende reactie plaatst?

  13. Hans, als je zo snel beledigt bent, dan moet je misschien maar niet meer bloggen of mijn reacties maar weer verwijderen.
    Jammer dat niemand serieus nadenkt over de reden waarom ondiepe zeeën over de hele wereld de afgelopen jaren afkoelen.

    “Als de CO2-concentratie in één klap terug zou vallen naar het niveau van voor de industriële revolutie, dan zou je wel degelijk verwachten daar heel snel een effect van te zien.”

    Heb je een onderbouwing voor deze bewering?
    Denk je niet dat het vele jaren duurt voordat de oceanen weer zijn afgekoeld?

  14. Hans Custers

    Hans,

    Je hebt gelijk, ik reageerde een beetje overdreven.

    Maar het is wel eens irritant dat jij steeds maar weer niet lijkt te begrijpen wat ik bedoel, terwijl ik het altijd zo helder en eenvoudig mogelijk probeer te formuleren. Ook nu weer. Ik beweer namelijk helemaal nergens dat de temperatuur onmiddellijk terug zou zakken naar het niveau van 100 jaar geleden als de CO2 flink zou dalen. Je zou wel verwachten snel het begin van afkoeling te zien, omdat er een onenvenwicht in de stralingsbalans zou ontstaan. Dat onevenwicht is het grootst als de aarde nog warm is en neemt dan geleidelijk af.

  15. Jos Hagelaars

    @Hans Verbeek

    Het effect van een redelijk snelle verlaging van de CO2 concentratie is te zien in figuur 1 van:
    http://www.climate.unibe.ch/~joos/papers/froelicher10cd.pdf

    Let hierbij de doorrekening van het A2 scenario, waarbij vanaf 2100 de CO2 emissies op 0 gesteld zijn. Figuur 1b laat zien dat in hun model de CO2 concentratie in het begin snel daalt, waarna die daling steeds langzamer gaat. De temperatuurresponse in figuur 1c geeft eenzelfde beeld, naar mijn mening precies zoals Hans Custers het omschrijft: een snel begin van afkoeling.
    Logischerwijs lijkt de temperatuurresponse op het omgekeerde van het grafiekje waar Bob ons op gewezen heeft in de discussie met Bert Amesz:
    http://stratus.astr.ucl.ac.be/textbook/chapter4_node5.xml
    Als je in een keer de CO2 concentratie weer terugbrengt naar zo’n 280 ppm, is die richtingscoëfficiënt in het begin meer negatief. Je kunt er zelf mee spelen via die java-applet aldaar.

    De traagheid van het hele systeem is goed zichtbaar in de grafieken. Zelfs als we nu onmiddellijk stoppen met emitteren van CO2 (iets boven het ‘Hist’ lijntje) zal in 2500 de temperatuur nog boven die van 100 jaar geleden liggen.

  16. Hans,

    Je inleiding beperkt zich tot slechts twee aspecten van de zon: energie en de relatie met kosmische straling. Ik wil er een derde aspect aan toevoegen: ultraviolet. UV-straling fluctueert sterk mee met de zonneactiviteit. Ik zie twee UV-relaties die ook in mijn boek aan de orde komen:

    De eerste is fotosynthese. Méér UV betekent hogere CO2-opname door land en oceaan. Dus een afkoelend effect. Ik weet overigens niet of het significant is.

    Het tweede effect werkt als volgt. UV bevordert de vorming van ozon in de lage stratosfeer c.q. hoge troposfeer. Daardoor ontstaan er temperatuurvariaties. Die hebben op hun beurt effect op het patroon van bijvoorbeeld de Arctische Oscillatie en Noord Atlantische Oscillatie. De AO/NAO heeft dan weer invloed op de aangroei en verbreiding van het Arctische zee-ijs. En dat zee-ijs heeft weer invloed op de intensiteit van de AMOC, een belangrijke aanjager van klimaatschommelingen. Ook zijn er aanwijzingen dat de ENSO beïnvloed wordt door de activiteit van de zon. Derhalve een niet te onderschatten versterkende feedback.

    Dan een kanttekening bij de ‘klimaatsceptische stellingen’:

    Stelling 1 is – ten dele – correct. Het patroon van de solar forcing – d.w.z. geleidelijke toename tussen 1900-1960, gevolgd door stabilisatie – werkt door ná 1960. Vergelijk het maar met het patroon van geleidelijke toename van CO2 (TCR). Maar aangenomen mag worden dat deze feedback in de klimaatmodellen wordt meegenomen. Is dat na-ijl effect verwerkt in je tweede grafiekje? Ik denk van niet.

    Stelling 2 is mogelijk – wederom ten dele – ook correct. Tenminste als je af mag gaan op de prognose van NASA: http://science.nasa.gov/science-news/science-at-nasa/2006/10may_longrange/

    Dan nog even over die kosmische straling. Merkwaardig is dat je hier zelf eerst een aanvullende sceptische stelling poneert die je vervolgens weer gaat debunken. Vooruit dan maar. Maar je had voor de volledigheid dan kunnen melden dat er wél een verband is tussen zonneactiviteit en cosmic rays, maar dat het effect daarvan op de cloud albedo niet aangetoond is. Jouw derde grafiek – het verband tussen temperatuur en cosmic rays – is geen bewijs dat het cloud albedo effect niet bestaat. Hopelijk zie je dat zelf ook in.

    Ik ben van mening dat je de rol van de zon en zijn versterkende effecten te snel afserveert. Je laatste zin – “ De enige verklaring: het broeikaseffect” – wordt zelfs door IPCC niet onderschreven.

  17. Hans Custers

    Bert,

    In dat tweede grafiekje (zon vs temperatuur) staan meetwaarden. Daar zit dus elk naijl-efffect dat er zou zijn in.

    Over cosmic rays schrijf ik: “De vraag is vooral of het effect groot genoeg is om een merkbaar effect te hebben op het klimaat”. Ik beweer daarmee dus zeker niet dat het cloud albedo effect niet bestaat.

    Je hebt deze serie gelezen, dan had je toch moeten zien het hele concept bestaat uit het poneren van sceptische stellingen om die vervolgens te debunken. Wat ik schrijf over CLOUD – ik neem aan dit de “aanvullende sceptische stelling” die je bedoelt – past volgens mij prima in dat concept.

    In de tweede alinea probeerde ik duidelijk te maken dat er zo veel sceptische verhalen zijn over de (echte en vermeende) invloed van de zon dat er geen beginnen aan is om ze allemaal te behandelen en dat het mij ook niet altijd lukt alle bomen door het bos te zien. Dat doet niet af aan het feit dat elke theorie die de zon als oorzaak ziet van de snelle opwarming in het laatste kwart van de vorige eeuw pure speculatie is.

    Tenslotte: ik neem aan dat je begrijpt dat je mijn slotzin moet bezien in de context van de paragraaf die eraan voorafgaat. Ik beweer zeker niet dat de zon altijd en overal de enige en allesbepalende factor is in het klimaat. In die context sta ik nog steeds helemaal achter die slotzin, al realiseer ik me dat een echte wetenschapper het waarschijnlijk wat minder stellig zou formuleren. Maar ja, ik ben dan ook geen wetenschapper.

  18. Hans Custers

    Oeps, de tweede zin in die laatste alinea had natuurlijk moeten zijn: “Ik beweer zeker niet dat het broeikaseffect altijd en overal de enige en allesbepalende factor is in het klimaat”

  19. Hans,

    Je correctie was – voor mij althans – overbodig, want ik had ‘m al begrepen. Ik ben het overigens volstrekt met je eens dat de zon geen verklaring is voor de snelle opwarming van de afgelopen decennia. Daar bestaat dus geen misverstand over. De relatie UV-ozon-NAO-AMOC en zon-ENSO heb ik genoemd als mogelijk versterkende feedback in algemene zin. Er zijn wetenschappers die daar mee bezig zijn (geweest), maar eenduidig is dat allemaal nog niet voor zover ik weet.

  20. Uuuuhhh…Bert? Bedoel je met je verwijzing naar meer UV en hogere CO2 opname door land en oceaan op een hogere fotosynthese?

    Zo ja, dan moet je heel even de literatuur induiken. Fotosynthese vindt iha plaats dankzij straling in het zichtbare deel van het spectrum, terwijl de impact van UV straling nogal wisselend is. Sommige planten maak je echt niet blij met meer UV, die krijgen een veel langzamere fotosynthese. Hier is al heel veel onderzoek aan gedaan, dus je moet genoeg kunnen vinden.

  21. Beste Bert Amesz,

    Zonnesterkte, inclusief “versterkende effecten”, is na het midden van de 20e eeuw in tegenfase met de oppervlaktetemperaturen.

    Vóór 1950 ging dat juist behoorlijk gelijk op. De stijgende zonnesterkte, met inbegrip van eventuele “versterkende effecten”, droeg toen wel direct bij aan stijgende temperaturen. Voor het midden van de 20 eeuw correleerde de zonnesterkte praktisch meteen, of bijna meteen, met stijgende temperatuur. En eventuele “versterkende effecten” moeten ook voor 1950 bestaan hebben.

    Je kan dat ook zien in deze plot: http://oi45.tinypic.com/29nz33l.jpg

    Zonnesterkte en T lopen aardig gelijk op over 1900 – 1950. Daarna divergeren die. Je ziet dat [CO2] en T aanzienlijk sterker correleren met een R^2 van maar liefst 0.77

    De UV-straling en GCR’s veranderen synchroon met de variatie in zonneactiviteit en TSI. Dus het effect van deze versterkende factoren *is* al inbegrepen in de correlatieplot. Ook voor 1950.

  22. Marco, ja, je hebt gelijk.

  23. Ik had moeten schrijven: “mogelijkerwijs versterkende factoren” in die laatste alinea.🙂

    Niemand ontkent dat de variatie in zonnesterkte, naast variatie in andere factoren, een rol speelt voor het klimaat in het algemeen. Samen met afgenomen vulkanisme én de toegenomen anthropogenic forcing kan het bijvoorbeeld het temperatuursverloop in de eerste helft van de 20e eeuw goed verklaren. Zie IPCC AR4:

    “It is very unlikely that climate changes of at least the seven centuries prior to 1950 were due to variability generated within the climate system alone. A significant fraction of the reconstructed Northern Hemisphere interdecadal temperature variability over those centuries is very likely attributable to volcanic eruptions and changes in solar irradiance, and it is likely that anthropogenic forcing contributed to the early 20th-century warming evident in these records.”

    Wat het IPCC aangeeft is dat “internal variability” te kort schiet als verklaring voor de veranderingen voor 1950.

    Het gaat “very likely” juist om external forcing door vulkanische erupties en zonnesterkte, aangevuld met “anthropogenic forcing” over de eerste helft van de 20 eeuw.

  24. Jos Hagelaars

    @Bert Amesz

    “Méér UV betekent hogere CO2-opname door land en oceaan.”

    Dat zal toch hopelijk niet in je boek staan?

    “UV bevordert de vorming van ozon in de lage stratosfeer c.q. hoge troposfeer.” +
    “Derhalve een niet te onderschatten versterkende feedback.”

    Een onderwerp dat we hier al uitgebreid besproken hebben.
    De conclusie van een artikel van Tourpali en o.a. Rob van Dorland (link op dat there’s-always-the-sun-blog), wat specifiek dit UV mechanisme betreft, wil ik hier wel even herhalen:
    “Our radiative forcing results show that the 11-year solar cycle effect on global mean temperature is negligible, but simulated responses of sea level pressure do suggest that regional effects are probably significant, e.g. by affecting the North Atlantic Oscillation.”
    Voor de gemiddelde mondiale temperatuur is die feedback dus verwaarloosbaar.

    “Ik ben van mening dat je de rol van de zon en zijn versterkende effecten te snel afserveert.”

    Ik deel je mening helemaal niet. Zie Benestad & Schmidt 2009: “Our analysis shows that the most likely contribution from solar forcing a global warming is 7 ± 1% for the 20th century and is negligible for warming since 1980.”
    Die andere 93% komt van de invloed van de mens en zo nu en dan een vulkaan. De activiteit van de zon vertoont sinds in ieder geval 1950 geen enkele trend en toch is na 1970 de temperatuur gestegen. Volgens mij heeft Hans volledig gelijk, de enige verklaring: het broeikaseffect.

  25. Hallo Jos,

    Dank. Maar je link naar het artikel van Benestad werkt niet op m’n PC. Dus ik heb het nog niet kunnen lezen.

    Aangaande het verband tussen UV en NAO doelde ik inderdaad op een studie waar van Dorland aan mee heeft gewerkt. Mocht dat verband significant zijn, dan is het interessant. Want de NAO heeft immers effect op de AMOC. Ik heb daar publicaties over gelezen, ik ga ze proberen terug te vinden en zal de links hier dan plaatsen.

    We zijn het eens over het feit dat de zon geen rol heeft gespeeld in de snelle opwarming van laatste decennia. Had ik ook al aan Hans gemeld.

  26. Jos Hagelaars

    Bert,

    Bij mij werkt de link ook niet. Ik had hem zo in mijn database staan, maar sinds Wiley die online artikelen beheert, werken een heleboel van die links niet meer. Volgens mij verdwijnt er weer meer achter de betaalmuren, wat een slechte zaak is in mijn ogen.
    Ik heb nog een link naar Benestad et al kunnen vinden die wel werkt:
    http://88.167.97.19/albums/files/TMTisFree/Documents/Climate/Solar_trends_and_global_warming_2009_Benestad_Schmidt.pdf

    Over Tourpali: men concludeert juist dat de invloed op de mondiale temperatuur verwaarloosbaar is.

  27. Hallo Bert,

    Het punt van de publicatie van Tourpali en Rob van Dorland is dat het zogeheten ‘top-down effect’ als gevolg van de variatie in UV-straling waarschijnlijk alleen een regionaal effect kan hebben:

    Our radiative forcing results show that the 11-year solar cycle effect on global mean temperature is negligible, but simulated responses of sea level pressure do suggest that regional effects are probably significant, e.g. by affecting the North Atlantic Oscillation.

    Een tweede aspect is dat UV-straling synchroon varieert met TSI en met zonneactiviteit. Als het al een rol speelt, is het een onderdeel van de eventueel versterkende factoren bovenop die variatie in TSI. De attributie-studies die de invloed van de zon op de mondiale temperatuur in kaart brengen, kijken onvermijdelijk naar het samengestelde/versterkte effect van TSI + GCR’s + UV aangezien deze gelijk op variëren.

    Het top-down effect kan, interessant genoeg, wel significante invloed hebben op de luchtdrukverdeling en daardoor de preferente windrichtingen boven West-Europa. Het lijkt dan ook een mogelijke verklaring voor de interessante lokale/regionale variaties die bijvoorbeeld Bas van Geel gevonden heeft.

  28. Dus:
    – vervuiling heeft invloed op klimaat
    – de zon heeft invloed op het klimaat.
    – Smeltend ijs (om welke reden ook) koelt zeeen af, en dat heeft invloed op klimaat.

    So what’s new? We weten niet hoeveel van ieders invloed, alsmede hun samenhang, en kunnen hooguit iets tegen vervuiling doen(er zit geen knopje op de zon). We zijn vooral goed in het bedenken waarom we niets tegen die vervuiling/Co2 moeten doen. B.v. door te suggereren dat moedertje natuur de grootste invloed heeft, ook al zóu dat waar zijn…
    Lekker simplistisch? kan best zo zijn – m.i. is er geen hogere wiskunde voor nodig en zijn allerlei dure onderzoeken wellicht spannend om te doen maar leiden alleen de juiste aandacht af. En ja, ik rijd ook auto en ben medeschuldig.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s