KNMI: Toename Antarctisch zeeijs juist gevolg van opwarming

De gemiddelde Nederlander kent het KNMI voornamelijk van de dagelijkse weersverwachting.  Daarnaast wordt er echter ook hoogwaardig onderzoek verricht o.a. op het gebied van de klimaatwetenschap. Daarin speelt het KNMI op het hoogste niveau mee.

De nieuwste KNMI publicatie, van Richard Bintanja, Geert Jan van Oldenborgh, Sybren Drijfhout, Bert Wouters en Caroline Katsman, verscheen op 31 Maart 2013 in Nature Geoscience en betreft een verklaring voor de toename van de zeeijsbedekking rond Antarctica.

In tegenstelling tot het Arctische gebied, waar de zeeijsbedekking met ca 4.1% per jaar afneemt, neemt dit in het Antarctische gebied juist toe en wel met 0.9% per jaar (zie deze NSIDC pagina of SkS post). Hoe kan dat nu als de wereld opwarmt zou je je kunnen afvragen?

De publicatie van Bintanja et al geeft een plausibele en fysisch logische verklaring voor de observaties, welke tevens door modelsimulaties onderbouwd wordt. Kort gezegd komt het er op neer dat het afsmelten van landijs (vnl door warm oceaanwater) zorgt voor een koude en zoete (en dus lichtere) laag water aan het oppervlak. Deze laag fungeert als een koude deksel op het warmere diepere water, en in dit koude oppervlaktewater kan zeeijs zich verder uitbreiden.

Hieronder een re-post van het persbericht zoals gepubliceerd op het KNMI kenniscentrum. Internationaal is er ook aandacht voor deze publicatie, zie bijv dit bericht op de BBC. Hierin wordt ook vermeld dat niet iedereen het met de interpretatie eens is; zo denken ze bij een Engelse onderzoeksgroep dat de circumpolaire wind een grotere rol speelt in de lichte toename van het Antarctische zeeijs. Hierover is nog geen consensus, maar wel is duidelijk dat dit een solide stuk werk betreft.

KNMI persbericht:

De toename van het zeeijs is eerder vaak verklaard door het ontstaan van het ozongat boven Antarctica of door een toename van de westenwinden rond het continent. Geen van beide mechanismen verklaart echter waarom de oceaan rond Antarctica aan het oppervlak afkoelt. Een recente studie door een team van KNMI-onderzoekers in Nature Geoscience laat zien dat een groot gedeelte van zowel de afkoeling van het oceaanwater als de toename van het zeeijs via een omweg samenhangen met de opwarming van de aarde. Warmer oceaanwater op dieptes van 150 tot 1500 meter zorgt er namelijk voor dat drijvende ijsplaten en gletsjers die in zee uitmonden sneller smelten en afkalven. Het daarbij gevormde smeltwater is zoeter en dus lichter dan het water van de Zuidelijke Oceaan en vormt een tientallen meters dikke isolerende laag bij het oppervlak, bovenop het warmere en zoutere oceaanwater. De isolerende zoetwaterlaag zorgt ervoor dat de afkoeling van het oceaanoppervlak in de winter, als de lucht kouder is dan de oceaan, over een geringere diepte plaatsvind en derhalve sterker is dan voorheen. Als gevolg daarvan ontstaat er meer zeeijs. Verdere gevolgen van een koeler oceaanoppervlak en meer zeeijs zijn dat de sneeuwval op Antarctica niet toeneemt en dat het zuidelijk halfrond langzamer opwarmt.

Op de KNMI site wordt de keten van oorzaak en effect nog verder uitgelegd, en valt ook te lezen hoe ze tot hun conclusies zijn gekomen.

Update: Wat ik hierboven het persbericht noemde, is in feite de achtergrondinformatie op KNMI kenniscentrum. Het persbericht is vandaag pas gepubliceerd.

Ook een goed artikel in Trouw over deze studie.

38 Reacties op “KNMI: Toename Antarctisch zeeijs juist gevolg van opwarming

  1. Ergens klopt er iets niet,als ik de logica volg zou er meer zee-ijs op de noordpool moeten zijn.
    Daar is het immers warmer dan op de zuidpool, wat dan weer meer zoet water in de oceaan doet stromen,wat weer makkelijker bevriest.
    Of gelden er voor de verschillende polen andere regels?

  2. Hans Custers

    @ R. Kool,

    Of gelden er voor de verschillende polen andere regels?

    In zekere zin wel. De ene pool ligt op een continent, de andere drijft op de oceaan.

  3. Alles wat niet uitkomt proberen ze weer op één of andere manier goed te praten. Terwijl de feiten de theorie van opwarming al lang onderuit hebben gehaald.

    In Europa is het in de recente geschiedenis bijna nooit zo koud geweest.

    Als het op zou warmen zouden we zachte winters hebben en warme zomers.

  4. Beste R. Kool,

    Er zijn meerdere oorzaken van de verschillen tussen Noord- en Zuidpool:

    1) Wat Hans al zegt:

    De ‘Noordpool’ is een oceaan, grotendeels omgeven door landmassa’s (Amerika, Groenland, Eurazië). De ‘Zuidpool’ (Antarctica) is PRECIES HET TEGENOVERGESTELDE: een enorm continent omgeven door oceaan.

    2) noordelijk en zuidelijk halfrond zijn NIET symmetrisch op aarde. Het noordelijk halfrond heeft meer vasteland, terwijl het zuidelijk halfrond grotendeels uit oceaan bestaat.

    3) De thermohaliene circulatie neemt vooral warmte op rond de tropen en op het zuidelijk halfrond, en transporteert dat naar de (noordelijke) Atlantische oceaan. Dat is een gevolg van de asymmetrische ligging van de continenten op aarde en het verschil in zoutgehalte.

    Al vanaf de allereerste klimaatmodellen (Manabe, Wetherald and Stouffer vanaf 1964) was het duidelijk dat het Noordpoolgebied veel sneller op zou gaan warmen dan Antarctica: de Arctic Amplification.

    Een voorspelling die vervolgens uitgekomen is.

  5. Als het op zou warmen zouden we zachte winters hebben en warme zomers.

    Wie is ‘we’? De wereldbevolking? De bevolking op het Noordelijk Halfrond? Europeanen? Nederlanders? De 2000 inwoners van Lutjebroek? De kat in de achtertuin?

  6. R. Kool,

    Ik vroeg me in eerste instantie ook af waarom dit mechanisme op de Noordpool dan blijkbaar niet op dezelfde manier werkt. Ik heb het artikel nog niet gelezen, maar de geografie van beide regio’s geeft in feite het antwoord al: In het Arctische gebied gaat het smeltwater (van Zuid, west en oost Groenland) voornamelijk de Atlantische Oceaan in, waar ’s zomers zowiezo geen zeeijs voorkomt. Daarom heeft het dus niet hetzelfde effect als bij Antarctica, waar het smeltwater wel terecht komt in wateren waar ’s zomers zeeijs voorkomt.

    Marcel vD,

    Je geeft een mooi inkijkje in het typische complot-denken van een klimaatskepticus. Terwijl deze studie in feite een logische stap is in de wetenschap: Men wordt geconfronteerd met contra-intuitieve observaties (“heh, het zeeijs op Antarctica neemt toe, wat raar!”) en daar probeert men dan een sluitende verklaring voor te vinden, en die kwalitatief als kwantitatief te onderbouwen. Een andere uitkomst had geweest kunnen zijn dat het niet consistent is met global warming. Dat men keer op keer juist vindt dat het wel degelijk consistent is zegt wel iets. Voor de een zegt het dat de wetenschap vrij robuust is, voor de ander dat er een complot is. Tja.

  7. Wat ik mis in het bovenstaande stuk en op de KNMI site is welke (rest)invloed zij toedichten aan het gat in de ozon laag en de toename van Westenwinden. Zijn deze oude hypotheses wat de KNMI-ers betreft geheel verworpen en vervangen door een betere hypothese? Of blijft het uiteindelijk een combinatie van factoren waarbij de oude bekende factoren een kleinere rol zijn toebedicht?

    Mijn reactie op Marcel van Dasselaar: lees eens wat over wetenschaps filosofie, bijv. Imre Lakatos. Misschien dat je dan een wat intelligentere reactie kan bedenken dan “Alles wat niet uitkomt proberen ze weer op één of andere manier goed te praten.”
    Bovendien, de claim dat ‘Europa is in de recente geschiedenis nog nooit zo koud geweest’ is gebaseerd op een beperkt wereldbeeld gecentreerd op West-Europa dat idd kouder is dan normaal, daarentegen is Oost-Europa warmer dan normaal.

  8. Bart, er is zeker discussie over de toenemende hoeveelheid zoet smeltwater in het Arctische basin. Bronnen hiervan zijn o.a. de grotere hoeveelheid sneeuw op de continenten rond het basin die ’s zomers door rivieren afgevoerd wordt naar het basin alsmede de grotere bijdrage van het zeeijs zelf (ook ’s zomers). Eén van de gevolgen is dat klimaatmodellen voor de toekomst een ca 20% afname van de AMOC voorspellen tegen het einde van deze eeuw en daarmee mogelijk de influx van oceanische warmte afneemt, maar de netto oceanische flux is van meerdere factoren afhankelijk (o.a. ook outflow en temperatuur van inflow/outflow).

    Of op de Noordpool een afname van AMOC en toename van zoet water het uiteindelijk wint van de albedo feedback, toenemende oceaan temperatuur en toenemende greenhouse forcing is natuurlijk nog maar de vraag. Bob Brand geeft al wat verschillen in ‘configuratie’ tussen noordpool en zuidpool aan. Feit is dat alle modellen (hoe imperfect ook) een afname van Arctisch zeeijs voorspellen, zelfs de oude IPCC modellen uit 2006

  9. Bart,

    Het antwoord (althans het grootste deel ervan) is al besloten in wat jij zegt:

    Ik heb het artikel nog niet gelezen, maar de geografie van beide regio’s geeft in feite het antwoord al: In het Arctische gebied gaat het smeltwater (van Zuid, west en oost Groenland) voornamelijk de Atlantische Oceaan in, waar ‘s zomers zowiezo geen zeeijs voorkomt. Daarom heeft het dus niet hetzelfde effect als bij Antarctica, waar het smeltwater wel terecht komt in wateren waar ‘s zomers zeeijs voorkomt.

    – Het hoogteprofiel van Groenland betekent dat gletsjers in het zuidoosten (voor een kleiner deel zuidwesten, indien westelijk van de waterscheiding) in zee stromen. Dat is een deel van de Atlantische oceaan waar géén zee-ijs ontstaat, ook niet in de winter.

    Dit smeltwater van landijs heeft mogelijk wel enig effect op bijv. de sterkte van de AMOC: doordat het water daar zoeter wordt, wordt deze mogelijk iets trager.

    Het in zee hangende landijs op Antarctica, produceert echter smeltwater precies in de centrale zone van de zee-ijs formatie!

    – nog een verschil: de ‘grounding line’ waar de in zee stekende ijstongen in Antarctica op rusten, ligt heel diep en ook verder in land: die ijstongen op Antarctica steken enorm ver in zee. Daardoor kan het warmere water die onderzijde nog beter bereiken: de gletsjers op Groenland rusten op een ander grondprofiel.

  10. Een ander interessant aspect van dit nieuwe onderzoek van KNMI, is:

    * deze toename van het winter zee-ijs rond Antarctica is klimatologisch een negatieve feedback.

    Doordat er daar méér zee-ijs ligt neemt de albedo toe: er wordt extra zonlicht weerkaatst.

    Grappig genoeg lijken ‘klimaatsceptici’ dat nog niet te beseffen: zij zouden deze studie moeten verwelkomen. Een ‘feedback’ die de mondiale opwarming tegenwerkt!

    Echter, in tegenstelling tot de afname van het zomer zee-ijs rond de Noordpool, vindt deze toename plaats in de winter. De zon staat er dan laag en is maar kort boven de horizon. En het gaat om een toename qua oppervlak die slechts ca. 20% bedraagt van de afname in de Arctische oceaan – en die vindt in de zomer plaats.

  11. Spijker op zijn kop, Bob.
    Het is een negatieve feedback. De ‘natuur’werkt op deze manier terug naar een evenwicht.
    Je merkt terecht op dat het slechts een klein effect is. Maar toch, de natuur heeft eeuwenlang de tijd.

  12. Hans,

    Hier zie je nog meer ‘evenwicht’:

    Ooit ontstaat er wel weer een nieuw ‘evenwicht’ tussen Stefan-Boltzmann en de extra vastgehouden warmte. Waar dat evenwicht ligt en via welke oscillaties we daar komen – dat is waar het om gaat.

    Het zou zomaar bij +12 °C kunnen liggen, zoals in het Paleocene Eocene Thermal Maximum.

  13. Maar wat gebeurt er als het kouder wordt op aarde? Gaat dan het Antarctisch zeeijs weer meer smelten? Waarom moet er altijd een relatie gelegd worden met de opwarming als de aarde al 16 jaar niet opwarmt? Wetenschap moet niet naar antwoorden werken, want dan komt er nonsens uit, zoals nu ook weer. Ik hoor steeds meer mensen om mij heen zeggen dat er weinig van klopt wat in de media staat. Velen weten nu dat de aarde niet meer opwarmt en daarom gelooft men niet meer in dit soort artikelen dat opwarming meer ijs geeft of dat wij koudere winters krijgen door de opwarming. Ik noem dat demarketing van de klimaatwetenschap.

  14. Beste Anton Bakker,

    Hier zie je de opwarming, gemeten door het klimaatsceptische idool Roy Spencer:

    UAH satelliet-temperaturen tot 1998 en sinds 1999.

    Je ziet dat de temperatuurstijging in feite is versneld, in vergelijking met de eerste helft van de reeks.

    De Super El Niño van 1998 heb ik er expres tussenuit geknipt, aangezien die helemaal niets zegt over klimatologische trends.

  15. O ja, Anton Bakker,

    en hier zie je de totale warmte-inhoud van de oceanen:

    Die is juist sinds 2000 enorm gestegen…

    Je ziet daar dat de El Nino van ’97/’98 een deel van de OHC de atmosfeer in gestuurd heeft (dat was die tijdelijke temperatuurpiek in de oppervlaktetemperaturen van ’98).

    Een deel van deze energie is weer de ruimte in gestraald vanuit de troposfeer. Na de El Nino van ’97/’98 is de Ocean Heat Content weer aanzienlijk gaan stijgen.

  16. Discussie over of opwarming al dan niet gestopt is (nee) graag op open draad of gelinkte post.

    Antwoord aan Anton zou hetzelfde zijn als ik eerder gaf aan Marcel vD.

  17. Met de onvolprezen Climate Explorer van het KNMI even gekeken naar de temperatuur van het zee-oppervlak rond Antarctica (50-72°ZB) – plaatje.
    De temperatuur van het zeeoppervlak is lager dan in de jaren ’80 en ’90.

    Dat kan natuurlijk komen doordat er meer koud smeltwater van Antarctica de zee instroomt. Maar ook in de wintermaanden als er geen ijs smelt, blijft de temperatuursanomalie beneden normaal.
    De luchttemperatuur in het gebied (50-72°ZB) volgt de temperatuur van het zee-oppervlak.(plaatje)

  18. Hmm… Hans, je plaatje toont Noorderbreedte.

    Een koude toplaag rondom Antarctica zou consistent zijn met de bevindingen in het nieuwe artikel van het KNMI. Je kan er wel van uitgaan, dat Geert-Jan van Oldenborgh op de hoogte is van de KNMI Climate Explorer.😉

  19. Bob, er staat -50 tot -72°NB.
    Het smelten van het landijs op Antarctica kost veel warmte, dus dat zou verklaren waarom het zee-oppervlak is afgekoeld.
    De vraag is alleen of de temperatuur hoog genoeg is geworden om het landijs te laten smelten?

  20. Hans,

    Lees eerst eens het KNMI persbericht, daar staat het mechanisme toegelicht (punt 3 en 4):

    http://www.knmi.nl/cms/content/112773/toename_antarctisch_zeeijs_juist_gevolg_opwarming

    Antarctica smelt dus steeds sneller af, zowel direct als indirect doordat eenmaal afgebroken ijsbergen verderop in de zee wegsmelten. Dit smeltwater vermengt zich met het zeewater, en metingen laten inderdaad duidelijk zien dat de bovenste honderd tot tweehonderd meter van de oceaan zoeter zijn geworden dan het water eronder (Figuur 3 links). Zoeter water is namelijk relatief licht. Als in het winterhalfjaar het oppervlakte afkoelt, dringt deze koude niet ver naar beneden door maar blijft in de bovenste honderd meter ‘hangen’. Het zoetere laagje tussen de honderd en tweehonderd meter vormt namelijk een isolerende laag tussen de bovenste 100 meter en de diepere oceaan, wat menging van het zoete en koude oppervlaktewater met het zoutere en warmere water eronder tegengaat. Daardoor kan het oppervlak sneller afkoelen en kan er zich meer zeeijs vormen. Beneden de tweehonderd meter warmt de oceaan sneller op door de verminderde menging met de koude oppervlaktelaag (zie figuur 2).

    Het zeewater direct onder nieuw gevormd zeeijs wordt juist zouter: alleen het oceaanwater bevriest en het zout druipt terug in zee in de vorm van pekel. Daarom is er net onder het gebied waar het zeeijs toeneemt (65º–70º ZB) juist een toename van het zoutgehalte te zien.

  21. Hans Custers

    @ Hans Verbeek,

    Het smelten van het landijs op Antarctica kost veel warmte, dus dat zou verklaren waarom het zee-oppervlak is afgekoeld.

    Dus als het landijs smelt onttrekt het warmte aan het oceaanoppervlak? Bijzonder! Leg eens uit hoe dat werkt, Hans? Misschien een gerichte bundel warmtestraling vanaf de oceaan richting het ijs?

  22. OK Hans, even heel goed opletten.
    70% van alle energie, die het aardoppervlak bereikt valt op zeewater. Het zonlicht wordt in de bovenste 100 m. omgezet in warmte. Uiteindelijk lekt die warmte uit het zeewater naar de atmosfeer en de opgewarmde atmosfeer zorgt ervoor dat het ijs kan smelten.
    Er is altijd een netto warmteflux vanuit de oceaan naar de atmosfeer.

    Waar denk jij dat de warmte vandaan komt, die het landijs van Antarctica smelt?

  23. Hans Custers

    Hans,

    En dus koelt het zeewater af als er landijs smelt? Of andersom? Onzin!

  24. Beste Hans Verbeek,

    Kijk eens wat je zelf schrijft: “Waar denk jij dat de warmte vandaan komt, die het landijs van Antarctica smelt?

    Uit je eigen plaatje blijkt dat de extra warmte die de extra smelt veroorzaakt van de gletsjers en ijsplaten (en dus het verlies van landijs) niet uit het oppervlaktewater kan komen. Het oppervlaktewater is immers juist kouder geworden over de afgelopen decennia.

  25. @Hans Custers, er is warmte (energie) nodig om het landijs te smelten.
    Nogmaals de vraag:
    “Waar denk jij dat de warmte vandaan komt, die het landijs van Antarctica smelt?”

    @Bob Brand: waar is de warmte uit het oppervlaktewater naar toe gegaan?
    Naar de diepzee, die is opgewarmd?
    Of is die warmte deels gebruikt voor het smelten van landijs?
    (smelten van 1 kg ijs kost evenveel energie als 78 kg water 1 graad opwarmen)
    Waarom is het zeeoppervlak tussen 50 en 72°ZB afgekoeld in de afgelopen decennia?

  26. Beste Hans Verbeek,

    De antwoorden op de vragen die jij stelt, staan al in de KNMI publicatie – lees de pagina bij het kenniscentrum:

    http://www.knmi.nl/cms/content/112773/toename_antarctisch_zeeijs_juist_gevolg_opwarming

    Uit je eigen plaatje blijkt dat de extra warmte die extra smelt veroorzaakt van gletsjers en ijsplaten (en dus het verlies van landijs), niet uit het oppervlaktewater kan komen. Het oppervlaktewater is immers juist kouder dan voorheen.

    Als jij het niet eens bent (om wat voor onnaspeurlijke redenen dan ook) met deze publicatie van het KNMI, dan zal jij zelf moeten verklaren:

    “Waar denk jij dat de warmte vandaan komt, die het landijs van Antarctica smelt?”

    Niet uit het oppervlaktewater, zoveel is duidelijk. Het KNMI heeft helder aangegeven waar het volgens hen wél vandaan komt – als jij het er niet mee eens bent, graag jouw alternatieve verklaring.

  27. Hans Custers

    @ Hans Verbeek,

    Het is vrij algemeen bekend dat het klimaat de afgelopen decennia is opgewarmd? Daar heb je vast wel eens wat over gehoord of gelezen. De extra energie in het klimaatsysteem zorgt voor het opwarmen van de atmosfeer, de oceanen en het oppervlak en het smelten van ijs. Een mysterieus proces waarbij het smelten van ijs zoveel warmte aan de oceaan zou onttrekken dat deze afkoelt is en blijft onzin.

  28. Hans Custers

    En, Hans, deze discussie gaat over Antarctica en niet over de oorzaken ven klimaatverandering. Gelieve pogingen om het onderwerp van discussie te verleggen achterwege te laten.

  29. @Hans Custers: de oppervlaktetemperatuur van de zee rond Antarctica lijkt me zeer relevant.
    Zal de zeewatertemperatuur rond Antarctica de komende 5 jaar weer gaan stijgen?
    Of zal die verder gaan dalen nu er steeds meer van het zeeoppervlak bedekt wordt door zonlicht weerkaatsend zeeijs?
    Ik durf het niet te zeggen.
    Maar jij en Bob hebben vast wel een idee.

  30. Beste Hans Verbeek,

    Zal de zeewatertemperatuur rond Antarctica de komende 5 jaar weer gaan stijgen?

    Nee, niet als de opwarming van de aarde doorzet.

    Dan zal de oppervlaktetemperatuur (SST’s) rond Antarctica dalen over een groter gebied. Lees de KNMI pagina.

  31. Hans Custers

    Hans Verbeek,

    Heb ik beweerd dat de temperatuur van het oceaanoppervlak rond Antarctica niet relevant is? Nee toch? Je weet heel goed op welke bewering van jou ik reageerde: de suggestie dat de energie voor het smelten van landijs uit de oceaan zou komen en dat daardoor de oceaan afkoelt. Je bent absoluut niet in staat om die bewering met argumenten te onderbouwen, maar weigert natuurlijk ook te erkennen dat je onzin uitkraamde. In plaats daarvan begin je spelletjes te spelen. Daar doe ik niet aan mee..

  32. Mooie voorspelling, Bob.
    We zullen over een paar jaar zien of dat inderdaad zal gaan gebeuren.

    Ik denk zelf dat de PDO er meer mee te maken heeft. (plaatje)
    Het oceaanoppervlak rond Antarctica koelde vooral af tussen 1995 en 2000 toen de PDO omsloeg naar de negatieve fase.
    De PDO blijft nog wel 15 jaar in die negatieve fase. Maar ik verwacht dat het zeeoppervlak niet verder zal afkoelen en de uitbreiding van het Antarctisch zeeijs zal stoppen.

  33. Helaas zal het afsmelten van Antarctisch landijs versnellen, mede als gevolg van de toenemende Ocean Heat Content. En dat betekent meer koud zoet smeltwater en dus meer zeeijs rondom Antarctica in de winter.

    Dat is een negatieve feedback-loop die de stijging van de oppervlaktetemperaturen iets afremt op het zuidelijk halfrond. De keerzijde is iets meer zeespiegelstijging.

    Jim Hansen:

    Our simulations (Hansen and Sato, 2012) suggest that a strong negative feedback kicks in when sea level rise reaches meter-scale, as the ice-melt has a large cooling and freshening effect on the regional ocean.

    Zie: http://www.columbia.edu/~jeh1/mailings/2011/20110118_MilankovicPaper.pdf

  34. Bob,
    de meeste klimaatmodellen voorspellen een opwarming van de Zuidelijke Oceaan en daaraan gekoppeld een toename van de sneeuwval.
    Ricarda Winkelman van het Potsdam Institute zegt zelfs:
    “The one certainty we have about Antarctica under global warming is that snowfall will increase,”
    In december publiceerde zij een artikel hierover in het gezaghebbende Nature.
    Bintanja et al. van het KNMI beweren het tegenovergestelde:
    “Als de Zuidelijke Oceaan niet opwarmt of zelfs verder afkoelt is deze toename van de sneeuwval niet accuraat “
    En Bintanja et al. kunnen dat ook onderbouwen met de recente metingen.

    Kan het Nature-artikel van Winkelman et al. nu de prullenbak in?

  35. Beste Hans V,

    De Zuidelijke Oceaan zal zeker opwarmen als je naar de totale Ocean Heat Content kijkt. Dat is natuurlijk ook gemeten, en het is tevens de oorzaak van het sneller afsmelten van de gletsjertongen en ijsplaten die diep in zee staan. Deze staan immers op een ‘grounding line’ die tot in het diepe, zoute water reikt (dat opwarmt). Daardoor smelten zij sneller af, en komt er relatief méér zoet, koud smeltwater vrij.

    Deze extra hoeveelheid zoet, koud smeltwater blijft drijven op het onderliggende oceaanwater. En dit laagje bevriest eerder in de winter, waardoor er tevens wat meer zee-ijs ontstaat.

    Het gaat dus over een toegenomen stratificatie van de oceaan rondom Antarctica. Doordat het koudere toplaagje zich uitbreidt, en eerder bevriest, is er minder verdamping:

    Antarctica smelt dus steeds sneller af, zowel direct als indirect doordat eenmaal afgebroken ijsbergen verderop in de zee wegsmelten. Dit smeltwater vermengt zich met het zeewater, en metingen laten inderdaad duidelijk zien dat de bovenste honderd tot tweehonderd meter van de oceaan zoeter zijn geworden dan het water eronder (Figuur 3 links). Zoeter water is namelijk relatief licht. Als in het winterhalfjaar het oppervlakte afkoelt, dringt deze koude niet ver naar beneden door maar blijft in de bovenste honderd meter ‘hangen’. Het zoetere laagje tussen de honderd en tweehonderd meter vormt namelijk een isolerende laag tussen de bovenste 100 meter en de diepere oceaan, wat menging van het zoete en koude oppervlaktewater met het zoutere en warmere water eronder tegengaat. Daardoor kan het oppervlak sneller afkoelen en kan er zich meer zeeijs vormen. Beneden de tweehonderd meter warmt de oceaan sneller op door de verminderde menging met de koude oppervlaktelaag (zie figuur 2).

    Het KNMI artikel verklaart daarmee ook dat neerslag op Antarctica NIET toeneemt:

    Tenslotte heeft de afkoeling van het oppervlak van de Zuidelijke Oceaan invloed op de zeespiegelstijging. De meeste klimaatmodellen laten een toename van de hoeveelheid sneeuw zien op Antarctica in de loop van de eenentwintigste eeuw, welke de toenemende afsmelting en afkalving deels compenseert. Dit is het gevolg van een hogere verdamping uit de opwarmende Zuidelijke Oceaan, vocht dat als sneeuw op het zeer koude Antarctica valt. Als de Zuidelijke Oceaan niet opwarmt of zelfs verder afkoelt is deze toename van de sneeuwval niet accuraat en stijgt de zeespiegel dus iets sneller dan de huidige modellen aangeven. Vooralsnog laten metingen inderdaad geen toename van de hoeveelheid sneeuwval op Antarctica zien.

    Lees: http://www.knmi.nl/cms/content/112773/toename_antarctisch_zeeijs_juist_gevolg_opwarming

    Het zou best kunnen dat Winkelman het wat dit aspect betreft, het dus bij het verkeerde eind heeft. De metingen van neerslag op Antarctica (en nog een aantal aspecten, zoals metingen van de stratificatie en luchtvochtigheid) zullen daar uitsluitsel over moeten gaan verschaffen.

    In dat geval heeft de hypothese van Bintanja en van Oldenborgh gezegevierd (op empirische gronden) en zullen de toekomstige projecties van de massabalans en de oppervlaktetemperaturen van de oceaan rond Antarctica rekening moeten houden met dit verschijnsel.

    Dat is heel normale, gangbare wetenschap: men publiceert een goed onderbouwd artikel, anderen stellen een nieuwe, betere hypothese voor en publiceren eveneens goed onderbouwd. Vervolgend bepaalt de empirie welke hypothese (het beste) blijkt te kloppen.

    Daarmee hoeft Winkelman niet “naar de prullenbak”. Echter, Bintanja en Oldenborgh hebben dan een betere hypothese en een beter model opgesteld.

    Dát is nu juist de ESSENTIE van het wetenschappelijke proces in de peer-reviewed literatuur:

    * het is self-correcting, door de voortdurende wisselwerking tussen hypothesen en empirische metingen en de tests van hypothesen.

    Voorwaarde is dat men kwalitatief goed, en onderbouwd, publiceert. Het wetenschappelijke proces bepaalt vervolgens welke hypothesen (eventueel aangepast en uitgebreid) overeind blijven.

    Wetenschap is een *proces*, geen ‘Carved in stone revelation’.

  36. Bedankt voor je uitleg, Bob.

  37. Ja Bob, maar nu zitten we dan op het internet en daar bestaat geen zelfcorrigerend effect voor diezelfde publicaties. We hebben hier alleen de eternal regurgitation. (Recycling wil ik het niet noemen.) Mocht één van beide papers het bij het verkeerde einde hebben, dan zal dat nooit een reden zijn om die als gepasseerd station te beschouwen. Zo’n paper gaat gewoon een geheel nieuw leven beginnen binnen het netwerk van sceptici.

    Maar dat slechts terzijde.

  38. Hugo Matthijssen

    Toch mooi toename zeeijs door opwarming en daardoor meer zoet water in de zee die uiteraard boven blijft knap gevonden.
    Ik ben dan ook erg blij met het KNMI anders zou ik toch denken dat de toename van het drijfijs gewoon door afkoeling kwam.

    Nog steeds is niet duidelijk welke data ( gemeten zeewatertemperaturen en hoeveel zoet water op welke plaatsen) het KNMI heeft gebruikt misschien kunnen we daar nog wat van leren

    Het verhaal van het KNMI is wel lijnrecht in tegenspraak met het onderstaande onderzoek
    Bron
    http://www.scientias.nl/ijs-op-antarctica-groeit-ook-aan-de-onderkant/26518

    Dit onderzoek geeft een ander beeld van het smelten en aanvriezen van deze ijskap.
    Ook blijkt uit dit onderzoek dat de radarbeelden van een deel van de ijskap de resultaten van het onderzoek bevestigen.
    Het meeste smeltwater blijkt dan ook de zee nooit te halen.

    Smeltwater dat aan de onderkant van de ijskap aanvriest: iedereen dacht dat het een zeldzaamheid was. Iets wat enkel in meren onder gletsjers kon gebeuren. Maar nu blijkt uit onderzoek dat ook ‘gewone’ ijskappen op Antarctica op deze manier groeien. Het smeltwater vriest naar verloop van tijd weer aan en vervormt de ijskap tot in de bovenste regionen toe.

    Dat ijskappen aan de bovenkant groeien, is niets nieuws. Er valt sneeuw en dit gaat deel uitmaken van de ijskappen. In meren onder gletsjers werd ook wel eens waargenomen dat ijs van onderaf dikker werd. Normaal gesproken blijft het water onder het ijs vloeibaar door de druk van het ijs of de ‘hitte’ van de gesteenten. Dit smeltwater zorgt ervoor dat de kap zich kan verplaatsen: het ijs glijdt op het water weg. Maar als het smeltwater met weinig druk en hitte te maken heeft, kan het weer ijs worden en aan de ijskap groeien.

    Toch mooi die klimaatwetenschap zeker als uit alle macht geprobeerd wordt om de stukken bijeen te rapen.
    Soms is het dan wel erg handig eerst literatuuronderzoek te doen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s