De vreselijke opwarming

Heet, heel heet is het nu in mijn woonplaats. Al weken temperaturen boven de 25 graden en regelmatig tropische waarden boven de 30 graden. De toetsen van mijn toetsenbord voelen boterzacht en plakkerig aan en buiten in mijn tuin is bruin de overheersende kleurtint. Hoezo CO2 is goed voor de plantjes? Nee, dan was het zo’n tien jaar geleden véél beter. Volgens sommige mensen was de opwarming van de aarde toen gestopt, want het was al tien jaar niet meer warmer geworden. Die “niets aan de hand” verhaaltjes kwamen prettig over. De klimaatsceptici waren er destijds vrij duidelijk over, aan de theorie achter het broeikaseffect zat een afkoelend luchtje. Zo schreef Hans Labohm op een NOS weblog in 2009 (zie ook de vlijmscherpe respons van Gerrit Hiemstra hier):

“De gemiddelde wereldtemperatuur is de laatste tien jaar namelijk gedaald, terwijl de CO2–concentratie in de atmosfeer nog steeds stijgt. Dit is in strijd met de uitkomsten van alle klimaatmodellen.”

En in het boek van Marcel Crok (zie ook hier), gepubliceerd in 2010, kon je onder meer het volgende lezen:

“De stagnatie van de mondiale temperatuur in de afgelopen tien jaar speelt de broeikastheorie ook niet bepaald in de kaart.”

Al die wetenschappers die al decennialang zo ongeveer hetzelfde verhaal vertelden, zaten er blijkbaar naast. Op basis van tien jaar aan data moesten de theorieën en vooral de modellen herzien worden volgens deze “klimaatcritici”; in ieder geval mocht de overheid geen centje meer aan mitigatie uitgeven.

Inmiddels zijn we zo’n tien jaar verder, een goede reden voor een update van enkele analyses gebruik makend van de methoden van de korte-termijn-klimatologie. De grafiek hieronder van de NASA GISTEMP dataset vanaf 2008 laat een mondiale opwarming van 0,40 °C per decennium zien. Dat is dus maar liefst 4 graden per eeuw. Hans Labohm vraagt zich zo af en toe af wanneer die vreselijke opwarming nu eindelijk komt, nou blijkbaar is het inmiddels zover!



Voor de zekerheid kun je echter het beste naar de – volgens Labohm – meest betrouwbare dataset UAH kijken. Dat scheelt echter maar bar weinig, UAH geeft een opwarming van 3,9 graden per eeuw vanaf 2008.

Hoe zit het met de temperatuur op ons eigen kleine plekje van deze aardbol? De KNMI stelt voor deze analyse keurig gehomogeniseerde temperaturen van Nederland beschikbaar en als je daar een anomalie en een trend van uitrekent (zie grafiek hieronder), krijg je een opwarming vanaf 2008 tot en met juli van dit jaar van een niet te bevatten 12,3 graden per eeuw. Zou ons huidige Nationale Hitteplan nog wel voldoen in de nabije toekomst?

Met deze onwerkelijke opwarming op het netvlies is het wellicht verstandig om de zeespiegelstijging rond Nederland nauwlettend in de gaten te gaan houden. De zee is heel groot, dus dat zal zo’n vaart niet lopen zou je verwachten. In de grafiek hieronder is de zeespiegelstijging bij Hoek van Holland weergegeven. Over 1998 tot en met 2007 was dat 11 cm/eeuw maar vanaf 2008 is dat al vijf keer zo groot, 55 cm/eeuw. Dat ziet er niet goed uit, een vervijfvoudiging in één decennium. Wat betekent dat voor onze dijken in 2100?

Voorzien van de bril der pseudosceptici lijkt het opnieuw dat de klimaatwetenschap er faliekant naast zit. De effecten van CO2 en andere broeikasgassen op ons klimaat zijn zwaar onderschat! Is het einde nu dan echt nabij, staan de vier ruiters van de Apocalyps recht voor onze deur?

Voor degenen die na het lezen van deze teksten denken dat ik een bizarre klap van de molen heb gekregen of dat door de hitte de eiwitten in mijn hersenen zijn gaan coaguleren, het antwoord op die laatste vraag is natuurlijk: Nee.
Net als de uitspraken van de “klimaatcritici” zo’n tien jaar geleden is het trekken van verregaande conclusies uit dergelijke korte termijn perioden gewoon onzin. Over een paar jaar zullen er vast weer mensen uitspraken doen over het ontbreken van opwarming vanaf 2016. Iets dergelijks zie je al over het verdwijnen van het zeeijs op de Noordpool (bijv. op twitter). Helaas, het ontkennersgilde zal hier nooit mee stoppen. Je kunt er wel mee stoppen om de klimaatuitspraken van deze mensen serieus te nemen.

Er is geen pauze in de opwarming van de aarde maar vooralsnog ook geen versnelling, de opwarming gaat gestaag door. We zien wel dat de kansen op weersextremen, zoals de recente hittegolf in Noord Europa zijn toegenomen, door de door mensen veroorzaakte opwarming van de aarde. Er zijn inmiddels ook signalen dat de zeespiegelstijging aan het versnellen is. Zonder gevolgen en kosten zal deze antropogene opwarming zich helaas niet voltrekken. De openingszin van een mooi recent stuk van klimaatwetenschapper Kate Marvel past hier goed als afsluiter, vind ik althans:

“We are not literally doomed, but there’s space for action between “everything is fine” and “the apocalypse is upon us””
Advertenties

36 Reacties op “De vreselijke opwarming

  1. Wat een raar grafiekje met die twee trendlijnen over waterstanden in Hoek van Holland. Ik dacht dat ze dat soort trucjes alleen op climategate.nl deden 😦

  2. @Bart Vreeken

    Inderdaad een raar grafiekje. Misschien moet je het laatste deel van het blogstuk nog eens lezen:
    “Net als de uitspraken van de “klimaatcritici” zo’n tien jaar geleden is het trekken van verregaande conclusies uit dergelijke korte termijn perioden gewoon onzin.”
    Dergelijke grafiekjes met korte termijn lijntjes slaan nergens op. Ik schrijf dat niet voor niets zo expliciet op.

  3. Ik ben erin getrapt! 🙂 Had inderdaad de tekst niet tot het einde gelezen.

  4. @Bart Vreeken
    Ha ja, kan gebeuren. Wellicht kijk je teveel op websites waar men wel veelvuldig met dit soort dingen aan komt zetten én het nog serieus bedoeld ook 🙂 .

  5. @Jos Hagelaars:
    Dus gelukkig niet niet door de warmte bevangen!
    Mooie truuk!

  6. “niet niet”
    dat komt echt door de warmte!

  7. Zou maar zou kunnen, Jos, van de websites waarop ik kijk 🙂

    Over de vreselijke droogte dan.
    Ik heb een uitgebreid overzicht gemaakt van de droogteperiodes vanaf 1906. Ze zijn erg grillig verdeeld. Een trend is er niet echt in te zien. Door de opwarming neemt de verdamping toe, maar ook de neerslag.
    Anders wordt het wanneer door de klimaatverandering ook de stromingspatronen veranderen, zodat er vaker blokkades ontstaan.

    http://www.logboekweer.nl/Neerslagoverschot/Nederlandse_Droogteperiodes_In_Beeld.pdf

  8. Bart,

    Mooie overzichten van de droogte in de bijlage van je document.

    Jouw conclusie over de droogte (geen trend) komt overeen met die van het KNMI:
    https://www.knmi.nl/over-het-knmi/nieuws/droogte-nu-erger-dan-in-2003
    Daarin staat het volgende te lezen voor de toekomst:
    Wel laten klimaatmodellen voor de toekomst meer kans op droogte zien, als de uitdroging die nu al in het gebied rond de Middellandse Zee zichtbaar is ons gaat bereiken.

  9. Helaas dus, de opwarming zet door en gaat steeds sneller. Er zijn wel altijd fluctuaties in het verloop onder andere door El Niño – La Niña, denk ik. Waarschijnlijk komen de ideeën over stagnatie van de opwarming daar uit voort. Eigenlijk is het straks voor Nederland alle hens aan dek, pompen of verzuipen en dat hebben de meeste mensen helaas nog niet in de gaten.

  10. Nou Willem, tot nu toe zijn er geen (statistisch significante) signalen van een versnelling in de opwarming. Wel in de zeespiegelstijging. Zie de link die ik in het stuk geef naar een blogstuk van Hans:
    https://klimaatverandering.wordpress.com/2017/04/29/geen-pauze-geen-versnelling-de-opwarming-van-de-aarde-gaat-in-gestaag-tempo-door/

  11. Hoi Jos,

    Leuk stukje waar je de korte-termijn grafiekjes van Labohm en/of Crok parodieert. 🤣 Je schrijft:

    Inmiddels zijn we zo’n tien jaar verder, een goede reden voor een update van enkele analyses gebruik makend van de methoden van de korte-termijn-klimatologie.

    Die zogenaamde ‘korte-termijn klimatologie’ slaat op de gewoonte van Labohm om zijn grafiekjes te laten beginnen op het hoogtepunt van de Super El Niño van 1998… en dan na ca. 10 jaar te concluderen dat er zogenaamd ‘geen opwarming’ zou zijn.

    Inderdaad, als je nu de ‘Methode á la Labohm’ toe zou passen, dan kom je over de afgelopen 10 jaar juist op een extreem snelle opwarming! Mede een gevolg van de Labohmiaanse verwisseling van kortstondige fluctuaties voor de lange-termijn trend…

  12. De door het KNMI “”keurig homogeniseren van de temperaturen”” verricht wonderen. Voor heen hadden over de periode tot en met 1950 nog 23 hittegolven nu nog maar 7. De hoogste temperaturen van de 7 overgebleven liggen zo’n 1,5 graad Celsius lager. Kijk zo kun je het probleem van de opwarming ook oplossen. Het is beslist veel goedkoper dan het reduceren van de CO2-emissies. Dit maakt de tijdreeksen voor Nederland niet zo heel erg betrouwbaar meer.

  13. Hans Paijmans

    Een leuk feitje: de warmste zomer van de afgelopen duizend jaar schijnt die van 1540 geweest te zijn, toen de zogenaamde Little Ice Age al lang en breed aan de gang was. De jaren meteen daarna waren heel koud en nat. Dus Labohm heeft toch gelijk…

    Paai

  14. Hans Custers

    Raymond,

    Je papegaait pseudosceptische propaganda na, die is bedoeld om de wetenschap in diskrediet te brengen. Homogenisatie is een wetenschappelijk verantwoorde en onderbouwde methode om niet-klimaatgerelateerde effecten uit temperatuurdata te verwijderen. Denk aan: verplaatsing van meetstations, veranderingen van meetmethode, dat soort dingen. Het maakt de tijdreeksen dus juist betrouwbaarder, in plaats van minder betrouwbaar. Zie hier: Homogenisatie van temperatuurdata.

  15. Je reactie naar Raymond toe is te scherp, Hans. De homogenisatie roept wel degelijk vragen op. Het begint er mee dat het communicatief niet handig was van het KNMI om in 2011 een klimaatatlas uit te brengen voor een breed publiek, en enkele jaren later de cijfers met terugwerkende kracht te veranderen.
    Op het weerforum weerwoord.be heb ik een discussie gevoerd over enkele aspecten van de homogenisatie. Na afloop waren nog niet al mijn vragen beantwoord.
    https://www.weerwoord.be/m/2227437

    Uit mijn hoofd gezegd twee punten hieruit: de tabellen die gebruikt zijn om de dagmaxima opnieuw vast te stellen zijn vreemd;
    Er blijken parallele temperatuurmetingen uitgevoerd te zijn waar nu een andere keuze uit gemaakt is. Dit blijkt niet uit de metadata van het hoofdstation De Bilt.

  16. Hans Custers

    Bart,

    Wat mij betreft verdient elke suggestie dat homogenisatie neerkomt op knoeien met data een bijzonder scherp antwoord. En dat suggereert Raymond nadrukkelijk, bijvoorbeeld als hij zegt dat je zo ook een probleem op kunt lossen.

    Dat de methodes niet volmaakt zijn, dat er daarom nog vragen zijn en ruimte voor verbetering (waar wetenschappers dan ook permanent aan werken) is wat anders. En de communicatie kan misschien soms ook wel beter, als is het best lastig om het goed te doen als sommige lieden alleen maar bezig zijn met het verspreiden van desinformatie om de wetenschap verdacht te maken.

    In elk geval heb ik nog nooit een flintertje bewijs gezien dat homogensatie bewuste manipulatie is, bedoeld om de trend een bepaalde kant op te sturen. Elke suggestie in die richting is dan ook volkomen onterecht.

    Bij mijn weten wordt bij homogenisatie tegenwoordig nagenoeg altijd gebruik gemaakt van algoritmes die uitgebreid zijn getest. En die ook heel goed te testen zijn, ook op hun objectiviteit: door ze allerlei echte en synthetische gegevensreeksen te laten analyseren, met en zonder echt inhomogeniteiten en door onderzoekers voor de test aangebrachte inhomogeniteiten. Op het blog van Victor Venema is veel meer informatie te vinden.

  17. Beste Hans,

    Dat je op deze wijze problemen oplost is sarcastisch bedoelt. Misschien is dit niet zo begrepen. Misschien kan ik sarcasme beter over laten aan sarcastici.
    IK ben wel van mening dat men zich dient te onthouden van “”homogenisatie”” van de metingen. Die dient men te laten staan en zich te beperken tot meta-informatie. Laat iedere onderzoeker zelf bepalen of en in welke mate aanpassing van de meetreeksen nodig is. De metingen zoals ooit verricht zijn niet vrijblijvend. Het zijn officiële documenten en die mag men niet zomaar aanpassen. dat zou al te zot zijn. Het is voor buitenstaanders op geen enkele manier te controleren wat de bedoeling is van de aanpassingen.

  18. Hans Custers

    Raymond,

    Er is helemaal geen sprake van “aanpassen van officiële documenten”. De originele meetdata worden immers niet vernietigd, of zo. Het enige wat er gebeurt is dat er op basis van bestaande metingen en wetenschappelijke analyses een extra dataset wordt gemaakt: die van de gehomogeniseerde temperatuur. De suggestie dat daar iets niet mee in de haak zou zijn is echt onzin.

    En volgens mij is het, voor wie dat wil, helemaal niet zo moeilijk om te begrijpen wat de bedoeling is van homogenisatie: zorgen dat metingen uit het heden en verleden zo goed mogelijk vergelijkbaar zijn. Wat er precies gebeurt wordt ook allemaal keurig gedocumenteerd. Het is dus ook gewoon controleerbaar. Als kost dat voor een gewone buitenstaander waarschijnlijk wel de nodige tijd en moeite.

  19. Hans C., natuurlijk zijn er situaties waarin het goed om te homogeniseren, en dat zal ook wel voor de temperatuurgegevens van De Bilt gelden. Maar het gaat om de manier waarop het gedaan is, en de manier waarop het beschreven is. Victor Venema zegt in zijn blog dat homogenisatie dient te gebeuren op basis van meetreeksen in de omgeving. Helemaal mee eens. Maar helaas zijn die er niet voor De Bilt. Ook op de andere hoofdstations, wat verder weg, is rond 1950 het nodige veranderd.

    Opvallend is dat er naast de gehomogeniseerde gegevens van De Bilt, die nu operationeel zijn, nog een extra gehomogeniseerde dataset bestaat:
    https://www.knmi.nl/kennis-en-datacentrum/achtergrond/gehomogeniseerde-reeks-maandtemperaturen-de-bilt

    Raymond, de oorspronkelijke gegevens zijn natuurlijk ook nog beschikbaar, zie:
    https://www.knmi.nl/nederland-nu/klimatologie/gemeten-reeksen

  20. @Bart Vreeken

    “..natuurlijk zijn er situaties waarin het goed om te homogeniseren, en dat zal ook wel voor de temperatuurgegevens van De Bilt gelden”

    In onderstaand document staat waarom:
    “De Bilt experienced a change from a large pagoda screen to a Stevenson screen on 16 September 1950 (Figure 2) and a relocation on 27 August 1951 of about 300 m Southward from a sheltered location to an exposed location.”
    Maar dat document zul je vast wel gelezen hebben.
    https://cdn.knmi.nl/system/downloads/files/000/000/033/original/TR_homogeniseren_dag.pdf

    …homogenisatie dient te gebeuren op basis van meetreeksen in de omgeving

    In datzelfde document valt te lezen dat ze dat (naast andere zaken) ook gedaan hebben voor De Bilt:
    “For the relocation in De Bilt in 1951 no parallel observations have been made because the relocation was unforeseen and after the relocation the old location was disturbed due to building activities in the neighborhood of the former screen. Therefore, data of Eelde (before the relocation and screen change and thereafter) has been used for the homogenization of the series (see Section 2.2).

    De homogenisatie kan natuurlijk altijd beter, maar dat is een open deur. Ik heb de indruk dat het KNMI niet over een nacht ijs is gegaan met dit homogenisatie onderzoek. Op onderstaande webpagina staan links naar vier peer-reviewed onderzoeken die hier betrekking op hebben, over Urban Heat advection, nearest-neighbor resampling en over een 6-jarig experiment naar de weersafhankelijkheid van temperatuurverschillen bij diverse meethutten.
    http://projects.knmi.nl/klimatologie/onderzoeksgegevens/homogeen_260/index.html

    Ik zie trouwens niet in waarom het vreemd is dat ze meerdere gehomogeniseerde reeksen hebben, een met alle data per dag en een per maand. Voor trendanalyses gebruikt men toch veelal de laatste, zie de mondiale temperatuurdatasets.
    Ze hebben nog een derde gehomogeniseerde reeks en dat is de Central Netherlands Temperature. Deze heb ik gebruikt voor het grafiekje in het blogstuk. En ook het maken van deze reeks is beschreven in de literatuur: https://www.clim-past.net/7/527/2011/cp-7-527-2011.html

    Als laatste, het verschil op jaarbasis tussen de gehomogeniseerde en niet-gehomogeniseerde reeks van De Bilt is klein. Zie de grafiek hieronder, elk datapunt is een gemiddelde van alle Tg dagwaarden van een jaar. Het is overduidelijk warmer geworden in Nederland en logischerwijs is dan ook de kans op extreme temperaturen toegenomen.

  21. Beste Hans Paijmans,

    Een leuk feitje: de warmste zomer van de afgelopen duizend jaar schijnt die van 1540 geweest te zijn, …

    Het woord ‘schijnt’ is hier zeker op zijn plaats, aangezien er:

    1) geen betrouwbare metingen zijn uit 1540;
    2) de historische documentatie over het jaar 1540 qua dekking heel beperkt is: het betrof alléén Centraal-Europa i.p.v. de wereldwijde dekking waar het nu over gaat.
    3) de huidige hitterecords maken deel uit van een langjarige trend sinds 1950 of zelfs 1900.

    Over het jaar 1540 in ‘Central Europe’, zie:

    http://iopscience.iop.org/article/10.1088/1748-9326/11/11/114021

    while there is at most a 20% probability that the 1540 mean summer temperature was warmer than that of 2003 in Central Europe ….

  22. Lieuwe Hamburg

    Ha Bob,

    Leuke sneer richting de bekende personen. Ondertussen hoor ik net de eerste donderklappen in Amsterdam die de tweede hittegolf afsluiten van deze zomer. Het regent! Toch blijven wetenschappers met nieuwe onderzoeken komen die verontrustend zijn voor de toekomst en geen troost bieden. Na het lezen van jouw blogstuk klamp ik mij vast aan nog veel kortere intervallen: straks over een paar uur is het koeler en volgende week misschien nog iets koeler; voor je het weet moeten we sneeuwruimen…

    http://www.pnas.org/content/early/2018/07/31/1810141115

  23. @Jos, het aardige is dat het 95%-waarschijnlijkheidsinterval voor de GISS-trend 0.40 +- 0.18 (met correctie voor de auto-correlatie) is. En al houd ik in deze niet van de term significant (er is immers geen herhaalbaar experiment), het is een zeer verontrustend cijfer. UAH is veel grilliger en scoort 0.39 +- 0.38, dus daarvan kun je nog zeggen dat er enige kans is dat die grilligheid ons voor het lapje kan houden.

    Voor de gelegenheid heb ik mijn applet maar even afgestoft en van nieuwe data voorzien: op https://mrooijer.shinyapps.io/graphic/ kun je dan deze berekeningen zelf uitvoeren, ook op andere periodes en met andere reeksen zoals Hadcrut of Berkeley.

  24. Hoi Jan,

    Inderdaad een hoge trend, keurig gecherrypickt nietwaar 😊.

    Er zijn meer intervallen van 10 jaar in de GISTEMP dataset die iets dergelijks opleveren. Zo krijg ik voor 1992-augustus t/m 2002-juli een trend van 0.37 °C/decennium en voor 1974 t/m 1983 van circa 0.43 °C/decennium.

    Als je de autocorrelatie over een langere periode uitrekent neemt de onzekerheid van deze trends toe. Bijv. bij de SkepticalScience trendcalculator (zij volgen de berekening van Foster & Rahmstorf 2011) staat de periode voor de autocorrelatie standaard op 1980-2010 (onder “Show advanced options”). De onzekerheid in de GISTEMP trend vanaf 2008 wordt dan ± 0.27 °C/decennium.
    Ik ben geen wiskundige zoals jij, ik weet niet wat hier wijsheid is. Kun jij daar iets over zeggen?
    https://skepticalscience.com/trend.php

  25. Hans Paijmans

    @Bob, die warmste zomer in 1540 was zo’n factoid dat voorbij dreef ergens in de Frankfurter Zeitung van vorige week en hij viel me vooral op omdat hij een eind in de LIA leek te zitten.
    Het valt me wel op dat er bij de AGW-mensen beduidend minder herrie wordt geschopt over deze warme zomer dan de zogenaamde sceptici plegen te doen als er weer eens een sneeuwbuitje ergens in de USA valt.

    Paai

  26. @Jos, ja – als je over een langere periode de auto-correlatie erkent neemt de onzekerheid in de lineaire trend toe. De reden is simpel maar ook lastig uit te leggen: omdat de echte trend niet echt lineair is, en de gemeten waarden dan langere tijd boven of onder de rechte lijn blijven hanen, neemt de eerste auto-regressie-coëfficient toe met langere periodes.

    In mijn applet gebruik ik dezelfde benadering als Foster en Rahmstorf 2011, maar altijd op de regressie-periode zelf. De Sceptical Science Applet gebruikt een langere periode. Voor beiden valt wat te zeggen, maar het blijft gebonden aan de fictie van de lineaire trend.

    Autocorrelatie betekent in deze niet meer dan dat de globale temperatuur-anomalie een geheugen heeft: is het in juli warmer dan gemiddeld, dan is de kans groot dat het in augustus ook zo is. Elke maand erft ongeveer 85% van het globale niveau van de vorige maand.

  27. “Voor beiden valt wat te zeggen, maar het blijft gebonden aan de fictie van de lineaire trend.”

    Jan, een vraag: mag ik het concept ‘auto-correlatie ‘ opvatten als een heuristische manoeuvre in statistische data-mining? En dat ‘lineaire trend’ een fictie is waarop die manoeuvre is gebaseerd?

    Je zegt “…het is simpel maar ook ook lastig uit te leggen.” Mij persoonlijk zou je een groot plezier doen enige toelichting te geven ter lering.

  28. Erik de Haan

    Leuk artikel, sluit een beetje aan bij de tweet van Helga van Leur over de Dunning Kruger curve.

    Voor wat betreft droogte, het is duidelijk dat er nog geen trend te zien is als je kijkt naar de afgelopen eeuw. Kan mij wel een artikel van Gerard van Schier herinneren over een langere periode, daar zag je wel een lichte neerwaartse trend (“Wet and dry summers in Europe since 1750:
    evidence of increasing drought”).

    Ander punt, ten tijde van onze Droogtestudie Groene Hart hebben we getransformeerde neerslag tijdreeksen van het KNMI gekregen, nog op basis van de KNMI06-scenario’s. In voorjaar 2011 heb ik wel eens gekeken of dat droge voorjaar, qua neerslag, dus niet de verdamping uit het droge voorjaar 1976 te halen was. Dat lukte dus niet. Zomer 2018 is nog even af wachten, maar de periode 1 juni tot gisteren lijkt toch zeer uniek (minder dan 50% van het tot 2018 droogste jaar, op basis van 5 hoofdstations, via https://www.mscha.org/knmi/summer.cgi?station=999&sort=prec)(dus niet echt wetenschappelijk, maar wel snelle scan).

    Als beleidsmaker vraag je je dan af, duidelijk er is (nog) geen trend, maar het is in deze ruime tweemaands periode wel droger, incl. klimaatscenario W+, dan waar we in beleidsstudies ooit rekening mee hebben gehouden. Is de natuurlijke variatie dan groter dan verwacht (toeval dus), of zitten er toch terugkoppelingen in een vrij unieke situatie als de afgelopen maanden, die niet in de scenario’s zitten.

    Qua temperatuur vond ik de twee keer 36,1 in Rotterdam wel een verrassing. Ruim een graad hoger dan het record, en dan prompt twee dagen achter elkaar. Hoek van Holland vloog zelfs naar 37,9 graden, een duinstation maar toch. Die 36,1 past trouwens bij het lage KNMI-scenario voor 2050 als maximaal getransformeerde waarde (KNMI14). Bij het hoogste scenario zitten we voor Rotterdam wel “op schema” richting bijna 40 graden in 2050 als maximumwaarde (zie de Zuid-Hollandse klimaateffectatlas: https://pzh.maps.arcgis.com/apps/MapSeries/index.html?appid=64c6ea0ab8944935afe44ea93d9739de).

    Erik

  29. Erik, voor het bepalen van trends in de neerslag zijn de gegevens van de hoofdstations niet geschikt. De series zijn niet homogeen. De neerslagstations laten meestal een sterkere stijging zien dan de synoptische stations. Dat komt doordat de automatische regenmeters niet goed meten.

  30. Hans Custers

    Frank,

    Ik heb dat verhaal nog niet in detail bekeken. Misschien later. Maar er staat ook nog wat echte wetenschap op het programma waar ik naar wil kijken, en dat heeft prioriteit.

    Wat me maar blijft verbazen is dat mensen als Rob de Vos met enige regelmaat zeggen dat ze niet ontkennen dat het is opgewarmd, maar dat ze dan wel alles uit de kast halen om volkomen logische gevolgen van die opwarming te ontkennen. Sterker nog: ontkennen van een toename van extreme hitte, of in elk geval van het feit dat die toename zeer waarschijnlijk is, komt wel min of meer neer op het ontkennen van de opwarming zelf.

  31. Als aanvulling op het stuk waar Frank naar verwijst alvast dit: er staat een figuur in met het aantal tropische dagen per decennium. Het huidige decennium (2011-2020) is nog niet afgesloten, dus dat levert een te laag totaal op. Het loopt zelfs maar tot en met 2016. Het aantal tropische dage tot en met nu is 35.

  32. “Hoe zien jullie dit bericht?”

    Frank, ik kijk er niet eens naar omdat ik weet van wie het bericht is. In dit soort gevallen geldt de regel van Marshall McLuhan: het medium (i.c. klimaatgek.nl) is de boodschap. En de boodschap van klimaatgek.nl is al jaren lang twijfel zwaaien. Ik snap niet waarom je onzin-teksten hier onder de aandacht brengt. Er is warempel iets beters te doen, zoals Hans al zegt, dan aandacht schenken aan klimatologische struikrovertjes in de marge [mijn woorden]. Anno 2018 is dat echt verspilde moeite. En voor mij persoonlijk als regelmatige bezoeker alhier totaal on-interessant.

  33. Erik de Haan

    Met de hittegolven kom je door de definitie af en toe op gekke zaken uit. Deze zomer heeft de Bilt twee hittegolven en bijv. Eindhoven maar één. Oorzaak in de hele lange warme periode zakt De Bilt één keer onder de 25, Eindhoven en andere stations bleven daar steeds boven.

    Maatschappelijk en beleidsmatig vind ik het interessanter dan het aantal dagen met stationswaarnemingen met echt extreme temperaturen (T > 35) fors lijkt toe te nemen. En wie een beetje twitter volgt weet dat mensen, en daar gaat het uiteindelijk om, bij temperaturen > 35 het echt niet lekker meer vinden (zeker met bijbehorende nachten > 20 graden).

    @ Frank nog even over de neerslag. Mijn punt gaat eigenlijk niet over de trend. In het droogtebeleid is in het verleden meestal een drietal jaren gekozen (normaal, droog, erg droog jaar) om wat we nu zouden zeggen een stresstest uit te voeren (Deltaplan Ruimtelijke adaptatie). De afgelopen periode laat zien dat over de tweemaandsperiode juni-juli de neerslag veel geringer was dan het droogste jaar tot dusverre (incl. transformatie op basis van de KNMI-scenario’s). Dit beeld blijft staan als ik i.p.v. AWS Rotterdam, naar neerslagstation Bergschenhoek kijk (data tot 20 juli).

    Over afwijkingen tussen de AWS en de handstations: KNMI heeft ten tijde van Kennis voor Klimaat onderzoek voor ons gedaan naar regiospecifieke reeksen op uurbasis (zie: http://bibliotheek.knmi.nl/knmipubTR/TR322.pdf). Uit dit rapport:
    “Tabel 3.2 geeft in de eerste vier kolommen met neerslaginformatie dezelfde informatie als Tabel 3.1, maar dan gebaseerd op de metingen op de Automatische WeerStations (AWS’en). Uit de tabel is af te leiden, dat de pluviografen of elektrische regenmeters op deze AWS’en 6 à 8% minder neerslag vangen dan de gewone regenmeters. De verschillen in het aantal dagen, waarop een bepaalde hoeveelheid wordt overschreden, nemen af naarmate de te overschrijden hoeveelheid toeneemt. De extra meetfout van de pluviograaf/elektrische regenmeter heeft klaarblijkelijk de grootste invloed op de lage intensiteiten”.

    Erik

  34. Pingback: De hittegolven van 2018 | Raymond FANTASTische Horstman

  35. Zeer interessant om te lezen en voor mij was het echt te warm

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s