Categorie archief: ClimateDialogue

Climatedialogue over Klimaatgevoeligheid

Na een stilteperiode van negen maanden is vandaag een nieuwe discussie geopend op Climate Dialogue over klimaatgevoeligheid. Sinds de oprichting ben ik bij dit initiatief betrokken geweest (in verschillende hoedanigheden). Enerzijds uniek vanwege de samenwerking en discussie tussen tussen ‘mainstreamers’ en ‘skeptici’, anderzijds controversieel vanwege de ‘false balance’ die in feite in de structuur zit ingebakken door expliciet ‘sceptici’ uit te nodigen voor de discussies. Ik beschreef ClimateDialogue eerder in dit blog, waarin ik bovengenoemde aspecten ook benoem. Er zijn sinds het begin een aantal veranderingen doorgevoerd in bijv. de bemensing en de structuur. De discussies zullen nu geleid worden door Bart Strengers van PBL en Marcel Crok.

Het is een internationaal blog, gefinancierd door het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM), waarop onderzoekers op uitnodiging over publiekelijk controversiële klimaatonderwerpen met elkaar in discussie gaan, met als doel erachter te komen waarover men het eens is, waarover oneens en wat de mogelijke redenen zijn voor dit verschil in inzicht.

In de nieuwe discussie zullen drie klimaatwetenschappers de degens kruisen over één van de meest cruciale onderwerpen binnen de klimaatwetenschap: de klimaatgevoeligheid ofwel de vraag hoeveel de aarde zal opwarmen na een verdubbeling van de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer. In het recent verschenen klimaatrapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) wordt gesteld dat deze waarde waarschijnlijk ligt tussen 1,5 en 4,5 graden. Een meest waarschijnlijke waarde (‘best estimate’) wordt niet gegeven. De range is gebaseerd op klimaatmodellen (GCMs), de opwarming over de afgelopen 150 jaar, klimaatveranderingen in het verre verleden (paleo-studies) en klimatologische randvoorwaarden. Bij al deze benaderingen komt een of ander model om de hoek kijken.

Lees verder

Advertenties

Lange termijn persistentie en interne variabiliteit in het klimaatsysteem

Na een lange stilte is nu een nieuwe discussie van start gegaan op ClimateDialogue.org. Het onderwerp is lange termijn persistentie in de mondiale temperatuurdata en de eventuele implicaties daarvan voor de sterkte van interne variabiliteit en voor trend significantie. Deze discussie is gerelateerd aan de vraag of de opwarming een ‘random walk’ zou kunnen zijn, een vraag die onderwerp van vurig debat was op mijn Engelstalige blog een paar jaar geleden (zie ook deze 1 april post daarover).

De genodigde experts op ClimateDialogue zijn Rasmus Benestad (bekend van o.a. RealClimate), Demetris Koutsoyiannis en Armin Bunde. Zeker de openingsblog van Rasmus is zeer verhelderend en lezenswaardig. Hieronder volgt een korte introductie op de discussie. Een uitgebreidere (Engelstalige) versie staat op OurChangingClimate en natuurlijk op ClimateDialogue (met kleine verschillen).

Het klimaat kan door verschillende oorzaken veranderen:

–       Natuurlijke interne variabiliteit (bijv. als gevolg van oceaanschommelingen)

–       Natuurlijke klimaatforcering  (bijv. veranderingen in de zon of vulkanisme)

–       Anthropogene klimaatforcering (bijv. veranderingen in broeikasgassen of aerosolen)

Het IPCC AR4 rapport zei hierover: “it is extremely unlikely (<5%) that recent global warming is due to internal variability alone, and very unlikely (< 10 %) that it is due to known natural causes alone.” Deze conclusie is gebaseerd op een veelheid aan detectie en attributie studies en verschillende “vingerafdrukken” waarin niet alleen observaties maar ook fysische inzichten in het klimaatsysteem zijn meegenomen.

Lange termijn persistentie (LTP) is een eigenschap van een tijdsreeks die een lang geheugen heeft. De aanwezigheid ervan doet de statistische significantie van een trend sterk afnemen. Het kan om die reden relevant zijn voor de detectie van significante opwarming. Vaak wordt de aanwezigheid van LTP gelijkgesteld met interne variabiliteit, maar dat is volgens anderen onterecht, aangezien een deterministische trend ook LTP veroorzaakt (zo vertoont klimaatmodel output ook LTP). Bovendien is voor het kwantificeren van interne variabiliteit een fysische onderbouwing onontbeerlijk.

Het smelten van het Arctische zee-ijs

Gastblog van Jos Hagelaars

Onder deze titel is op de website ClimateDialogue een discussie gehouden over de mogelijke oorzaken van het verdwijnen van het Arctische zee-ijs gedurende de afgelopen decennia. Drie experts namen daar aan deel, dit waren Walt Meier, Research Scientist bij het NSIDC, Judith Curry, professor bij het Georgia Institute of Technology en Ron Lindsay, Senior Principal Physicist bij de University of Washington, department Polar Science Center.

In dit blogstuk geef ik allereerst een situatieschets van de observaties van het Arctische gebied en daarna een kort overzicht van de oorzaken van de teruggang van het zee-ijs met daarin verwerkt de meningen zoals die door de drie experts op ClimateDialogue zijn geuit. De laatste onderdelen betreffen de uniciteit van de afname van het ijs in historisch perspectief en het mogelijk ijsvrij worden  in de zomer.

Resultaten van de observaties van het Arctische gebied sinds 1979

Sinds 1979 wordt het Arctische gebied uitgebreid gemonitord met satellieten. Het betreft hier o.a. het oppervlak aan ijs, de omvang van het gebied bedekt met ijs en tevens de hoeveelheid ijs. Het resultaat daarvan is in meerdere opzichten opzienbarend. Zo is het ijsoppervlak en de hoeveelheid meerjarig ijs in de afgelopen 3 decennia in hoog tempo afgenomen, gevisualiseerd door onderstaande beelden gegenereerd door Nasa (zie hier en hier).

Lees verder

Maarten Keulemans over ClimateDialogue

Maarten Keulemans had verleden week week twee stukjes in de Volkskrant over ClimateDialogue, het nieuwe discussieplatform over klimaatwetenschap waar veel over te doen is in de blogosfeer. De laatste van die twee geeft een aardig beeld van de verhitte discussie erover:

‘absurd’ en ‘volstrekt onnodig’, reageerden diverse experts. De wetenschap heeft immers al plaatsen waar klimaatonderzoekers met elkaar kunnen discussiëren: in vaktijdschriften en op congressen.

(…)

de site mocht eens de verkeerde indruk wekken: alsof de wetenschap diep verdeeld is over de vraag of de aarde wel opwarmt. Of dat de waarheid ergens in het midden zou liggen. In werkelijkheid ligt het wetenschappelijke gelijk vooral aan de kant van het IPCC: zo is boven iedere wetenschappelijke twijfel verheven dat de aarde opwarmt door menselijk uitgestoten CO2. Het zijn dan ook vooral onderzoekers van de gevestigde orde – en belanghebbenden uit de opbloeiende duurzaamheidsindustrie – die zich verzetten tegen het idee.

De gevestigde orde onderschat echter één ding. De klimatologie is, vooral in de jaren rond de eeuwwisseling, sterk gepolitiseerd geraakt. Direct om de hoek liggen kolossale belangen, en woedt de culturele strijd tussen twee diametraal tegengestelde levensstijlen – die van overconsumptie en goedkope, fossiele energie aan de ene kant, en die van matiging, duurzaamheid en aandacht voor het milieu aan de andere.

Daar heeft hij een goed punt (al schrijft hij de grotendeels terechte bezwaren tegen de “false balance” die op de loer ligt wel wat gekscherend weg). Maar het is inderdaad vooral de ver doorgevoerde polarisatie die juist voor de mainstream wetenschap heel verkeerd uitpakt.  ClimateDialogue heeft nu juist de opzet om te de-polariseren.

Het eerdere stukje van Keulemans  was meer tendentieus. Hij noemde ClimateDialogue een “polderakkoord”, alsof wetenschap een kwestie van geven en nemen is (terwijl het natuurlijk om de sterkte van de argumentatie gaat).  Ook poneerde hij een tegenstelling tussen twee extreme standpunten (‘sceptici’ en ‘alarmisten’ of ‘opwarmers’), en maakte hij nauwelijks woorden vuil aan het gros van de wetenschap(pers), die zich ergens in het midden van dat spectrum bevindt. Dat geeft een vertekend beeld van het wetenschappelijk debat. De relatief kleine groep wetenschappers die van mening is dat de mens nauwelijks bijdraagt aan de opwarming (‘sceptici’) heeft wel disproportioneel veel invloed op het publieke en het politieke debat, daarin gevoed door de gewillige media. De groep die door Keulemans als ‘alarmisten’ werd weggezet is nog kleiner; er zijn maar weinig wetenschappers die denken dat de klimaatgevoeligheid meer dan 5 graden per CO2 verdubbeling is. Het inzoomen op (en overdrijven van) de tegenstelling is natuurlijk een manier om de lezer te prikkelen, maar vanuit het oogpunt de lezer te willen informeren over de wetenschappelijke denkbeelden vind ik het een gemiste kans.

Mede-blogger Jos Hagelaars heeft een ingezonden brief geplaatst gekregen in de Volkskrant, waarin hij op Maarten Keulemans reageert. Ik geef het hieronder integraal weer:

Er zou een ‘polderakkoord’ in de klimaatwetenschap gesloten zijn, schreef Maarten Keulemans afgelopen zaterdag in Ten Eerste. De aanleiding: de start van een nieuwe discussiewebsite waar wetenschappers waar de klimaatwetenschap besproken wordt, waarbij ook wetenschappers worden uitgenodigd met een mening die afwijkt van de wetenschappelijke consensus.

Keulemans laat voornamelijk Marcel Crok (die wetenschappelijk gezien een extreem standpunt vertegenwoordigt) aan het woord met daarnaast een curieuze opsomming ‘splijtzwammen’, waar vertekende meningen van zogenaamde ‘sceptici’ en ‘opwarmers’ tegenover elkaar geplaatst worden. Keulemans wekt de indruk dat er binnen de klimaatwetenschap grote discussies zouden zijn over de hoofdlijnen van de klimaatwetenschap. De term “polderakkoord” doet vermoeden dat twee even grote partijen met elkaar in overleg gaan, waarbij de lezer wellicht denkt dat de waarheid in het midden zal liggen. Niets is minder waar.

97% van de klimaatwetenschappers heeft over de hoofdlijnen eenzelfde opvatting over de invloed van diverse factoren op het klimaat, waaronder CO2. De volledige breedte van de stand van zaken in de klimaatwetenschap wordt regelmatig samengevat door het IPCC. Het aantal klimaatwetenschappers dat daar kanttekeningen bij plaatst is bijzonder klein, maar nuttig. Een wetenschappelijke theorie moet immers elke toets der kritiek kunnen doorstaan.

Dit kleine aantal staat in schril contrast met de talloze ‘pseudo-sceptische’ blogsites waar de meest wilde hypothesen worden opgeworpen over het klimaat met één gemene deler: dat de mens kan geen invloed zou kunnen hebben op het klimaat. In de klimaatwetenschap zijn er niet twee even grote groepen met tegengestelde meningen over de oorzaken van klimaatverandering en de waarheid ligt zeker niet in het midden.

Nieuw wetenschappelijk discussieplatform ClimateDialogue.org

Een uniek discussieplatform over klimaatverandering is net van start gegaan: ClimateDialogue. Het unieke zit ‘m enerzijds in de organisatie achter het blog: Het is opgezet door een samenwerkingsverband van KNMI (Rob van Dorland), PBL (Bart Strengers) en Marcel Crok (wetenschapsjournalist), oftewel een samenwerking tussen tussen mainstreamers  en sceptici. Daarnaast is ook de opzet van het blog uniek: Het doel is om in alle openheid een inhoudelijke discussie te faciliteren tussen experts met verschillende wetenschappelijke inzichten. Nu vindt er natuurlijk continue discussie plaats tussen wetenschappers (bijv op conferenties, workshops en in de wetenschappelijke literatuur), maar die is vaak niet direct toegankelijk voor het grote publiek. Daarnaast proberen we op dit blog in te zoomen op de hete hangijzers uit het publieke debat, die weliswaar in de reguliere wetenschappelijke  discussie ook een rol spelen, maar die daarin te midden van de vele andere issues niet altijd even prominent zichtbaar zijn. Bovendien wordt op ClimateDialogue, naast ‘mainstream’ wetenschappers ook  aan ‘sceptische’ wetenschappers gevraagd deel te nemen aan de discussie, van wie de perceptie bestaat dat zij er in de reguliere wetenschappelijke fora bekaaid van af komen (in de perceptie van sommigen door uitsluiting, in de perceptie van anderen doordat ze zichzelf afzonderen).

Het wetenschappelijke debat wordt gekenmerkt door een spectrum aan inzichten. Bij ClimateDialogue worden wetenschappers uitgenodigd  die het sterk met elkaar oneens zijn, dus we gaan op zoek naar de extremen en de grote verschillen. Het heeft dus expliciet niet de pretentie om daarmee een representatief beeld te schetsen van (het volle spectrum van) de wetenschappelijke discussie. Het idee is veeleer dat een dergelijke discussie tegenwicht kan bieden aan de toenemende polarisatie tussen ‘sceptici’ en ‘mainstreamers’. Idealiter leiden deze discussies tot meer helderheid over waar men het eigenlijk met elkaar over oneens is, waarover misschien juist wel, en wat de achtergronden en oorzaken zijn van de (on)enigheid.

Op diverse Internationale blogs zal deze week een gastblog over ClimateDialogue verschijnen. Deze is ook te vinden op mijn Engelstalige klimaatblog. Naast de drie bovengenoemde trekkers van het initiatief kijken er een zevental mensen over hun schouders mee als leden van een adviesraad. Disclaimer: Tot augustus dit jaar was ik betrokken bij de voorbereiding van het initiatief; nu heb ik zitting in de adviesraad.

Dit blog vloeit voort uit de motie Nepperus, waarin werd aangedrongen “dat ook klimaatsceptici bij vervolgstudies worden betrokken”. Ik vind het een mooi initiatief: De inhoudelijke geschilpunten blootleggen in een publiekelijk toegankelijk forum is heel nuttig. Het kan tot de nodige duidelijkheid en –misschien nog belangrijker- depolarisatie leiden, en dat kan het (publieke en wetenschappelijke) debat alleen maar ten goede komen. Er zitten echter ook risico’s aan een dergelijk project: De perceptie kan ermee gevoed worden dat de wetenschappelijke discussie door twee (gelijkwaardige) ‘kampen’ gedomineerd word (wat tot een ‘false balance’ leidt), of dat de mainstream wetenschap een monolithische eenheidsworst zou zijn (terwijl er in werkelijkheid ook binnen de mainstream continue discussie is en er een grote variatie aan inzichten is, maar dan vooral over details). Oftewel, het risico zit ‘m in de framing en de perceptie  van het project, en voor welke ideologische karretjes het gespannen zou kunnen worden. De discussies op de site zelf lijken me voornamelijk leuk, leerzaam en nuttig. Daarbij is de inbreng van goede wetenschappers natuurlijk wel een voorwaarde om het platform tot een succes te maken. Aarzel dus niet om contact op te nemen (met info [at] climatedialogue [dot] org of met mijzelf) als je je aangesproken voelt en niet bang bent voor een gemodereerd publiek debat!