Categorie archief: consensus

De aarde warmt op door de mens. Dat is overvloedig aangetoond, en derhalve is er binnen de klimaatwetenschap brede consensus over.

Uit meerdere, onafhankelijke studies blijkt dat verreweg de meeste klimaatwetenschappers het eens zijn dat de aarde opwarmt door toedoen van de mens. Dat is ook vrij logisch, als je de wetenschappelijke achtergrond begrijpt. Sommige van deze studies zijn op basis van enquêtes onder klimaatwetenschappers, en andere concluderen dat op basis van de wetenschappelijke literatuur. De bekendste studie van de laatste categorie is die van John Cook et al, één van de vijf studies die een consensus van 97% of hoger vond. Deze wordt vaak aangehaald, en vaak bekritiseerd, tot in de Nederlandse Tweede Kamer aan toe. De argumenten die tegen Cook’s onderzoek naar voren worden gebracht snijden echter geen hout.

En niet onbelangrijk, uit de verscheidenheid aan studies komt ook naar voren dat de mate van overeenstemming sterker is onder groepen met meer relevante expertise. Zo is de consensus hoger onder publicerende klimaatwetenschappers dan onder aardwetenschappers in het algemeen. Dat is ook vrij logisch: die eerste groep weet er waarschijnlijk meer van. De mensen die het hardste roepen dat de wetenschappelijke conclusies er compleet naast zitten hebben zelf vrijwel nooit relevant onderzoek verricht.

Dat de grote lijnen goed bekend zijn wil overigens niet zeggen dat we alles weten; over allerlei details en ‘cutting edge’ onderzoek (bijv over hoe snel de West-Antarctische ijskap instabiel kan worden) blijven wetenschappers natuurlijk flink bakkeleien. Met de wapens van de wetenschap: solide argumentatie op basis van goed begrepen theorieën en goed uitgevoerde metingen, waarbij ze elkaar continue scherp houden door inhoudelijke feedback en kritiek.

Er is consensus, dus het is waar?

Nee, zo simpel is het nu ook weer niet. Maar als het overgrote deel van de deskundigen het ergens over eens is, dan zegt dat wel iets. Dit zijn namelijk de mensen die zich vaak hun hele beroepsmatige leven in het klimaat hebben verdiept. Het is niet heel waarschijnlijk dat ze er allemaal totaal naast zitten. Of dat er een gigantisch complot is waar al die eigenzinnige wetenschappers aan mee doen. Bovendien blijken klimaatwetenschappers steeds weer in staat om de claims van aanhangers van alternatieve theorieën te weerleggen met inhoudelijke argumenten. Die weerleggingen blijven steevast onbeantwoord.

Natuurlijke factoren?

Er zijn in Nederland voor zover wij weten geen actieve klimaatwetenschappers die menen dat de huidige opwarming voornamelijk door natuurlijke factoren zoals de zon wordt veroorzaakt. Logisch ook, want uit metingen blijkt dat de energie die we van de zon ontvangen licht gedaald is de afgelopen ~60 jaar. Dat kan de relatief snelle opwarming in die periode dus niet verklaren. Vulkaanuitbarstingen zorgen voor een tijdelijke afkoeling door de stofdeeltjes die ze de lucht inblazen. De hoeveelheid CO2 die vulkanen uitstoten verbleekt bij wat wij door het verbranden van fossiele brandstoffen emitteren.

Invloed van CO2 en Zon op mondiale Temperatuur, geschaald op basis van de verwachte Transient Climate Response (TCR). Bron

Menselijke oorzaak

Het is één ding om te weten dat natuurlijke factoren niet verantwoordelijk zijn voor de huidige opwarming, maar hoe weten we dan zo zeker dat het aan ons ligt? Daar zijn meerdere, onafhankelijke  bewijslijnen voor:

  • Uit de klassieke natuurkunde weten we dat sommige gassen infraroodstraling absorberen. Door die eigenschap belemmeren deze zogenaamde broeikasgassen het warmteverlies van de aarde. Dus: hoe meer broeikasgassen in de atmosfeer, hoe warmer de aarde zal zijn. De fossiele oorsprong van de extra CO2 volgt ondubbelzinnig uit een veelheid aan metingen.
  • Het klimaat is altijd al veranderd, zo wordt vaak terecht gezegd. Maar in plaats van dat dat zou aantonen dat de mens er nu dus niets mee van doen heeft, is het tegendeel het geval. Want wat blijkt? CO2 speelde juist vaak een sleutelrol in die klimaatveranderingen in het verre verleden. En dat is nu niet anders. Behalve dan dat de CO2-concentratie nu ongekend snel toeneemt, en dat wij daar de oorzaak van zijn door het op grote schaal verbranden van fossiele brandstoffen.
  • Er zijn specifieke veranderingen in het klimaat die als een soort vingerafdruk verraden dat een versterkt broeikaseffect als het ware de dader is (zie figuur hieronder). Zo warmen nachten sterker op dan dagen. Dat is inderdaad wat je verwacht als de opwarming door een versterkt broeikaseffect wordt veroorzaakt. Als het aan de zon zou liggen zou het precies andersom zijn.
  • In klimaatmodellen wordt de huidige kennis bij elkaar gevoegd om te bekijken hoe goed we het klimaatsysteem begrijpen. En dan blijkt dat we de gemeten opwarming heel goed kunnen verklaren als we zowel natuurlijke als menselijke oorzaken meenemen. Maar niet als we onze emissies weglaten. De opwarming is duidelijk veel sterker dan wat je op basis van slechts natuurlijke variatie zou verwachten.

Kritiek op één van de 97% studies

Richard Tol, die vaak wordt aangehaald door criticasters van de 97% consensus, probeerde aan te tonen dat John Cook tot een heel andere conclusie kwam dan vergelijkbare studies. Als auteur van één van die andere studies was mij meteen duidelijk dat Tol’s argumentatie op los zand berust. Zo hadden wij bewust ook een groep skeptische publicisten uitgenodigd om onze enquête in te vullen. Vervolgens baseert Tol één van zijn schattingen van de wetenschappelijke consensus op wat deze uitgesproken skeptische groep denkt. Dit is vergelijkbaar met aan creationisten vragen hoe ze over de evolutietheorie denken, en op basis daarvan concluderen dat de wetenschappelijke consensus over evolutie toch echt niet zo hoog is als wel wordt beweerd.

De auteurs van andere, vergelijkbare studies waren eveneens van mening dat de kritiek van Richard Tol kant noch wal sloeg. “This is by no means a correct or valid interpretation of our results”, schreef William Anderegg bijvoorbeeld. Anderen waren nog scherper in hun kritiek: “completely misleading and misrepresenting our study”.

John Cook et al schreven heel duidelijk op wat zij vonden:

Among abstracts expressing a position on AGW, 97.1% endorsed the consensus position that humans are causing global warming.

In tegenstelling tot wat Tol beweert komt dit overeen met de beoordeling van auteurs van de onderzochte artikelen zelf. Een groot deel van hen werd namelijk gevraagd om hun eigen artikel te beoordelen volgens dezelfde procedure als Cook en medewerkers dat hadden gedaan. Dat bevestigde hun conclusie van 97% en laat zien dat de methodologie robuust is toegepast.

En de ‘neutrale’ groep?

Ongeveer twee derde van de door Cook et al onderzochte abstracts deed geen uitspraak over de oorzaak van de opwarming. Criticasters zeggen vaak dat deze meegenomen hadden moeten worden in de analyse, waardoor de consensus op maximaal één derde zou komen, zelfs als er nagenoeg geen abstracts waren die de consensus positie tegenspreken.

Laten we eens kijken hoe die benadering zou uitpakken als je dat op een ander vakgebied zou toepassen. Stel, je onderzoekt een grote hoeveelheid wetenschappelijke biologie artikelen en bekijkt hoeveel daarvan zich in het abstract uitspreken voor of tegen de evolutietheorie. Van de artikelen die daar een uitspraak over doen zal de overgrote meerderheid de evolutietheorie onderschrijven. Maar de meesten (bijvoorbeeld >90%) zullen er geen uitspraak over doen. Op basis daarvan kun je toch niet beweren dat de mate van consensus over evolutie minder dan 10% is? De artikelen die daar geen uitspraak over doen moet je natuurlijk buiten beschouwing laten. Die gingen blijkbaar over een ander onderwerp of de auteurs vonden het niet nodig er een uitspraak over te doen. Je kunt in ieder geval niet zomaar concluderen dat ze er geen mening over hebben. Dat weet je namelijk niet. En het is bovendien heel onwaarschijnlijk.

Conclusie

De kritiek op John Cook’s 97% studie is ongefundeerd. Daarnaast komen ook vele andere studies op een grote wetenschappelijke consensus, in de meeste gevallen tussen de 90% en 100%. Die hoge mate van overeenstemming onder wetenschappers is een logisch gevolg van de sterkte van de bewijsvoering, waaruit blijkt dat de huidige opwarming grotendeels door de mens wordt veroorzaakt. Wat we daaraan willen doen is een maatschappelijk-politieke vraag. We pleiten ervoor om de wetenschappelijke inzichten onvervormd mee te nemen in die maatschappelijke discussie.

Bart Verheggen, Docent aard- en klimaatwetenschappen, Amsterdam University College (AUC)

Bart Strengers, Klimaatonderzoeker bij het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)

Een iets andere versie van deze brief is ook gepubliceerd op Opiniez.

Advertenties

Ja, de mens is verantwoordelijk voor de opwarming van de aarde

Eerder verschenen op RTLZ, in antwoord Roderick Veelo en Marijn Poels:

We horen het vaak: de meeste klimaatwetenschappers zijn het erover eens dat de aarde opwarmt door toedoen van de mens. Dit is keer op keer aangetoond op basis van literatuuranalyses en enquêtes, en de mate van consensus ligt steevast tussen de 90% en de 100%. Maar hoe weten we nu of die wetenschappers het wel bij het juiste eind hebben?

Een aantal conclusies van de klimaatwetenschap is zo goed als zeker. Zo is al in de 19de eeuw aangetoond dat gassen zoals CO2 infraroodstraling absorberen, en daardoor het warmteverlies van de aarde temperen. Dit is inmiddels middelbare school natuurkunde. Ook weten we dat de toename van de CO2-concentratie in de atmosfeer komt door het verbranden van fossiele brandstoffen. De koolstof in de CO2 heeft namelijk een fossiele vingerafdruk, die ondubbelzinnig de afkomst verraadt. Meer CO2 betekent dus een dikkere deken van CO2 om de aarde heen, die daardoor wel moet opwarmen.

Maar het klimaat is toch altijd al veranderd, lang voordat de mens op het toneel verscheen? Jazeker. En de studie daarvan, paleoklimatologie, laat zien dat CO2 vaak een sleutelrol vervulde bij die klimaatveranderingen in het verre verleden. Modellen, gebaseerd op natuurkundige kennis van het klimaatsysteem, kunnen de recente opwarming goed verklaren, maar alleen als daarbij ook de menselijke invloeden zoals emissies van broeikasgassen en aerosolen (fijn stof) worden meegenomen.

Oftewel, meerdere bewijslijnen bevestigen de conclusie dat menselijk handelen de belangrijkste oorzaak is van de huidige opwarming. Zou het kunnen dat al die wetenschappers het faliekant mis hebben? Dat kun je natuurlijk nooit uitsluiten, maar voor een dergelijke boude stelling heb je dan wel heel sterke bewijzen nodig (‘extraordinary claims require extraordinary evidence’). En dat ontbreekt steevast aan dit soort claims.

Zo heeft Roderick Veelo het in zijn opiniestuk van 19 oktober over een “opgelegde eensgezindheid zonder tegenspraak”. Ik denk dat de heer Veelo nooit een wetenschappelijke conferentie heeft bijgewoond, want ik kan hem vertellen dat wetenschappers niets liever doen dan elkaar tegenspreken en corrigeren. Eensgezindheid  is vaak ver te zoeken. Geen wonder, want wetenschappelijke roem krijg je niet door je collega’s braaf na te praten; je moet met nieuwe inzichten komen! Over de grote lijn echter, zoals hierboven kort beschreven, zijn vrijwel alle klimaatwetenschappers het wel eens. Net zoals de meeste theoretisch fysici het eens zijn over Einstein’s theorieën. Dat ze om de haverklap een e-mail krijgen van iemand die meent het ultieme bewijs te hebben dat Einstein er helemaal naast zat zal hooguit tot een lach of wat irritatie leiden, maar zal hun inzichten meestal niet beïnvloeden. Lees verder

De ingenieursblik van Dick Thoenes berust niet op feiten

Zo af en toe wordt een pseudosceptisch verhaal door allerlei mensen opgepikt en gaat het rondzingen in de social media. Dat gebeurde vorige week met een stuk van Dick Thoenes op Climategate.nl. Het stuk heeft, zoals zo vaak met dit soort verhalen, de opzet van een “Gish gallop”; er is geen beginnen aan om alle onjuistheden, suggesties en drogredenen uitgebreid en onderbouwd te beantwoorden. Medeblogger Jos heeft er hier (pdf) een groot aantal kort aangestipt.

Waarom dat verhaal zo rondgaat, is voor mij onbegrijpelijk. Het ligt in elk geval niet aan de kwaliteit van de argumenten. Al moet ik wel toegeven dat mijn eerste reactie op Twitter bij nader inzien iets te kort door de bocht was.

Bij nader inzien zit een behoorlijk deel van het pseudosceptische standaardrepertoire wel op een terloopse manier in het stuk van Thoenes verweven, maar geeft hij er vaak een eigen (maar daarmee niet noodzakelijk betere) draai aan. Met de nodige goede wil zou je er de ingenieursblik van de emeritus hoogleraar procestechniek – ik heb ooit nog bij hem in de collegebanken gezeten – kunnen herkennen. Ingenieurs willen dingen ontwerpen die het doen als ze zijn gebouwd. Ze zullen daarom anders met onzekerheden omgaan dan veel andere wetenschappelijke disciplines. Als een brug 95% kans heeft om niet in te storten deugt het ontwerp ervan niet. Terwijl 95% waarschijnlijkheid in de meeste wetenschappelijke disciplines als behoorlijk overtuigend bewijs wordt gezien voor een hypothese. Ingenieurs zijn ook pragmatisch: als een empirisch vastgestelde formule – in de procestechniek wemelt het er van – goed genoeg is voor een ontwerp, vinden ze het niet nodig om verder te graven naar de precieze natuurwetenschappelijke achtergrond van zulke formules. Als je eenmaal weet hoe je een leiding moet dimensioneren zodat je geen last krijgt van turbulentie is dat genoeg. Diep graven naar de achterliggende fysica kost een hoop tijd en energie, terwijl je ontwerp er hoogstwaarschijnlijk niet beter van wordt.

Dat gezegd hebbende, is het ook wel duidelijk dat Thoenes nooit de moeite heeft genomen om zich serieus in de klimaatwetenschap te verdiepen. Daarvoor mist hij teveel kernpunten van die wetenschap en staan er teveel flagrante onjuistheden in zijn verhaal. Hij heeft ook niet erg zijn best gedaan om er een samenhangend betoog van de maken: het is eerder een verzameling losse kreten die elkaar zo nu en dan behoorlijk tegenspreken. En van onderbouwing is al helemaal geen sprake; de lezer moet Thoenes maar op zijn woord geloven want nergens in zijn stuk is een verwijzing naar al dan niet wetenschappelijke bronnen te vinden die zijn claims ondersteunen.

Zoals gezegd is het onbegonnen werk om alles inhoudelijk en onderbouwd te weerleggen. Daarom pik ik er enkele opvallende punten uit. Lees verder

Consensus over consensus: brede overeenstemming in de wetenschap over de menselijke invloed op het klimaat

De meeste wetenschappers zijn het er over eens dat de huidige klimaatverandering voornamelijk door menselijk handelen wordt veroorzaakt. Dat is keer op keer aangetoond op basis van enquêtes en literatuuranalyses. In een artikel dat vandaag in het tijdschrift Environmental Research Letters verschijnt, wordt een overzicht gegeven van deze verschillende studies, die op basis van verschillende methoden tot een zeer vergelijkbare conclusie komen. Hieruit blijkt de robuustheid van de wetenschappelijke consensus over klimaatverandering.

Uit deze meta-studie blijkt ook dat de mate van overeenstemming dat de huidige opwarming door mensen is veroorzaakt het grootst is onder onderzoekers met de meeste expertise en/of de meeste publicaties in de klimaatwetenschap. Dat verklaart tegelijkertijd waarom literatuuranalyses, waarbij abstracts van wetenschappelijke artikelen worden beoordeeld op een eventueel standpunt over de oorzaak van klimaatverandering, over het algemeen een hogere mate van consensus vinden dan enquêtes. Immers, ervaren wetenschappers die veel hebben gepubliceerd over klimaatverandering hebben in het algemeen een goed begrip van de oorzaken van de opwarming, en zij hebben vaak meer artikelen gepubliceerd dan hun ‘sceptische’ collega’s.

Scientific consensus on human caused climate change vs expertise in climate science

Figuur: Mate van consensus over door mensen veroorzaakte klimaatverandering versus expertise in klimaatwetenschap. Zwarte cirkels zijn data op basis van studies van de afgelopen 10 jaar. Groene lijn is een fit door deze data.

De aanleiding voor dit review artikel was een specifiek commentaar van Richard Tol op het artikel van John Cook uit 2013. Cook vond een 97% consensus over de menselijke oorzaak van de huidige opwarming in de wetenschappelijke literatuur over klimaatverandering. Dat artikel is verguisd en geprezen. Tol betoogde dat Cook’s studie een ‘outlier’ is. Hij kwam tot die conclusie door een sterk vertekend beeld te geven van andere onderzoeken – waaronder de enquête die ik een aantal jaar geleden namens het PBL heb uitgevoerd. De auteurs van andere ‘consensus-studies’ waren evenmin te spreken over de misleidende weergave van Richard Tol van hun werk. Zodoende is het brede auteursteam ontstaan voor de huidige meta-analyse, waaruit blijkt dat Cook’s literatuuranalyse prima past binnen het spectrum van andere, vergelijkbare studies.

De video hieronder geeft een goed beeld van de context en conclusies van de huidige studie:

Lees verder

Onder wetenschappers veel meer overeenstemming over menselijke bijdrage aan opwarming dan onder brede publiek

Vandaag staat er een ingezonden brief in de Metro van Bart Strengers en Bart Verheggen, waarin de uitkomsten van een enquete onder de bevolking worden vergeleken met de uitkomsten van onze enquete onder klimaatwetenschappers:

In de Metro van 19 September werd genoemd dat “maar liefst 69 procent van de Nederlanders ervan overtuigd is dat de mens invloed heeft op de klimaatverandering”.

Dat is weliswaar een ruime meerderheid, maar nog steeds een stuk minder dan onder klimaatwetenschappers het geval is.

Op basis van de overtuigende bewijsvoering is zo’n 90% van de klimaatwetenschappers het erover eens dat de mens een dominante invloed heeft op de huidige opwarming. Dit percentage is nog hoger als je inzoomt op wetenschappers met de meest relevante expertise.

Dit is bevestigd door een enquete die wij hebben uitgevoerd en waarvan de resultaten recent gepubliceerd zijn.

Het bericht in de Metro is gebaseerd op een onderzoek van WeerOnline onder 23.500 respondenten. Daar staat ook dat

Ruim de helft van deze groep (de 69%) denkt dat de menselijke bijdrage groot is.

In onze enquete onder klimaatwetenschappers vroegen we naar de precieze bijdrage van broeikasgassen, waarbij het antwoord alleen werd aangemerkt als “consensus positie” als broeikasgassen volgens de respondent meer dan de helft van de opwarming hebben veroorzaakt. Onze uitkomsten kunnen dus het best vergeleken worden met “ruim de helft van 69%” onder de bevolking. Dat onderstreept nogmaals de grote kloof tussen hoe er in de wetenschap over dit onderwerp wordt gedacht (~90% denkt dat bijdrage van broeikasgassen dominant is) en hoe dat in de maatschappij als geheel is (~35% denkt dat menselijke bijdrage groot is). Ook onder zelf-verklaarde skeptische wetenschappers is de meerderheid het er overigens mee eens dat de mens in ieder geval enige invloed heeft op de huidige opwarming; zij denken alleen dat die bijdrage relatief klein is.

Oftewel, onder de bevolking is de twijfel over de menselijke invloed op klimaatverandering veel groter dan in de wetenschappelijke wereld het geval is. Dat is eigenlijk veel opzienbarender dan het feit dat twee derde van de bevolking denkt dat de mens uberhaupt enige invloed heeft. Het is overigens wel vaker het geval geweest dat het even duurde voordat een wetenschappelijke consensus ook in de maatschappij als geheel breed werd geaccepteerd. Het probleem is natuurlijk dat de CO2 zich intussen wel in de atmosfeer blijft ophopen.

Enquête bevestigt wetenschappelijke consensus over door de mens veroorzaakte opwarming

  • Een enquête onder meer dan 1800 klimaatwetenschappers bevestigt dat er brede overeenstemming is dat de opwarming van de aarde hoofdzakelijk wordt veroorzaakt door antropogene broeikasgassen.
  • Deze consensus wordt sterker met toegenomen expertise, zoals gedefinieerd door het aantal zelf-gerapporteerde artikelen in de ‘peer-reviewed’ literatuur.
  • De belangrijkste conclusie in IPCC AR4 over attributie kan leiden tot een onderschatting van de broeikasgasbijdrage aan de opwarming van de aarde, omdat hierin impliciet het minder bekende maskerende effect van koelende aërosolen is meegenomen.
  • Degenen die sceptisch zijn over een belangrijke menselijke invloed op het klimaat geven aan dat ze vaker in de media komen dan andere wetenschappers.

In 2012, toen ik gedetacheerd was bij het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving), heb ik samen met collega’s een gedetailleerde enquête uitgevoerd over klimaatwetenschap. Meer dan 1800 internationale wetenschappers op het brede gebied van klimaatverandering, inclusief bijvoorbeeld klimatologie, klimaateffecten en mitigatie, hebben de vragenlijst ingevuld. De belangrijkste resultaten van de enquête zijn nu verschenen in het vakblad Environmental Science and Technology (doi: 10.1021/es501998e).

Consensus over de menselijke oorzaak van klimaatverandering

Bij toenemende deskundigheid of ervaring in klimaatwetenschap blijkt de mate van overeenstemming over de bijdrage van broeikasgassen aan de opwarming ook toe te nemen. Zo is 90% van de respondenten met meer dan tien klimaat-gerelateerde ‘peer-reviewed’ publicaties (ongeveer de helft van alle respondenten) het erover eens dat door de mens veroorzaakte broeikasgassen de belangrijkste oorzaak zijn van de recente opwarming. Dit is gebaseerd op twee vragen, waarvan er één een directe weerspiegeling was van de belangrijkste conclusie over attributie in IPCC AR4, namelijk dat meer dan de helft van de recente opwarming zeer waarschijnlijk is veroorzaakt door antropogene broeikasgassen.

Verheggen et al - Figure 1 - GHG contribution to global warming

Figuur 1. Hoe meer peer-reviewed publicaties over klimaatverandering de respondenten aangeven te hebben geschreven, hoe belangrijker ze denken dat de bijdrage van broeikasgassen (BKG) is aan de opwarming. Het aantal antwoorden is weergegeven als een percentage van het aantal respondenten (N) in elke deelgroep, gegroepeerd naar het door henzelf aangegeven aantal publicaties.

Analyses van de vakliteratuur (bijv. Cook et al., 2013; Oreskes et al., 2004) vinden over het algemeen een nog sterkere consensus dan opiniepeilingen zoals deze enquête. Dit komt omdat er een sterkere consensus is onder de meest publicerende – en wellicht dus ook de meest deskundige- klimaatwetenschappers. De kracht van een literatuuranalyse ligt in het feit dat daarmee het primaire forum van de wetenschappelijke bewijsvoering en argumentatie wordt onderzocht. De kracht van een enquête zoals deze is dat daarmee heel specifiek kan worden onderzocht waar nu precies overeenstemming over is en waar de wetenschappers het over oneens zijn. Deze twee methodes om de wetenschappelijke consensus te bepalen zijn in die zin complementair. Onze vragenlijst was heel specifiek en onze definitie van de consensus positie was daarmee wellicht strikter dan zoals in sommige andere studies is gehanteerd. Sceptische meningen zijn waarschijnlijk oververtegenwoordigd in onze enquête in vergelijking met andere.

Hoe je het ook wendt of keert, wetenschappers zijn het er in groten getale over eens dat de opwarming van de aarde voor het grootste deel door menselijk handelen is veroorzaakt.

Lees verder

De ‘I’ van IPCC

Afgelopen woensdag verscheen er een ietwat merkwaardig stukje van VVD Tweede Kamerlid Remco Dijkstra (woordvoerder milieu en klimaat) in Trouw Opinie. Zijn betoog is hier integraal te lezen en het komt er op neer dat het klimaatpanel uit “onheilsprofeten” zou bestaan, baantjesjagers waarvan “de wetenschappelijke collega’s meteen begeesterd [raken] van alarmistische geluiden”.

De heer Dijkstra probeert zo de wetenschap neer te zetten als ‘ook maar een opinie’, waar het “kritische tegengeluid” tegenover geplaatst zou moeten worden van de, houd u vast: “klimaatsceptische boodschap”. Op deze wijze bemoeit Remco Dijkstra zich als politicus met de wetenschappelijke inhoud — terwijl hij op Twitter juist bezwaar maakt tegen:

Dat is in meerdere opzichten een ernstig misverstand.

Lees verder