Categorie archief: klimaatsceptici

Stropop, cherry-pick, ad ignorantiam: een retorisch standaardrecept

In de argumentatie van pseudosceptici komen nogal wat drogredenen voorbij. En er is een vast patroon van drie drogredenen dat heel regelmatig terugkomt. Het kan handig zijn om dat patroon te herkennen. Het patroon gaat als volgt: eerst een stropop, dan een cherry-pick en tenslotte een ad ignorantiam.

De verhalen bij de grafiekjes van Baudet volgen steeds weer dat patroon. Dat is goed te zien in de toelichting op die grafieken van de hand van Marcel Crok, die inmiddels op de site van het FvD is verschenen. Een weerlegging van onze kritiek op die grafieken is het allerminst. Het is eerder een herhaling van de onwetenschappelijke retoriek waar we op wezen. Retoriek die steeds weer als volgt is opgezet.

Stropop. Dit is een verzonnen “alarmistische” claim, die zonder bronvermelding, meer of minder expliciet wordt gepresenteerd. De suggestie is dat die claim een algemeen geaccepteerd en belangrijk onderdeel is van de wetenschappelijke kennis over de menselijke invloed op het klimaat. In werkelijkheid is het in het beste geval een van alle nuances ontdane karikatuur van wat de wetenschap zegt en in het slechtste geval een bewering die maar bar weinig met de echte wetenschap te maken heeft. Veel voorkomend voorbeeld: de verwachting van iets dat in de loop van deze eeuw zou kunnen gebeuren wordt gepresenteerd als een voorspelling die nu al waarneembaar zou moeten zijn.

Cherry-pick. Uit alle beschikbare wetenschappelijke literatuur en data wordt precies dat ene stukje gepikt dat het meest in tegenspraak is met de stropop. Alle andere beschikbare kennis en informatie wordt simpelweg genegeerd.

Ad ignorantiam. Dat de stropop niet bevestigd wordt door de cherry-pick wordt gepresenteerd als hard bewijs dat er niets aan de hand is, of als bewijs van het tegenovergestelde van de stropop. Terwijl het simpele feit dat iets niet bewezen wordt in een bepaald onderzoek natuurlijk niet automatisch betekent dat het uitgesloten kan worden. Ofwel: afwezigheid van bewijs is geen bewijs van afwezigheid.

De truc wordt steevast uitgehaald met onderwerpen waarover veel onzekerheid is. Omdat ze moeilijk te meten zijn, of omdat de variabiliteit groot is, of omdat het gebeurtenissen zijn die zelden voorkomen, bijvoorbeeld. De cascade van drogredenen wordt gebruikt om die onzekerheid één kant op te redeneren. Terwijl er in werkelijkheid twee kanten aan onzekerheid zitten: het kan mee- en het kan tegenvallen.

De individuele beweringen in zo’n redenering zijn op zich vaak niet onwaar, maar de conclusie die er (impliciet of expliciet) uit wordt getrokken is vaak wel misleidend en in strijd met de wetenschappelijke logica. Retorisch is het misschien handig, maar wetenschappelijk is het waardeloos.

Advertenties

De inbreng van De Lange en Crok voor een rondetafelgesprek van de vaste commissie voor Economische Zaken en Klimaat

Op 31 oktober vond er een rondetafelgesprek plaats bij de Vaste Commissie van Economische Zaken en Klimaat. Daarbij waren enkele mensen – Kees de Lange, Marcel Crok en Fred Udo – aanwezig die de wetenschappelijke inzichten over klimaatverandering geheel of ten dele in twijfel trekken. Hierover hebben een aantal wetenschappers via een brief aan de leden van de Commissie hun zorgen geuit. Deze brief is integraal opgenomen in een vorig blogstuk:
Oproep van klimaatwetenschappers tbv hoorzitting VC-EZK “kosten en baten van de voorgenomen klimaatwet”: baseer beleidsdiscussie op wetenschappelijke inzichten

Voor het rondetafelgesprek zijn diverse zogenaamde position papers ingediend. De meeste gaan over klimaatbeleid, maar Kees de Lange gebruikt zijn inbreng echter om veel tenenkrommende onzin over klimaatwetenschap en haar bevindingen te bezigen. In dit soort politieke hoorzittingen dient beleid besproken te worden, het zijn geen fora waar dolle, niet-onderbouwde meningen over de wetenschap thuishoren. De stand van zaken in de klimaatwetenschap wordt keurig samengevat door het IPCC door vele wetenschappers en is gebaseerd op duizenden wetenschappelijke artikelen. Dat biedt een prima en onderbouwde ondergrond voor een discussie over klimaatbeleid.
Hieronder gaan we in detail in op de inhoud van het stuk van Kees de Lange en eindig ik met enkele opmerkingen over de inbreng van Marcel Crok.
Waarschuwing vooraf: Het is al met al een lang verhaal geworden en voor onze trouwe lezers zal veel ervan bekend voorkomen.

Position paper van Kees de Lange

Het eerste wat opvalt aan het stuk van Kees de Lange is dat er maar één referentie in staat en dat betreft een uitleg over zijn eigen persoon. Wetenschappelijke referenties ontbreken volledig. Het lijkt me toch dat De Lange in zijn wetenschappelijke carrière daar anders mee omging. Het kan natuurlijk zijn dat De Lange niet ingelezen is in de wetenschappelijke literatuur over klimaatverandering en gezien zijn teksten lijkt dat het geval te zijn. Hieronder gaan we in op enkele zaken waar hij de plank nogal misslaat.
Lees verder

Klimaatwetenschappers reageren op Berkhout en Thoenes in Elsevier

Het opiniestuk van Guus Berkhout en Dick Thoenes in Elsevier is hier al uitgebreid besproken. Inmiddels heeft Elsevier een reactie van een aantal klimaatwetenschappers gepubliceerd. De tekst van die brief nemen we hieronder over.

Klimaat

Als twee emeritus hoogleraren klimaatwetenschappen een artikel zouden publiceren over de relatie tussen hiv en aids, zegt hun professortitel niets. Als ze zich het onderwerp eigen zouden maken, kan het een goed artikel zijn. Maar het zou ook de plank flink kunnen misslaan, ook al waren ze ooit nog zo goed in hun eigen vakgebied.

Dat is het geval bij Dick Thoenes en Guus Berkhout. In hun omslagartikel ‘Bekijk opwarming positief. Weg met doemscenario’s’ (13 oktober, pagina 16) geven deze emeritus hoogleraren er blijk van weinig kennis te hebben van het klimaatsysteem.

Een van de twee emeriti (Berkhout) is lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). De KNAW bracht jaren geleden al een publicatie over klimaatverandering uit, die laat zien dat de mens klimaatverandering veroorzaakt en hoe: door de concentraties broeikasgassen in de atmosfeer sterk te verhogen, vooral door verbranding van fossiele brandstoffen, waarbij veel CO2 vrijkomt.

Sindsdien is het bewijs dat de rol van de mens overheersend is in de opwarming van de aarde alleen maar sterker geworden. Natuurlijke factoren, zoals verminderde zonneactiviteit, zouden anders juist voor afkoeling hebben gezorgd. Met klassieke natuurkunde zoals die op de middelbare school wordt onderwezen, is dit mechanisme prima te begrijpen.

Maar Thoenes en Berkhout hebben hier kennelijk geen boodschap aan. Ze hebben een eigen verhaal uitgedacht dat kant noch wal raakt. CO2 kan de oorzaak niet zijn, zo redeneren de auteurs, want de CO2-concentratie is overal ter wereld ongeveer gelijk en toch loopt de temperatuur in klimaatzones wijd uiteen.

Dat is een drogredenering: je kunt verschillen tussen klimaatzones niet als ‘bewijs’ aanvoeren dat CO2 geen invloed heeft op het klimaat. Het is basiskennis dat klimaatzones hoofdzakelijk verschillen doordat de zoninstraling op verschillende breedtegraden en in de seizoenen uiteenloopt. Wereldwijd is het vooral de stijging van het CO2-gehalte in de atmosfeer die zorgt voor een opwarmend effect, over alle klimaatzones heen.

Of neem de redenering die zo’n beetje de kern van hun betoog vormt: het klimaat veranderde altijd al, ook toen er nog geen mensen waren, dus kan het ook nu de mens niet zijn.

Tja, bosbranden waren er ook al voordat er mensen waren, dus de mens kan niet verantwoordelijk zijn voor de actuele bosbranden. Non sequitur, heet deze drogreden: het volgt er niet uit. Juist door eerdere mondiale klimaatveranderingen te bestuderen, is gebleken dat drie factoren een hoofdrol spelen: zoninstraling, reflectie van de inkomende straling (albedo) en het gehalte broeikasgassen in de atmosfeer dat reguleert hoeveel energie de aarde weer uitstraalt.

De CO2-concentratie speelde bij grote klimaatveranderingen in het verleden vaak een sleutelrol. Net als nu. Met als verschil dat de CO2-concentratie momenteel in een ongekend hoog tempo toeneemt en dat menselijke activiteiten er de oorzaak van zijn.

Er zouden vele pagina’s nodig zijn om alle onjuistheden en drogredeneringen in het artikel te ontmantelen. Maar het punt is duidelijk: de auteurs hanteren redeneringen die elke wetenschappelijke grond missen en ze gebruiken hun titels en KNAW-lidmaatschap om zich gezag aan te meten op een vakgebied waarvan ze overduidelijk geen kaas hebben gegeten. Zo verspreiden ze misinformatie die het maatschappelijk debat schaadt.

Dr. Dim Coumou, dr. Ko van Huissteden (Vrije Universiteit Amsterdam), dr. Peter Kuipers Munneke (Universiteit Utrecht), dr. Leo Meyer (v/m projectleider syntheserapport IPCC), dr. Geert Jan van Oldenborgh (KNMI), dr. ir. Ernst Schrama (TU Delft), ir. Bart Strengers (Planbureau voor de Leefomgeving), dr. Jan Wuite (ENVEO) – allen klimaatonderzoekers – en ir. Jan Paul van Soest (De Gemeynt, auteur van het boek De Twijfelbrigade).

Thoenes en Berkhout preken voor eigen parochie in Elsevier

De Global Warming Index: verloop van de mondiale temperatuur (in zwart en rood) en van menselijke (geel) en natuurlijke (blauw) factoren die het klimaat beïnvloeden

Ooit, jaren geleden, las ik vrijwel elke dag wel een verhaal van iemand die de menselijke invloed op het klimaat, of de wetenschap daar achter, bestreed. Dat was best leerzaam. Niet omdat er zo veel bruikbare informatie in die verhalen stond, maar omdat ik allerlei beweringen uit dat stuk ging controleren op waarheidsgehalte, logica, consistentie en wetenschappelijke onderbouwing. Natuurlijk bleef er van al die beweringen dan maar bar weinig overeind. En al factcheckend kwam ik beetje bij beetje meer te weten over het klimaat en begon ik ook wat te begrijpen van de wetenschap op dit onderwerp.

Na een tijdje begon die leermethode steeds minder goed te werken. Er bleven steeds minder dingen over om te checken, omdat ik ze allemaal al een keertje had gezien. Wel begon ik nu te leren hoe de mensen die zichzelf “sceptisch” noemen zich gedragen in discussies over het klimaat. Ze blijven simpelweg steeds nagenoeg hetzelfde repertoire aan beweringen en claims herhalen, zonder ooit serieus in te gaan op tegenargumenten. Waar ze vaak zeggen dat ze discussie willen, zijn ze in de praktijk juist steeds weer bezig met het ontwijken daarvan. Wat lijkt op een discussie is in werkelijkheid niet meer dan een eindeloze herhaling van (min of meer) dezelfde claims en weerleggingen. Een schijndebat. Van echte scepsis – niet alles wat er wordt gezegd klakkeloos voor waar aannemen – is ook geen sprake. Dit is pseudoscepsis: alles wat in strijd is met de vooraf bepaalde mening wordt niet alleen afgewezen, men neemt zelfs niet de moeite om er serieus naar te kijken. En wat wel overeenkomt met de eigen mening wordt kritiekloos omarmd.

Hoewel ik in de loop der tijd wel wat geleerd heb over pseudoscepsis, echt begrijpen doe ik het niet. Het lukt me niet om me echt te verplaatsen in iemand die wel een discussie zegt te willen voeren, maar nooit de moeite neemt om argumenten van anderen echt te onderzoeken. Omdat het natuurlijk nooit lukt om die ander te overtuigen als je je niet in zijn argumenten verdiept. Maar ook omdat het onderzoeken van tegenargumenten zo’n goede manier is om de eigen mening aan te scherpen en zo nodig bij te stellen.

Mijn onbegrip van pseudoscepsis steeg naar nieuwe hoogten toen ik het – nota bene prominent op de voorpagina aangekondigde – opiniestuk van Guus Berkhout en Dick Thoenes in Elsevier Weekblad (betaalmuur) van 13 oktober las. Deze emeritus hoogleraren lijken zo’n beetje alle wetenschappelijke kennis over het klimaat, samen met de overwegingen van energiedeskundigen en –bedrijven en van economen en beleidsmakers die zich bezighouden met de energietransitie of het klimaat, op één grote hoop te gooien: die van het milieuactivisme. Wel zo makkelijk; dan hoeven ze zich er niet echt in te verdiepen om toch vast te kunnen houden aan de overtuiging dat ze het zelf allemaal veel beter weten. Het gevolg is dat ze nogal druk zijn met het weerleggen van beweringen die geen zinnig mens ooit zal doen.

Als ik een manier zou weten om tot een zinnig, constructief gesprek te komen met deze heren, dan zou ik het zeggen. Maar ik heb werkelijk geen idee hoe dat zou moeten. Er zit daarom weinig anders op dan nog maar weer eens ingaan op de inhoudelijke missers in het stuk van Berkhout en Thoenes (hierna: B&T). Misschien is dat ook wel preken voor eigen parochie. Maar dan nog lijkt het me zinvol om, met onderbouwing, aan te geven waar ze de plank misslaan. Met daarbij de kanttekening dat het onbegonnen werk is om op alle onjuistheden en drogredenen in te gaan. Ook met het beperkte aantal punten dat ik er uit pik zal dit stuk al wel weer veel langer worden dan eigenlijk mijn bedoeling was. Wie liever een wat kortere respons leest: de column hierover van Rosanne Hertzberger in het NRC van afgelopen zaterdag kan ik van harte aanbevelen. Lees verder

De vreselijke opwarming

Heet, heel heet is het nu in mijn woonplaats. Al weken temperaturen boven de 25 graden en regelmatig tropische waarden boven de 30 graden. De toetsen van mijn toetsenbord voelen boterzacht en plakkerig aan en buiten in mijn tuin is bruin de overheersende kleurtint. Hoezo CO2 is goed voor de plantjes? Nee, dan was het zo’n tien jaar geleden véél beter. Volgens sommige mensen was de opwarming van de aarde toen gestopt, want het was al tien jaar niet meer warmer geworden. Die “niets aan de hand” verhaaltjes kwamen prettig over. De klimaatsceptici waren er destijds vrij duidelijk over, aan de theorie achter het broeikaseffect zat een afkoelend luchtje. Zo schreef Hans Labohm op een NOS weblog in 2009 (zie ook de vlijmscherpe respons van Gerrit Hiemstra hier):

“De gemiddelde wereldtemperatuur is de laatste tien jaar namelijk gedaald, terwijl de CO2–concentratie in de atmosfeer nog steeds stijgt. Dit is in strijd met de uitkomsten van alle klimaatmodellen.”

En in het boek van Marcel Crok (zie ook hier), gepubliceerd in 2010, kon je onder meer het volgende lezen:

“De stagnatie van de mondiale temperatuur in de afgelopen tien jaar speelt de broeikastheorie ook niet bepaald in de kaart.”

Al die wetenschappers die al decennialang zo ongeveer hetzelfde verhaal vertelden, zaten er blijkbaar naast. Op basis van tien jaar aan data moesten de theorieën en vooral de modellen herzien worden volgens deze “klimaatcritici”; in ieder geval mocht de overheid geen centje meer aan mitigatie uitgeven.

Inmiddels zijn we zo’n tien jaar verder, een goede reden voor een update van enkele analyses gebruik makend van de methoden van de korte-termijn-klimatologie. De grafiek hieronder van de NASA GISTEMP dataset vanaf 2008 laat een mondiale opwarming van 0,40 °C per decennium zien. Dat is dus maar liefst 4 graden per eeuw. Hans Labohm vraagt zich zo af en toe af wanneer die vreselijke opwarming nu eindelijk komt, nou blijkbaar is het inmiddels zover!


Lees verder

Leon de Winter haalt oeroude klimaatmythes van onder het stof

Eens in de zoveel tijd is het raak, dan verschijnt er weer ergens een column of ingezonden stuk dat vol staat met tot op de draad versleten beweringen over het klimaat en de klimaatwetenschap. Het soort beweringen dat al vele malen, op allerlei plekken, volledig is weerlegd. Deze keer was het de beurt aan Leon de Winter, met een column in De Telegraaf.

Nou ja, voor een doorgewinterde klimaatblogger kost het gelukkig niet zo veel moeite om de bekende weerleggingen van zulke claims nog eens bij elkaar te zetten. Die horen gewoon tot de parate kennis. Dus, hier gaan we nog maar eens een keer.

Het klimaat verandert continu

Klopt. Maar hoe weten we dat? Dankzij klimaatwetenschappers. Grotendeels dezelfde wetenschappers die waarschuwen voor de risico’s van menselijke broeikasgasemissies. Moeten we die wetenschappers nu wel of niet vertrouwen? Of alleen als we ze graag willen geloven?

Overigens verandert het klimaat nooit zomaar. Er zijn namelijk natuurwetten waar het klimaat niet aan ontkomt. De wet van behoud van energie, bijvoorbeeld. Wat wil nu het geval: de invloed van menselijke emissies op het klimaat volgt uit precies dezelfde natuurwetten die klimaatveranderingen uit het verleden kunnen verklaren!

Er is geen standaardtemperatuur

Klopt. Het zal de aarde een zorg zijn hoe warm of koud het is. En het leven op aarde wordt ook niet zo makkelijk in zijn geheel weggevaagd. Zelfs in het uiterste geval, een massa-extinctie als gevolg van een snelle verandering van het klimaat, zal er wel wat leven overblijven, dat zich vervolgens aanpast aan de nieuwe omstandigheden. Het zou niet de eerste keer zijn. En de evolutie heeft alle tijd.

Maar hoe zit dat voor de mens en zijn beschaving? Die heeft zich ontwikkeld in een periode met een zeer stabiel klimaat. Als dat fors gaat veranderen, zeker als het snel gaat, levert dat wel degelijk problemen op. Landbouw, infrastructuur, waar we wonen en hoe we leven, het is allemaal afgestemd op het stabiele klimaat waar we zo aan gewend zijn. Lees verder

Het Achterhoedegevecht

“Geen opwarming sinds 2016

“Thermische expansie van water bestaat niet

“Zeespiegelstijging wordt veroorzaakt door rotsen die in de oceaan vallen

Het lijkt er op dat veel pseudosceptici niet eens meer de moeite nemen om argumenten te verzinnen die ook maar een flintertje wetenschappelijke geloofwaardigheid hebben. Het doet vermoeden dat ze zo langzamerhand wel beginnen te snappen dat ze het altijd bij het verkeerde eind hebben gehad en alleen uit gewoonte nog wat blijven sputteren. Want zelfs de meest verstokte pseudoscepticus zou toch moeten begrijpen dat dit soort onzin niks met serieuze wetenschap te maken heeft.

Toch hebben diverse wetenschappers passend commentaar weten te leveren. Enkele voorbeelden: