Categorie archief: Zonder categorie

Hoe modern is ecomodernisme?

Door Hans, Bart, Jos en Bob

De zogenaamde ecomodernisten zetten zich af tegen de traditionele milieubeweging, ze zijn voor ontkoppeling (“het uit elkaar halen van mens en natuur”), voor kernenergie en voor genetische modificatie. Met deze oplossingsstrategieën schoppen ze menigeen tegen het zere been, en op zich is het goed om de discussie hierover breder te trekken en om (al dan niet vermeende) dogma’s aan de kaak te stellen. Het is wel jammer dat ze, zoals Joep Engels in Trouw terecht opmerkte, zelf ook wat dogmatische kantjes vertonen. Daarnaast hebben ze er een handje van om milieuproblemen en klimaatverandering te bagatelliseren. Dat is jammer, want er zitten zeker waardevolle gezichtspunten in hun benadering, bijvoorbeeld op het gebied van landbouw. Maar met name wat betreft klimaatverandering en duurzame energie lijkt het echter vooral op een slimme re-branding van het alom bekende “sceptische” repertoire, na zich ook al “klimaatoptimisten” te hebben genoemd.  Vanavond (2 mei 2017) wordt in Pakhuis De Zwijger in Amsterdam het boek ecomodernisme middels een panel discussie gepresenteerd.

Schoppen tegen de schenen van de milieubeweging

De ecomodernisten willen“geaccepteerde meningen kritisch herzien”, zo valt in hun inleiding te lezen:

Zeg dat je een ‘groene’ leefstijl hebt en je voldoet aan een helder signalement. Je bent tegen kernenergie en tegen gentechnologie in de landbouw. Je bent voor windmolens, voor biologische landbouw en voor lokaal geproduceerd voedsel. (…) Je ziet een vegetarisch dieet als een manier om de planeet te redden.

Iets verderop gaat het over “de heersende groene gedachte (..) om daarom ‘in harmonie’ met de natuur te leven” en “traditionele groenen” die “van oudsher dromen van een sober, laagtechnologisch bestaan op het platteland”.

Ecomodernisten houden er blijkbaar een karikaturaal beeld op na van mensen die bezig zijn met duurzaamheid. Het beeld van – ietwat gechargeerd – de geitenwollensokkendragende boomknuffelaar die vindt dat we helemaal terug moeten naar de natuur om de aarde te redden. Een beeld dat in de jaren ‘70 van de vorige eeuw misschien enigszins terecht was, maar sindsdien is er toch echt wel wat veranderd. Duurzaamheid is allang niet meer alleen het domein van groepen die moderne technologie afzweren of economische groei willen indammen (even terzijde, dat laatste is natuurlijk ook een taboe van jewelste). De wetenschap houdt zich er mee bezig, de politiek en ambtenarij over de hele wereld en niet te vergeten het bedrijfsleven. Er zijn bedrijven die van duurzaamheid hun core-business hebben gemaakt en anderen menen dat een overgang naar een duurzamere economie nodig is voor hun voortbestaan. Echter, elk van deze beroepsgroepen, in zoverre ze zich met duurzaamheid bezighouden, wordt op hun beurt ook scherp bekritiseerd door dezelfde ecomodernisten die zo afgeven op de zogenaamde boomknuffelaars. Oftewel, als je je met duurzaamheid bezighoudt kun je het in hun ogen nooit goed doen. Tenzij je het helemaal met hun eens bent natuurlijk.

treehugger

Economie en Technologie

Ecomodernisten doen alsof het een nieuw idee is om economische groei na te streven zonder het milieu te belasten. Maar dat is natuurlijk een gotspe. Vrijwel alle scenario’s waar het IPCC mee rekent gaan uit van voortdurende economische groei, en het is in feite ook precies de gedachte achter de energietransitie: economische ontwikkeling mogelijk maken zonder enorme risico’s te nemen met het klimaat. De energietransitie bewijst ook dat zoiets makkelijker gezegd is dan gedaan. Ecomodernisten wekken de indruk te denken dat toekomstige technologische oplossingen voor (milieu)problemen als een “deus ex machina” uit de lucht komen vallen. Het benoemen van mogelijke toekomstige problemen en risico’s noemen ze laatdunkend “doemscenario’s” en “alarmisme”. Niet toevallig bevinden zich onder de ecomodernisten meerdere auteurs – Marco Visscher, Marcel Crok, Rypke Zeilmaker – die in het verleden niet bepaald zorgvuldig omgingen met de wetenschap.

Het menselijk vermogen om problemen tijdig te onderkennen om ze vervolgens op te lossen zou ook reden zou kunnen zijn voor optimisme. Een rationeler optimisme dan er maar simpelweg van uit gaan dat de technologie het allemaal op het juiste moment wel op zal lossen. Technologie-entrepeneur John Mashey geeft hierover vaak de volgende waarschuwing:

Never schedule breakthroughs

Een probleem dat in hevigheid toeneemt op z’n beloop laten, in het geloof dat er t.z.t. wel een technologische innovatie voor bedacht zal worden, is nogal riskant en wordt eigenlijk alleen gepropageerd door mensen die niet veel afweten van technologische innovatie en/of mensen die de serieusheid van het probleem niet onderkennen.

Overigens zijn niet alle ecomodernisten even consequent in hun vertrouwen in technologische oplossingen, zoals Joep Engels in zijn boekbespreking in Trouw constateert:

In hun behandeling van de milieuproblemen gaan de auteurs nogal selectief te werk. Bij de vergelijking tussen zon en wind enerzijds en kernenergie anderzijds worden de problemen van energieopslag bij de eerste breed uitgemeten en schampert de auteur dat de voorstanders vertrouwen op de ontwikkeling van betere batterijen. Kennelijk telt het vooruitgangsgeloof dan niet.

Volgens hetzelfde stuk in Trouw houden de auteurs er ook hun eigen alternatieve feiten op na over duurzame energie. In tegenstelling tot wat zij volgens Engels beweren is de energieterugverdientijd van zonnepanelen tussen de 1 en 3 jaar.

Solar panels in front of wind turbines and mountians

Ecomodernisten zijn, zo schrijven ze: “vóór kernenergie, vóór gentechnologie en vóór economische groei”. Over dat laatste zullen de meeste mensen het snel eens zijn. Een (vermeend?) taboe op bijvoorbeeld kernenergie of gentechnologie doorbreken kan best zinvol zijn. Dergelijke technologieën kunnen wel degelijk nuttig zijn als we om willen schakelen naar een duurzamere economie. Maar, net als andere technologieën, hebben ook deze technologieën hun nadelige kanten. Bij een afweging van voor- en nadelen kan het muntje de ene keer de ene kant op vallen en de andere keer de andere kant. Dogmatisch voor zijn is dan net zo improductief simplistisch als dogmatisch tegen zijn. De discussie die al enige tijd wordt gevoerd over biobrandstoffen maakt, voor wie er oog voor heeft, duidelijk hoe zinloos het is om simpelweg voor of tegen een dergelijke oplossing te zijn. Het ligt veel genuanceerder.

Ontkoppeling van mens en natuur

Een van de interessantere gezichtspunten uit het ecomodernisme is het idee van ontkoppeling:

Hoe meer we onze activiteiten ontkoppelen van de natuur, hoe beter het gaat met ons én met de natuur. Ontkoppelen doen we vooral door onze activiteiten te concentreren – in de landbouw, in de energiewinning en in de manier waarop we wonen – waardoor er meer ruimte komt voor de natuur.

Hoe meer land er wordt gebruikt voor landbouw en andere menselijke activiteiten, hoe minder land er over blijft voor de natuur en hoe hoger de landgebonden CO2 emissies (LULCC in jargon). En omgekeerd, hoe hoger de landbouwopbrengsten en hoe efficiënter we de menselijke activiteiten inrichten, hoe meer ruimte er over blijft voor de natuur en hoe kleiner de LULCC emissies. Dit is bij mensen die zich met deze problematiek bezighouden natuurlijk ook bekend. Echter, in hoeverre willen we en kunnen we de wereld in verschillende compartimenten opdelen? Wat zijn de mogelijke gevolgen voor biodiversiteit? Het in de laatste open discussie genoemde artikel van Pecl et al. laat zien hoezeer wij verweven zijn met onze habitat, al zijn we ons daar niet altijd meer van bewust, en hoe schadelijk door de mens aangebrachte compartimenten kunnen zijn voor soorten en ecosystemen, zeker in een veranderend klimaat.

ecomodernism

Al met al lijkt het nieuwe aan ecomodernisme vooral de verpakking te zijn. Inhoudelijk is het lang niet zo nieuw en onbekend als wordt beweerd, en met name op klimaat- en energiegebied is het inhoudelijk erg gammel en eenzijdig. Mochten we er na lezing van het boek anders over gaan denken, dan zijn de lezers van ons blog de eersten die het weten!

Open discussie voorjaar 2017

Het is alweer bijna mei, de wereld wordt weer groen en in de oude havens van Rotterdam knokken de meerkoeten er weer flink op los. Ondertussen bouwen ze druk aan hun nieuwe nest. Het blijven Rotterdammers.

Tijd voor een nieuwe open discussie. Zoals altijd kunnen hier inhoudelijke discussies worden gevoerd (of voortgezet) over klimaat en klimaatwetenschap die geen betrekking hebben op specifieke blogstukken.

De afbeelding hierboven geeft voorbeelden van soorten waarvoor veranderingen in het leefgebied onder invloed van klimaatverandering zijn gedocumenteerd of worden voorspeld. De figuur is afkomstig uit een uitgebreid overzichtsartikel in Science: “Biodiversity redistribution under climate change: Impacts on ecosystems and human well-being” van Pecl et al.. Het artikel zit achter de betaalmuur van Science, maar de aanvullende informatie met een uitgebreide toelichting op de afbeelding is wel vrij toegankelijk. De video hieronder vat de hoofdpunten van dit artikel in een minuutje samen.

Prettige feestdagen

De tekening is van Marije Mooren

ijskraam

Wij wensen al onze lezers, reageerders, Twitter-volgers en Facebook-vrienden prettige feestdagen.

Open discussie winter 2016 – 2017

Het duurde wat langer dan normaal voordat we dit jaar afscheid van de zomer hebben genomen doordat september nog enkele extreem warme dagen kende. Inmiddels zitten we alweer in november en ook dat is een maand met klimaatextremen. Dit keer niet alleen qua temperatuur of ijs, maar tevens in de politiek door de veelbesproken Amerikaanse presidentsverkiezing. Daarnaast is er een nieuwe VN-klimaatconferentie geweest, COP22 te Marrakech, waar de aangesloten landen verdere afspraken hebben gemaakt als vervolg op het klimaatakkoord van Parijs van vorig jaar. Meer daarover bij o.a. CarbonBrief.

Intussen gaat de opwarming van de aarde natuurlijk gewoon door. 2016 zal een record vestigen als het warmste jaar sinds het begin van de metingen, als er niet iets heel geks gebeurt, en dat terwijl 2014 en daarna 2015 al recordwarme jaren waren.

Op de Zuidpool verdwijnt in deze tijd het zeeijs en op de Noordpool groeit het aan. Deze maand zijn ook daar, in beide gebieden, extremen te melden. In tegenstelling tot eerdere jaren verdwijnt het zeeijs rond Antarctica in rap tempo en scoort het oppervlak aan zeeijs op de Noordpool een laagterecord voor deze periode. Dit samen betekent dat er voor de maand november bijzonder weinig zeeijs op aarde is t.o.v. andere jaren. Een reden voor bezorgdheid maar niet voor paniek.

Met de winter voor de deur is het tijd voor een nieuwe Open Discussie op Klimaatverandering. Hier kunnen inhoudelijke discussies over klimaatwetenschap en klimaatverandering worden gevoerd of voortgezet, die niet direct betrekking hebben op een specifiek blogstuk.

Traagheid in het klimaatsysteem

Stel je voor dat je op een groot schip zit dat op een aanvaring afstevent. Wat zou jij doen? Zou je volle kracht vooruit blijven gaan totdat je het object waar je tegenaan dreigt te varen als het ware aan kunt raken? Of zou je proberen om tijdig van koers te veranderen, in de wetenschap dat een dergelijke koersverandering voor zo’n groot schip een veel tijd in beslag neemt?

De traagheid van het schip impliceert dat je op tijd moet handelen om een aanvaring te voorkomen.

Het klimaatsysteem heeft ook een enorme traagheid ingebouwd. En net als bij een groot schip betekent dit dat vroegtijdige actie nodig is als we het verdere verloop van het klimaat willen bijsturen. Deze traagheid is een cruciaal aspect van het klimaatsysteem, zowel wetenschappelijk als maatschappelijk – maar in het maatschappelijk debat is het een zeer ondergewaardeerd en onbekend aspect.

inertia

De traagheid van het klimaatsysteem is als een supertanker: als we koers willen wijzigen moeten we het roer tijdig in de gewenste richting draaien.

Waarom is die traagheid zo belangrijk? Omdat intuïtief veel mensen denken dat zodra we onze CO2 uitstoot sterk hebben gereduceerd (wat we niet hebben gedaan), het probleem dan opgelost zal zijn. Maar dat is niet het geval – bij lange na niet. Zelfs als we de CO2-uitstoot tot nul terugbrengen over een realistische tijdsperiode, dan zal de CO2 concentratie in de atmosfeer – en dus ook de mondiaal gemiddelde temperatuur- nog heel lang hoger blijven dan die van nature zou zijn geweest. Voor vele duizenden jaren, zoals te zien is in onderstaande figuur. De totale hoeveelheid CO2 die we in de loop van een paar honderd jaar de lucht in brengen zal het klimaat en daarmee het leven op deze planeet voor honderdduizenden jaren beïnvloeden. Als we de mate van opwarming waaraan de aarde voor lange tijd gecommitteerd zal zijn willen beperken, dan moeten we de CO2 uitstoot in een zo vroeg mogelijk stadium reduceren. Hoe langer we emissiereductie uitstellen, hoe sterker die emissiereductie dient te zijn om hetzelfde mitigerende effect op lange termijn opwarming van de aarde te hebben.

Daarom is ‘klimaattraagheid’ zo belangrijk.

zickfeld-2013

Gemodelleerde invloed van vier verschillende CO2 emissiescenario’s (panel a) op de CO2 concentratie in de atmosfeer (panel b) en op de oppervlakte temperatuur van de lucht in vergelijking met het jaar 2000 (paneel c). De CO2-concentratie blijft nog zeer lang verhoogd nadat de CO2-uitstoot is gereduceerd, omdat de lange-termijn ‘sinks’ voor CO2 zeer traag opereren (zie bv IPCC FAQ 6.2 voor een uitleg van deze ‘sinks’, zoals bijvoorbeeld reactie met gesteente). Omdat CO2 het infrarood warmteverlies van de aarde belemmert, zal het nog duizenden jaren warmer blijven dan het was voordat de CO2-concentratie steeg. De temperatuur loopt achter op de CO2-concentratie vanwege de tijd die het kost voor de oceanen om op te warmen. Figuur van Zickfeld et al (2013). 

Zoals ik al eerder schreef: Uitstel van mitigatie maatregelen totdat het water ons aan de lippen staat gaat gepaard met een groot risico, omdat veel veranderingen in het klimaat niet of nauwelijks omkeerbaar zijn op een menselijke tijdschaal. Tegen de tijd dat het probleem merkbaar wordt is het slechts het begin, als gevolg van de traagheid in de verschillende systemen (energiesysteem, koolstofcyclus en klimaatsysteem). Het lastige is dus dat degenen die het probleem veroorzaakt hebben in de beste positie zijn om het op te lossen, maar omdat de meest verregaande gevolgen zich pas veel later zullen voltrekken hebben zij de minste prikkel om er iets aan te doen.

Onlangs kwam de klimaattraagheid wat meer in het nieuws dankzij de journalisten Rolf Schuttenhelm and Stephan Okhuijsen (zie bijv ook De Correspondent, NRC, One World, Down to Earth, het kan Wel). Hun centrale punt was dat we in feite maar een gedeelte zien van de opwarming waaraan we het klimaatsysteem gecommitteerd hebben. De oceanen spelen hier in een belangrijke rol: net als een pan water niet meteen aan de kook slaat als we het fornuis aandoen, duurt het een tijdje voor de oceanen om op te warmen. En omdat er heel veel water in de oceanen zit (de gemiddelde diepte is ongeveer 4 km), duurt dat heel erg lang. Daarnaast zal de afkoelende werking van aerosolen (ook wel fijn stof genoemd, wat zonlicht reflecteert) langzaam afnemen is de verwachting, vanwege maatregelen om luchtverontreiniging tegen te gaan. De catch-22 is dat daarmee de tot dan toe gemaskeerde opwarming tevoorschijn komt.

De immense traagheid van het klimaatsysteem en de implicaties daarvan voor verstandig mitigatiebeleid zijn een ontzettend belangrijk, maar vaak onderbelicht aspect van klimaatverandering.

Update: ClimateInteractive heeft een goede simulatie van hoe de traagheid in de praktijk uitwerkt. Door middel van de schuif onder de grafiek kun je verschillende emissiescenarios kiezen. In de grafieken er boven zie je dan het effect daarvan op respectievelijk de CO2 concentratie, de temperatuur, en de zeespiegel, en hoe de respons gedempt wordt. De zeespiegel reageert zo mogelijk nog trager dan de temperatuur op een verandering in de CO2 concentratie, die op haar beurt weer als een slak reageert op een verandering in emissies.

Een Engelstalige versie van deze blog is te vinden op OurChangingClimate.

Open discussie voorjaar 2016

De eerste drie maanden van 2016 hebben mondiaal records opgeleverd, geen koude maar warme records. Global Warming dus. Zal het gehele jaar 2016 opnieuw een temperatuurrecord brengen of toch niet? Het Met Office meldde eind vorig jaar dat 2016 net zo warm zo niet warmer wordt dan 2015. Gavin Schmidt heeft op twitter onlangs een prognose gegeven voor geheel 2016, gebaseerd op de data van januari t/m maart van dit jaar: “99% chance of an annual record in 2016”.

De GISTEMP prognose volgens de methode van Schmidt levert een temperatuur voor 2016 op die wellicht weer boven het CMIP5 – RCP8.5 modelgemiddelde uitkomt (ref. periode 1986-2005). Ik ben benieuwd, voordat het jaar om is weten we meer :).

O, en de records van dit jaar hebben al geleid tot het bijstellen van y-assen van allerlei grafieken (bijv. hier en hier). Dat betrof naast de temperatuur ook de warmte-inhoud van de oceanen en de zeespiegelstijging.

Hier kunnen de inhoudelijke discussies over klimaatwetenschap en klimaatverandering worden gevoerd of voortgezet, die niet direct betrekking hebben op een specifiek blogstuk.

Open discussie winter 2015 – 2016

Onze vorige open discussie heette “Open discussie voorjaar 2015”. Je zou je door de hoge begin temperatuur van de maand november nog in het voorjaar hebben kunnen wanen, maar nu staat toch echt de winter voor de deur. Tijd dus voor de “Open discussie winter 2015 – 2016”. Met die 16 zitten we volgend jaar ook nog goed :).

De afgelopen tijd staat het klimaat en de klimaatwetenschap volop in de belangstelling. De klimaattop die maandag 30 november in Parijs van start gaat heeft daar absoluut aan bijgedragen. Daarnaast levert 2015 vrijwel zeker een nieuw record op qua mondiale oppervlaktetemperatuur, zie de KNMI grafiek hieronder. 2015 zal waarschijnlijk ook het laatste jaar in een lange tijd zijn dat de jaargemiddelde CO2 concentratie lager zal zijn dan 400 ppm. Voer voor discussie te over lijkt ons zo.


De hoogste decadegemiddelde temperatuur in De Bilt voor de eerste twee decaden van november. Bron: Weergegevens.nl.


Waargenomen jaargemiddelde temperatuurafwijking (rood) en schatting van de invloed van de mens (paars) en de totale invloed inclusief vulkaanuitbarstingen en variaties in zonnestraling (blauw) (bron: KNMI)

Hier kunnen de inhoudelijke discussies over klimaatwetenschap en klimaatverandering worden gevoerd of voortgezet, die niet direct betrekking hebben op een specifiek blogstuk.