Tagarchief: Marcel Crok

Stropop, cherry-pick, ad ignorantiam: een retorisch standaardrecept

In de argumentatie van pseudosceptici komen nogal wat drogredenen voorbij. En er is een vast patroon van drie drogredenen dat heel regelmatig terugkomt. Het kan handig zijn om dat patroon te herkennen. Het patroon gaat als volgt: eerst een stropop, dan een cherry-pick en tenslotte een ad ignorantiam.

De verhalen bij de grafiekjes van Baudet volgen steeds weer dat patroon. Dat is goed te zien in de toelichting op die grafieken van de hand van Marcel Crok, die inmiddels op de site van het FvD is verschenen. Een weerlegging van onze kritiek op die grafieken is het allerminst. Het is eerder een herhaling van de onwetenschappelijke retoriek waar we op wezen. Retoriek die steeds weer als volgt is opgezet.

Stropop. Dit is een verzonnen “alarmistische” claim, die zonder bronvermelding, meer of minder expliciet wordt gepresenteerd. De suggestie is dat die claim een algemeen geaccepteerd en belangrijk onderdeel is van de wetenschappelijke kennis over de menselijke invloed op het klimaat. In werkelijkheid is het in het beste geval een van alle nuances ontdane karikatuur van wat de wetenschap zegt en in het slechtste geval een bewering die maar bar weinig met de echte wetenschap te maken heeft. Veel voorkomend voorbeeld: de verwachting van iets dat in de loop van deze eeuw zou kunnen gebeuren wordt gepresenteerd als een voorspelling die nu al waarneembaar zou moeten zijn.

Cherry-pick. Uit alle beschikbare wetenschappelijke literatuur en data wordt precies dat ene stukje gepikt dat het meest in tegenspraak is met de stropop. Alle andere beschikbare kennis en informatie wordt simpelweg genegeerd.

Ad ignorantiam. Dat de stropop niet bevestigd wordt door de cherry-pick wordt gepresenteerd als hard bewijs dat er niets aan de hand is, of als bewijs van het tegenovergestelde van de stropop. Terwijl het simpele feit dat iets niet bewezen wordt in een bepaald onderzoek natuurlijk niet automatisch betekent dat het uitgesloten kan worden. Ofwel: afwezigheid van bewijs is geen bewijs van afwezigheid.

De truc wordt steevast uitgehaald met onderwerpen waarover veel onzekerheid is. Omdat ze moeilijk te meten zijn, of omdat de variabiliteit groot is, of omdat het gebeurtenissen zijn die zelden voorkomen, bijvoorbeeld. De cascade van drogredenen wordt gebruikt om die onzekerheid één kant op te redeneren. Terwijl er in werkelijkheid twee kanten aan onzekerheid zitten: het kan mee- en het kan tegenvallen.

De individuele beweringen in zo’n redenering zijn op zich vaak niet onwaar, maar de conclusie die er (impliciet of expliciet) uit wordt getrokken is vaak wel misleidend en in strijd met de wetenschappelijke logica. Retorisch is het misschien handig, maar wetenschappelijk is het waardeloos.

Advertenties

Reactie op Marcel Crok’s stuk in Elsevier: klimaatbeleid is haalbaar, betaalbaar en zinvol

Door Bart Strengers, Planbureau van de Leefomgeving.

Elsevier heeft het klimaat volledig omarmd als onderwerp om zich op te profileren. En met Marcel Crok heeft de redactie een ‘waardig’ opvolger gevonden van Simon Roozendaal, die onlangs met pensioen is gegaan. Nu het klimaatbeleid in binnen- en buitenland steeds meer vorm begint aan te nemen zien we dat ‘klimaatsceptici’ en de politieke partijen die klimaatverandering als onzin afdoen, steeds meer de aanval openen op het klimaatbeleid en de vermeende torenhoge kosten die daarmee gemoeid zouden zijn. Of zoals deze week op de knalgele cover van Elsevier Weekblad in dikke zwarte en rode letters werd verkondigd:

Het artikel kwam uiteraard uit de koker van Marcel Crok, die dit soort uitspraken ook al deed in een recente hoorzitting in de tweede kamer over de kosten en baten van een eventuele klimaatwet. De hoorzitting was aangevraagd door Thierry Baudet van het Forum voor Democratie, die al jaren gretig gebruik maakt van zijn ‘klimaatkennis’. Je kunt rustig stellen dat Crok inmiddels zijn voornaamste adviseur is op dit dossier.

Overigens vind ik het een duidelijke vooruitgang dat ‘klimaatsceptici’ zich meer lijken te gaan richten op klimaatbeleid en de kosten daarvan. Een discussie daarover hoort veel meer thuis in het politieke debat dan een discussie over de klimaatwetenschap. Als het gaat over kosten is het immers belangrijk dat we die zo laag mogelijk proberen te houden en dat de rekening op een eerlijke wijze wordt verdeeld over de verschillende groepen in de samenleving. En die verdeling is (deels) een politieke keuze.

Maar terug naar het artikel: legt Crok inderdaad uit waarom het klimaatdoel (te weten 49% emissiereductie in 2030 ten opzichte van 1990) onhaalbaar en onbetaalbaar zou zijn? Het korte antwoord is: nee, zijn betoog is een aaneenschakeling van ‘cherry picking’, ‘jumping to conclusions’ en suggestieve vaagheden die vooral tot doel lijken te hebben de polarisatie in het kostendebat aan te wakkeren en het voeden van een politieke agenda.
Lees verder

De inbreng van De Lange en Crok voor een rondetafelgesprek van de vaste commissie voor Economische Zaken en Klimaat

Op 31 oktober vond er een rondetafelgesprek plaats bij de Vaste Commissie van Economische Zaken en Klimaat. Daarbij waren enkele mensen – Kees de Lange, Marcel Crok en Fred Udo – aanwezig die de wetenschappelijke inzichten over klimaatverandering geheel of ten dele in twijfel trekken. Hierover hebben een aantal wetenschappers via een brief aan de leden van de Commissie hun zorgen geuit. Deze brief is integraal opgenomen in een vorig blogstuk:
Oproep van klimaatwetenschappers tbv hoorzitting VC-EZK “kosten en baten van de voorgenomen klimaatwet”: baseer beleidsdiscussie op wetenschappelijke inzichten

Voor het rondetafelgesprek zijn diverse zogenaamde position papers ingediend. De meeste gaan over klimaatbeleid, maar Kees de Lange gebruikt zijn inbreng echter om veel tenenkrommende onzin over klimaatwetenschap en haar bevindingen te bezigen. In dit soort politieke hoorzittingen dient beleid besproken te worden, het zijn geen fora waar dolle, niet-onderbouwde meningen over de wetenschap thuishoren. De stand van zaken in de klimaatwetenschap wordt keurig samengevat door het IPCC door vele wetenschappers en is gebaseerd op duizenden wetenschappelijke artikelen. Dat biedt een prima en onderbouwde ondergrond voor een discussie over klimaatbeleid.
Hieronder gaan we in detail in op de inhoud van het stuk van Kees de Lange en eindig ik met enkele opmerkingen over de inbreng van Marcel Crok.
Waarschuwing vooraf: Het is al met al een lang verhaal geworden en voor onze trouwe lezers zal veel ervan bekend voorkomen.

Position paper van Kees de Lange

Het eerste wat opvalt aan het stuk van Kees de Lange is dat er maar één referentie in staat en dat betreft een uitleg over zijn eigen persoon. Wetenschappelijke referenties ontbreken volledig. Het lijkt me toch dat De Lange in zijn wetenschappelijke carrière daar anders mee omging. Het kan natuurlijk zijn dat De Lange niet ingelezen is in de wetenschappelijke literatuur over klimaatverandering en gezien zijn teksten lijkt dat het geval te zijn. Hieronder gaan we in op enkele zaken waar hij de plank nogal misslaat.
Lees verder

Oproep van klimaatwetenschappers tbv hoorzitting VC-EZK “kosten en baten van de voorgenomen klimaatwet”: baseer beleidsdiscussie op wetenschappelijke inzichten

Vandaag vindt een hoorzitting plaats van de Vaste Commissie (VC) Economische Zaken en Klimaat over “kosten en baten van de voorgenomen klimaatwet“, welke plaats vindt op initiatief van Thierry Baudet. Een aantal klimaatwetenschappers, waaronder ik, stuurde gisteren een brief aan de VC leden om onze zorgen te uiten over de mate waarin allang ontkrachte argumenten, die niet overeen komen met de huidige stand van de wetenschap, gehoor vinden bij de commissie. Deze brief is hieronder integraal weergegeven:

 

Aan de leden en plv-leden van de VC Economische Zaken en Klimaat, 30 oktober 2018

Geachte dames en heren,

Op 31 oktober houdt u een hoorzitting over de kosten en baten van de voorgenomen klimaatwet. De voor- en nadelen van klimaatbeleid tegen elkaar afwegen is een politieke vraag waar de klimaatwetenschap geen oordeel over velt. Het is wel van groot belang dat die discussie over het beleid wordt gevoerd op basis van inzichten vanuit de wetenschap. De beste leidraad voor die wetenschappelijke inzichten zijn de internationale rapporten van bijv het IPCC [1] en de nationale rapporten vanuit KNMI en PBL [2]. Deze rapporten zijn stevig gestoeld op de peer-reviewed wetenschappelijke literatuur en geven daarmee goed de huidige kennisbasis weer.

Dat laat onverlet dat er mensen zijn, veelal geen klimaatwetenschappers, die deze kennisbasis geheel of ten dele in twijfel trekken. Voor zover zij die inzichten niet in de  wetenschappelijke fora hebben laten toetsen (door middel van peer-review) zijn deze echter weinig relevant voor de beleidsdiscussie. Enkele genodigde bij de hoorzitting vallen in deze categorie: de heren de Lange, Udo en Crok hebben een afwijzende houding tegenover de conclusie van de klimaatwetenschap. De argumenten die zij daarvoor aandragen zijn niet gebaseerd op wetenschappelijke studies (of op een enkel grijs rapport) en kunnen derhalve de toets der wetenschappelijke kritiek niet doorstaan, zie enkele voorbeelden hieronder.

Op basis van decennialang internationaal onderzoek is het nu evident dat de menselijke uitstoot van broeikasgassen het klimaat veranderen [3]. Deze conclusie is binnen de klimaatwetenschappelijke gemeenschap onomstreden [4] en gebaseerd op meerdere, onafhankelijke ‘lines of evidence’: basale natuurkunde zoals bekend sinds de 19de eeuw; de studie van klimaatveranderingen in het verre verleden waarbij CO2 vaak een sleutelrol vervulde; specifieke vingerafdrukken die ondubbelzinnig wijzen op de dominante rol van broeikasgassen in de huidige opwarming; en klimaatmodellen, die de waargenomen opwarming alleen goed kunnen simuleren als de door mensen veroorzaakte emissies worden meegenomen.

Wetenschappelijke studies aangaande kosten en baten van klimaatbeleid kennen inmiddels ook een lange traditie en laten een wisselend beeld zien, afhankelijk van de aannames die men hanteert. Dit was ook de conclusie van een recente overzichtsstudie in het wetenschappelijk tijdschrift ‘Global Environmental Change’ van afgelopen augustus door medewerkers van het PBL: ‘Analysing the costs and benefits of climate policy: Value judgements and scientific uncertainties’ [5].

Als er een toelichting op de wetenschappelijke kennis nodig is kunt U die te allen tijde van ons krijgen of de KNAW hiertoe verzoeken.

Met vriendelijke groet,

Prof. Dr. A. Sluijs (Hoogleraar Paleo-oceanografie, UU),

Dr. Ir. B. Verheggen (Universitair docent aard- en klimaatwetenschappen, Amsterdam University College),

Prof. Dr. A.A.M. Holtslag, (Hoogleraar Meteorologie, Wageningen University),

Dr. J. van Huissteden (Universitair Hoofddocent afd. Aardwetenschappen, Faculteit der Bètawetenschappen VU). Lees verder

De vreselijke opwarming

Heet, heel heet is het nu in mijn woonplaats. Al weken temperaturen boven de 25 graden en regelmatig tropische waarden boven de 30 graden. De toetsen van mijn toetsenbord voelen boterzacht en plakkerig aan en buiten in mijn tuin is bruin de overheersende kleurtint. Hoezo CO2 is goed voor de plantjes? Nee, dan was het zo’n tien jaar geleden véél beter. Volgens sommige mensen was de opwarming van de aarde toen gestopt, want het was al tien jaar niet meer warmer geworden. Die “niets aan de hand” verhaaltjes kwamen prettig over. De klimaatsceptici waren er destijds vrij duidelijk over, aan de theorie achter het broeikaseffect zat een afkoelend luchtje. Zo schreef Hans Labohm op een NOS weblog in 2009 (zie ook de vlijmscherpe respons van Gerrit Hiemstra hier):

“De gemiddelde wereldtemperatuur is de laatste tien jaar namelijk gedaald, terwijl de CO2–concentratie in de atmosfeer nog steeds stijgt. Dit is in strijd met de uitkomsten van alle klimaatmodellen.”

En in het boek van Marcel Crok (zie ook hier), gepubliceerd in 2010, kon je onder meer het volgende lezen:

“De stagnatie van de mondiale temperatuur in de afgelopen tien jaar speelt de broeikastheorie ook niet bepaald in de kaart.”

Al die wetenschappers die al decennialang zo ongeveer hetzelfde verhaal vertelden, zaten er blijkbaar naast. Op basis van tien jaar aan data moesten de theorieën en vooral de modellen herzien worden volgens deze “klimaatcritici”; in ieder geval mocht de overheid geen centje meer aan mitigatie uitgeven.

Inmiddels zijn we zo’n tien jaar verder, een goede reden voor een update van enkele analyses gebruik makend van de methoden van de korte-termijn-klimatologie. De grafiek hieronder van de NASA GISTEMP dataset vanaf 2008 laat een mondiale opwarming van 0,40 °C per decennium zien. Dat is dus maar liefst 4 graden per eeuw. Hans Labohm vraagt zich zo af en toe af wanneer die vreselijke opwarming nu eindelijk komt, nou blijkbaar is het inmiddels zover!


Lees verder

Marcel Crok’s afwijzende houding tegenover de klimaatwetenschap onder de loep genomen

In de Volkskrant van zaterdag 24 Februari stond een groot interview met klimaatscepticus Marcel Crok, als roepende in de woestijn, geweerd door de media. Toch vrij ironisch als je bedenkt dat Crok de vele aandacht die hij krijgt juist te danken heeft aan zijn afwijzende houding tegenover de klimaatwetenschap. Als hij gewoon de mainstream wetenschappelijke inzichten zou vertolken, zou hij veel minder aanwezig zijn in het maatschappelijke debat.

Crok doet voorkomen alsof de klimaatwetenschap “uitgaat van modellen en niet van observaties”. Daarmee projecteert hij zijn eigen onwetenschappelijke opstelling – één bewijscategorie als zaligmakend beschouwen en de rest volledig terzijde schuiven – op de wetenschap. Ten onrechte, want de wetenschap kijkt juist naar alle bewijscategorieën. En als er verschillen zijn is dat geen reden om het bewijs dat niet in het eigen straatje past terzijde te schuiven. Wetenschappers gaan dan op zoek naar verklaringen om op die manier meer inzicht te vergaren in de werking van het klimaatsysteem.

Crok werpt zich op als strijder voor de nuance, maar wellicht alleen als hij de nuance retorisch zó kan ombuigen dat die een bepaalde richting op wijst: dat het allemaal wel mee valt. Dat is echter niet hoe de wetenschap werkt. Dat de meeste wetenschappers, getraind in het kritisch beoordelen van inhoudelijke argumenten, niet zo veel op hebben met Crok’s kromme redenatie is dan ook niet verwonderlijk.

In tegenstelling tot wat Crok beweert komen modellen en metingen goed met elkaar overeen, tenzij je appels met peren vergelijkt. Zo moeten de observaties en de modellen natuurlijk wel representatief zijn voor dezelfde grootheid. De observaties zijn echter een combinatie van zeewatertemperatuur en luchttemperatuur, terwijl de modeldata doorgaans gebaseerd zijn op alleen de luchttemperatuur, en lucht warmt nu eenmaal sneller op dan water. Daarnaast mist een groot gedeelte van het snel opwarmende noordpoolgebied in de metingen, wat ervoor zorgt dat de mondiale opwarming aan het aardoppervlak wordt onderschat. Neem je deze en andere relevante factoren in beschouwing, zoals in de wetenschap natuurlijk hoort te gebeuren, dan blijken de modellen en metingen zeer goed met elkaar overeen te komen, zoals uit onderstaande figuur blijkt.

Vergelijking tussen geobserveerde en gemodelleerde opwarming, waarbij rekening is gehouden met recente gegevens over de hoeveelheid broeikasgassen, aerosolen en zonnesterkte. Observaties en modeldata zijn in dit geval beiden gebaseerd op zeewatertemperatuur (Mann et al., 2016).

Een belangrijke vraag in de klimaatwetenschap is hoeveel de aarde uiteindelijk zou opwarmen als gevolg van een bepaalde toename van de CO2-concentratie of een vergelijkbare verandering in de energiebalans van de aarde. Dit is de zogenaamde klimaatgevoeligheid. De opwarming die we in bijvoorbeeld het jaar 2100 kunnen verwachten hangt dus af van enerzijds onze emissies (van broeikasgassen en aerosolen) en anderzijds van de klimaatgevoeligheid. Natuurlijke factoren zoals veranderingen in de zon en vulkanisme leggen op deze tijdschaal veel minder gewicht in de schaal.

De klimaatgevoeligheid kan niet direct uit metingen bepaald worden; er is altijd een modelmatige benadering nodig. Toch probeert Crok ook hier een tweedeling te maken tussen enerzijds een inschatting op basis van observaties (waarbij dus nog steeds een model nodig is), en anderzijds een inschatting op basis van klimaatmodellen. Die tweedeling is echter lang niet zo zwart-wit als de zogenaamd genuanceerde Crok stelt, en bovendien kijkt de wetenschap –in tegenstelling tot Crok- naar het hele plaatje.

Hieronder ga ik wat dieper in op recente wetenschappelijke inzichten en technische details over de klimaatgevoeligheid, met name de redenen waarom  verschillende methoden tot een iets andere uitkomst leken te leiden. Dit zijn deels dezelfde redenen als hierboven aangegeven: appels werden met peren vergeleken. Veel van de argumenten zijn al vaker op dit blog besproken (bijvoorbeeld hier, hier, hier, hier, hier, hier, hier) al lijkt inhoudelijke kritiek door Marcel meestal te worden genegeerd.

Lees verder

Klimaatdebat bij RTL Z: wetenschappelijk gefundeerd realisme en gecherrypickte meningen

Roderick Veelo van RTL Z heeft onlangs twee mensen geïnterviewd over het klimaat, klimaatwetenschapper Bart Strengers (Planbureau voor de Leefomgeving) en wetenschapsjournalist Marcel Crok. Twee mensen met een nogal verschillende kijk op de oorzaken en gevolgen van de huidige klimaatverandering. Zucht, altijd maar weer die 1 op 1 opstelling. Dat dit geen recht doet aan de verhouding binnen de klimaatwetenschap zal eenieder inmiddels wel duidelijk zijn. De eerste twee interviews bestonden uit gesprekken met Bart Strengers en Marcel Crok afzonderlijk, deze hebben we hier eerder besproken in: Klimaatgesprekken bij RTL Z.
Het derde interview was een tweegesprek tussen de twee heren:

Moet een wetenschapper een discussie als deze nu wel of niet aangaan? De meningen zijn daarover verdeeld. Sommigen beginnen er niet aan, onder meer vanwege het risico op een “false balance”. De indruk kan ontstaan dat er twee gelijkwaardige wetenschappelijke opvattingen tegenover elkaar staan en dat de waarheid wel ergens in het midden zal liggen. De realiteit is dat Bart Strengers het volledige beeld van de wetenschap meeneemt in zijn argumentatie, terwijl Marcel Crok heel selectief elementjes uit de wetenschap plukt en daar soms nog een onwetenschappelijke draai aan geeft om bij het gewenste antwoord uit te komen. Aan de andere kant kunnen wetenschappers zo’n onzorgvuldige of zelfs onjuiste weergave van hun vakgebied natuurlijk niet onweersproken laten. En dat is een goede reden om het debat juist wel aan te gaan. We hebben Bart Strengers gevraagd naar zijn reden om deze keer mee te doen aan de discussie. Dit was zijn antwoord:
Lees verder